Hoofdmenu openen

Vorming van eupolyploïden
en diploïdisatie

directe voorouder
 diploïde genoom: ZZ 
soortvorming of speciatie (evolutie)
diploïde soort A
genoom: AA
diploïde soort B
genoom: BB
 ↙
  autopoly-
ploïdie
bastaar-
dering
autopoly-
ploïdie
↓ 
autotetraploïde
AAAA
hybride
AB
autotetraploïde
BB
 ↘
bastaardering hybridogene
polyploïdie
 
triploïde
AAA
amfidiploïde
AABB
diploïdisatie diploïdisatie diploïdisatie
diploïde soort
AA
diploïde soort
AB
diploïde
BB
schema van boven naar beneden lezen

Amfidiploïde planten hebben door een mutatie het volledige dubbele genoom (tetraploïde) van twee verschillende oudersoorten. Het zijn dus alloploïde organismen. Ze gedragen zich vaak weer als normale diploïde planten.

Een voorbeeld van een allotetraploïd is koolzaad (Brassica napus) met 38 chromosomen dat ontstaan is uit kool (Brassica oleracea) met 18 en Chinese kool (Brassica campestris) met 20 chromosomen. Bij een autoploïde plant zijn de chromosomen van één soort afkomstig.