Hoofdmenu openen

Daphne Caruana Galizia

Maltese journalist, schrijver en anti-corruptie-activist

Daphne Anne Caruana Galizia (geboortenaam Vella; 26 augustus 1964 – 16 oktober 2017) was een Maltese journaliste, schrijfster, en anti-corruptie-activiste, die verslag uitbracht over politieke gebeurtenissen in Malta.[1][2] Zij legde zich vooral toe op onderzoeksjournalistiek inzake regeringscorruptie, nepotisme, patronage, beschuldigingen van witwaspraktijken, de relaties tussen de Maltese online gokindustrie en de georganiseerde misdaad, paspoortzwendel, en geldtransfers van de regering van Azerbeidzjan. In 2016 en 2017 deed zij controversiële onthullingen van en verdenkingen op een aantal Maltese politici, naar aanleiding van het Panama Papers-schandaal. Haar kritiek betrof onder meer premier Joseph Muscat, lid van de sociaaldemocratische Malta Labour Party.[3]

Daphne Caruana Galizia
Porträt of Daphne Caruana Galizia (cropped).jpg
Algemene informatie
Volledige naam Daphne Anne Caruana Galizia
Geboortenaam Vella
Geboren 26 augustus 1964
Overleden Bidnija (Mosta), Malta, 16 oktober 2017
Nationaliteit Maltees
Beroep journalist
Overig
Politiek anti-corruptie

Galizia bouwde een nationale en internationale reputatie op met haar verslagen, die ze publiceerde op een blog, en als columniste voor de Times of Malta en The Malta Independent. Zij werd het mikpunt van intimidatie, bedreigingen en aanklachten, en werd minstens tweemaal gearresteerd.

Op 16 oktober 2017 stierf Caruana Galizia door een aanslag met een autobom, niet ver van haar woonplaats. De aanval lokte plaatselijk en internationaal heel wat reacties uit.[1] In december 2017 werden drie mannen gearresteerd in verband met de moordaanslag.

Haar onderzoekswerk werd voortgezet binnen The Daphne Project van de Organized Crime and Corruption Reporting Project (OCCRP), een NGO van onderzoeksjournalisten, die vanaf 17 april 2018 begon te publiceren.[4]

Op 2 mei 2018 ontving Galizia postuum de Difference Day Honorary Title for Freedom of Expression-prijs van de Brusselse universiteiten VUB en ULB, uitgereikt naar aanleiding van de Internationale Dag van de Persvrijheid op 3 mei. Andrew Caruana Galizia, een van Galizia’s drie zoons,[5] nam de prijs in ontvangst.[6]

Een boek over Daphne Caruana Galizia, getiteld Invicta: The Life and Work of Daphne Caruana Galizia, werd gepubliceerd door The Pertinent Press (Oxford).[7]

OnderzoekBewerken

Tweede Kamerlid namens het CDA Pieter Omtzigt is door de Raad van Europa benoemd tot bijzonder rapporteur in een onderzoek naar de moordzaak van Daphne Caruana Galizia.[8] Hij gaat met zijn onderzoek na of het moordonderzoek in Malta wel eerlijk verloopt.[9] In een eerste onderzoeksrapport constateerde hij dat zowel de rechtsstaat van Malta als het verloop van het moordonderzoek veel gebreken vertoont. Er is sprake van belangenverstrengeling in topposities die ook premier Joseph Muscat betreffen[10], en van financiële malversaties[9]. Manuel Mallia, de Malteze afgevaardigde in de Raad van Europa en partijgenoot van premier Joseph Muscat, wilde Omtzigt van het onderzoek af halen. De Maltese regering was teleurgesteld dat dit niet is gelukt.[9]

Het bestuur van de Culturele Hoofdstad Leeuwarden-Friesland 2018 verbrak in april 2018 de relaties met het bestuur van het zusterproject in Malta, Valetta2018. Zij deden dit in navolging van Ulrich Fuchs, die als jurylid had meegestemd welke steden Culturele Hoofdstad van Europa zouden worden. Politieke uitspraken over Caruana Galiza en haar medestanders, geuit door de voorzitter van de raad van toezicht van Valletta2018 Jason Micallef, zetten hem daartoe aan.[11] Micallef is ertegen om een monument voor Caruana Galiza op te richten[12] en liet kritische spandoeken verwijderen.[13]

Tijdens de Culturele Hoofdstad Leeuwarden-Friesland 2018 heeft provinciedichter van Friesland, Eeltsje Hettinga uit Leeuwarden, een gedicht geschreven naar aanleiding van de moordaanslag.[14] Pieter Omtzigt had de organisatie van de Nederlandse Culturele Hoofdstad aangespoord om meer van zich te laten horen over de kwestie.

Pieter Omtzigt heeft twee jaar voor zijn onderzoek. De uitkomsten van het onderzoek zal na die tijd als eindrapport worden gepresenteerd in de centrale vergaderzaal van de Raad van Europa, in Straatsburg.[15]