Hoofdmenu openen

Willem Cornelisz Backer

Nederlands politicus (1595-1652)
Werk aan de winkel Dit artikel staat op een nalooplijst. Als je de inhoud op verifieerbaarheid gecontroleerd hebt, kun je dit sjabloon verwijderen. Bekijk ook de bewerkingsgeschiedenis om te zien of anderen hier al aan gewerkt hebben.
Willem Backer, door Anthonie Palamedesz

Willem Cornelisz Backer (1595 - 5 oktober 1652), lid van de familie Backer, was de zoon van Cornelis Jorisz en Grietje Backer. Hij was luitenant der schutterij en burgemeester van Amsterdam in 1639, 1642, 1645, 1647 en 1651. Backer was eveneens bewindhebber van de Vereenigde Oostindische Compagnie en ridder van St. Marcus.

Backer groeide op in Amsterdam. Zijn vader was haringkoper op de Nieuwendijk. Backer werd lid van de schutterij en deed in 1623 met zijn vaandel mee aan de verdediging van Zwolle.

In 1627 trouwde hij met Bregitta Spiegel. Van zijn schoonouders erfde hij naast een vermogen ook het huis Nuyssenburch in Overveen.

Zijn werkBewerken

 
Willem Backer, door een onbekende schilder

In 1625 kwam Backer in de vroedschap, die uit 36 personen bestond. Hij sloot zich aan bij de calvinisten, die onder leiding stond van Reinier Pauw.

De gereformeerde Backer was o.a.:

  • Commissaris van Huwelijkse Zaken, 1624 - 1629
  • Commissaris van de Grote Accijnzen, 1629 - 1630
  • Rekenmeester, 1632
  • Commissaris van Kleine Zaken, 1634 - 1635
  • Curator van het Athenaeum Illustre, 1636
  • Weesmeester, 1640, 1643, 1646
  • Thesaurier Ordinaris, 1641, 1644, 1652

In 1639 werd hij voor de eerste keer burgemeester. In de 17de eeuw steunde het burgemeesterschap van Amsterdam op een privilege uit 1400, door hertog Albrecht verleend. Hierbij werd de jaarlijkse keuze van de vier hoogste machthebbers van de stad geregeld, zodat het gezag der Republiek hier geen enkele invloed op had. Ook handhaafden zij de orde. Negen schepenen waren met de rechtspraak belast, maar de burgemeester moest instemmen met een doodvonnis. Ook was de burgemeester belast met de benoeming van bestuurscolleges.

Nieuwe kerkBewerken

Backer maakte deel uit van de Commissie van Toezicht die zich bezighield met de herbouw van de Nieuwe kerk, die op 11 januari 1645 door brand was verwoest. De bouw startte in mei 1646, toen Cornelis de Graeff burgemeester was. Na allerlei voorbereidingen werd op 27 augustus de eerste paal geslagen. Heien gebeurde in die tijd met de hand. Een blok hout van 600 kg werd daartoe aan kabels opgehesen. Een half jaar later werd besloten een ijzeren hei te gebruiken die 100 kg zwaarder was. Op 20 juni 1647 werd de eerste steen gelegd door Backers 14-jarige zoon Cornelis. Op 14 mei 1648 werd de kerk in gebruik genomen, kort na de Vrede van Munster, maar de kerktoren is nooit voltooid.

StadhuisBewerken

Het stadhuis was bij de grote stadsbrand van 1452 verwoest en daarna weer opgebouwd. Het ligt op de Dam, omringd door kleine straatjes. Die straatjes werd verwijderd en op 20 januari 1648 werd met het heien van 13.659 palen voor een nieuw stadhuis gestart. De eerste steen van het nieuwe stadhuis werd op 29 oktober gelegd. Op 7 juli 1652 werd het oude stadhuis door brand verwoest, precies 200 jaar na de vorige brand. Hierdoor kon Jacob van Campen zijn ontwerp aanpassen en het nieuwe stadhuis werd groter dan voorzien. In 1655 was het stadhuis klaar.

In 1647 werd Backer door Francisco Molino, doge van Venetië, benoemd tot Ridder van Sint-Marcus.

Backer overleed in 1652 en zijn zwager Gerard Schaep volgde hem als leider van de kerkelijke fractie op.

Zie ookBewerken