Bartholomeusnacht

De Bartholomeusnacht of (Parijse) bloedbruiloft[1] was een massale moordpartij door katholieken op hugenoten (Franse calvinisten) die begon te Parijs in de nacht van 23 op 24 augustus 1572. De slachting duurde drie dagen en verspreidde zich in de loop van de daaropvolgende maanden als een golf over heel Frankrijk, waarbij uiteindelijk tussen de 5.000 en 30.000 hugenoten de dood zouden vinden. Mede op basis van betalingen aan Parijse grafdelvers is de schatting vernauwd tot 2.000 à 3.000 doden in Parijs en minstens 7.000 à 8.000 in de provincies.[2]

De Bartholomeusnacht van François Dubois, ca. 1572-1584 (Musée cantonal des Beaux-Arts, Lausanne)
De Bartholomeusnacht door Giorgio Vasari (1572-1573)

AchtergrondBewerken

Na de eerste drie Hugenotenoorlogen hadden de Franse protestanten door de Vrede van Saint-Germain-en-Laye een zekere mate van tolerantie bekomen. In hun midden groeiden in 1572 antimonarchale overtuigingen. De spanningen die daaruit voortvloeiden werden versterkt door oorlogsdreiging, toen Lodewijk van Nassau tijdens Oranjes tweede invasie bij verrassing de Spaanse Nederlanden binnenviel vanuit Frankrijk, en hij Valenciennes en Mons veroverde. De groeiende invloed van de protestantenleider Gaspard de Coligny aan het hof en de daaruit voortvloeiende verzoening tussen koningschap en protestantisme, leidde op 18 augustus tot de sluiting van een huwelijk tussen de protestantse leider Hendrik van Navarra (de latere Hendrik IV) en Margaretha, jongere zuster van koning Karel IX. De hele protestantse adel was voor deze bruiloft naar het katholieke Parijs gereisd en de voornaamste leden bleven nadien nog in de stad om besprekingen te voeren met de koning. Op 22 augustus werd een aanslag gepleegd op admiraal de Coligny. De aanslag mislukte en Coligny raakte lichtgewond, maar de gebeurtenis gaf aanleiding tot verhitte gemoederen in beide kampen.

Bartholomeusnacht en gevolgenBewerken

Uit angst voor wraak van de hugenoten haalden Catharina de' Medici (moeder van de bruid en van de koning) en de radicaal-katholieke Hendrik I van Guise koning Karel IX over tot het executeren van de leiders van de protestantse factie.[3] Hendrik van Guise stelde zich aan het hoofd van een troep bestaande uit Zwitserse gardisten van de koning en lijfwachten van de hertog van Anjou. Zij vermoordden in de nacht van 23 op 24 augustus 1572 een twintigtal hooggeplaatste protestanten, onder wie admiraal de Coligny. Daarna brak in Parijs een lynchpartij uit waarbij protestanten in de hele stad werden opgejaagd en uitgemoord, vaak met de hulp van de stadsmilities. De daders waren over het algemeen notabele burgers die hun slachtoffers kenden. De slachting duurde enkele dagen. Sommige bronnen geven aan dat Karel IX, geschrokken van de escalatie, nog geprobeerd heeft de excessen een halt toe te roepen, maar dat mocht hoe dan ook niet meer baten. In Parijs werden drieduizend hugenoten vermoord.[4]

De golf van geweld verspreidde zich tijdens de volgende maanden doorheen heel Frankrijk. Zoals in 1566 nieuws van de Beeldenstorm als katalysator had gefungeerd om geweld te verspreiden door de Nederlanden, gebeurde dat nu in Frankrijk. Slachtingen werden aangericht in La Charité, Meaux, Bourges, Saumur, Angers, Lyon, Troyes, Rouen, Bordeaux, Toulouse en Gaillac. Er is gesteld dat dit op gang werd gebracht door katholieken die (verkeerdelijk) meenden in opdracht van de koning te handelen.[5] In totaal vonden er zeker nog eens 7000 hugenoten de dood. De daders genoten straffeloosheid en maakten in veel gevallen een mooie carrière.[6]

Reactie vanuit RomeBewerken

Na afloop van de Bartholomeusnacht beval paus Gregorius XIII het Te Deum te zingen en een triomfpenning te slaan. De schilder Giorgio Vasari kreeg de opdracht om drie wandschilderingen te maken in het Pauselijk Paleis, in de Sala Regia, als eerbewijs voor de gebeurtenissen in Parijs. Op 11 september 1572 werd op instigatie van de paus een plechtige mis gehouden ter herdenking van de overwinning bij Lepanto en de moord op Coligny.

De pauselijke reactie op de Bartholomeusnacht heeft binnen de geschiedenis van de katholieke kerk altijd als sterk controversieel gegolden, gezien de impliciete goedkeuring voor de slachtpartij die eruit afgeleid zou kunnen worden. De latere officiële lezing vanuit Rome was dat er geen voorkennis was van de slachting en de succesvolle onderdrukking van een moordcomplot op de koning de enige melding van belang, waarvoor de paus zijn dank had willen uitdrukken.

Impact in de NederlandenBewerken

In de opstandige Nederlanden werd het nieuws uit Parijs met grote aandacht gevolgd. Landvoogd Alva gebruikte het om de bezetters van Bergen te demoraliseren, want ze hadden hun hoop gesteld op Coligny en zijn troepen. Lodewijk van Nassau hield het nog drie weken vol en gaf de stad dan over. De vrees dat de Spanjaarden een gelijkaardige slachting zouden aanrichten in de Nederlanden was acuut, maar werd niet bewaarheid.[7]

In een volgende fase lieten de protestanten pamfletten drukken over de gebeurtenis, zoals het Treurliet van Jaspar van Chatillon. De Bartholomeusnacht was een referentiepunt dat werd ingezet als waarschuwing tegen katholieke onbetrouwbaarheid en als argument tegen vredesbesprekingen. Ook in de zeventiende eeuw bleef de gebeurtenis in het collectieve geheugen en blies men het dodental op tot meerdere tienduizenden.

NasleepBewerken

Hendrik van Navarra bekeerde zich noodgedwongen tot het rooms-katholicisme en werd gevangene aan het hof, maar keerde, nadat hij in 1576 was ontsnapt, tot het calvinisme terug. Opnieuw brak een binnenlandse godsdienstoorlog uit die deel uitmaakte van de tientallen jaren durende reeks Hugenotenoorlogen.

In 1598 vaardigde Hendrik van Navarra, die intussen al bijna negen jaar regeerde als Hendrik IV, waarvoor hij echter wel weer katholiek geworden was, het Edict van Nantes uit. Dit verleende de hugenoten het recht op vrije godsdienstuitoefening en maakte een einde aan ruim dertig jaar burgeroorlog. Aan het einde van deze burgeroorlog was het aantal protestanten van 30% tot 10% gedaald.[bron?] Na het neerslaan van nieuwe Hugenotenopstanden vanaf 1621 ontnam kardinaal de Richelieu de hugenoten in 1629 weer een deel van hun rechten. Het Edict van Nantes werd in 1685 met het Edict van Fontainebleau helemaal afgeschaft door koning Lodewijk XIV.

LiteratuurBewerken

  • Philippe Erlanger, De Bartholomeusnacht, 24 augustus 1572, 1987. ISBN 9060455444 (orig. Frans: Le massacre de la Saint-Barthélemy, 1960)
  • Nicola Mary Sutherland, The Massacre of St Bartholomew and the European Conflict, 1559-1572, 1973. ISBN 0064966208
  • Denis Crouzet, La Nuit de la Saint-Barthélemy. Un rêve perdu de la Renaissance, 1994. ISBN 2213592160
  • Jean-Louis Bourgeon, Charles IX devant la Saint-Barthélemy, 1995. ISBN 2600000909
  • Arlette Jouanna, La Saint-Barthélemy. Les mystères d'un crime d'état, 24 août 1572, 2007. ISBN 2070771024
  • Barbara B. Diefendorf, The Saint Bartholomew's Day Massacre. A Brief History With Documents, 2008. ISBN 0312413602
  • Jérémie Foa, Tous ceux qui tombent. Visages du massacre de la Saint-Barthélemy, 2021. ISBN 2348057883
Mediabestanden die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina St. Bartholomew's Day massacre op Wikimedia Commons.