Hoofdmenu openen

Tom Poes en het klerenkoffertje

stripverhaal

Tom Poes en het klerenkoffertje is een ballonstripverhaal uit de Tom Poes-reeks. Het is twee keer als vervolgverhaal in de Donald Duck verschenen, de eerste keer in 1956 (het was toen het tweede Tom Poes-verhaal in dit blad) en later in een verkorte versie nog eens in 1984. Bij Oberon verscheen het verhaal in 1985 in albumvorm, met volgnummer 32.

Tom Poes en het klerenkoffertje
Stripreeks Tom Poes
Volgnummer 32
Scenario Marten Toonder
Tekeningen Marten Toonder
Type Softcover
Eerste druk 1985
Uitgever Oberon (1985)
Lijst van verhalen van Heer Bommel en Tom Poes
Portaal  Portaalicoon   Strip

VerhaalBewerken

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Als Tom Poes en Heer Bommel samen een wandeling maken, worden ze door een onweer overvallen. Ze schuilen in een grot, waar ze een vuur aansteken om het wat warmer te krijgen. Dan verschijnt er een vreemd mannetje in de grot dat het vuur weer uittrapt. Het blijkt een marskramer te zijn en hij heeft een koffertje bij zich met daarin allerlei historische kledingstukken. De marskramer verkoopt Heer Bommel een koningsmantel. Heer Bommel trekt de mantel aan en is dan ineens verdwenen. De marskramer vertelt aan Tom Poes dat zijn vriend nu koning is in het tijdperk waar de mantel uit dateerde (ca. de 17e eeuw).

Even later is Tom Poes dankzij een ander kledingstuk van de marskramer in ditzelfde tijdperk. Hij zoekt heer Bommel op, die zich inmiddels als koning nogal impopulair heeft gemaakt door alle belastingen te verhogen. Er komt een volksopstand en Tom Poes en Heer Bommel kunnen maar net ontsnappen. Ze komen weer iemand tegen met het klerenkoffertje, die een voorouder van de marskramer in de grot blijkt te zijn. Hij verkoopt hun Romeinse kledingstukken en even later zijn ze hierdoor in de Romeinse tijd.

Heer Bommel is nu Romeins keizer, maar het blijkt allemaal niet zo rooskleurig als het lijkt; twee verraders proberen herhaaldelijk een aanslag op zijn leven te plegen. Tom Poes weet dit te verhinderen. Uiteindelijk ontsnappen ze en komen weer een voorouder van de marskramer tegen die het klerenkoffertje bij zich heeft. Hij verkoopt hun een stel kleren uit het Oude Egypte.

Heer Bommel is hier nu bouwmeester en moet een piramide bouwen voor de farao. De piramide stort echter in, waarop de farao besluit dat Heer Bommel zich heeft gediskwalificeerd en aan de krokodil gevoerd mag worden. Tom Poes en heer Bommel vluchten over de Nijl, terwijl de farao met zijn leger en de krokodil hen nog steeds achtervolgen. Ze belanden op een grot op een eilandje en daar treffen ze weer een voorouder van de marskramer aan met het koffertje. Hij verkoopt hun als kleding een paar dierenvachten uit de oertijd.

Tom Poes en heer Bommel belanden nu te midden van een groep holbewoners. Ook moeten ze vluchten voor een wilde Triceratops.[noten 1] Uiteindelijk komen ze een zeer verre voorouder van de marskramer tegen met het koffertje. Deze keer zitten er in het koffertje geen historische kleren aangezien die er in deze tijd nog niet zijn, maar de marskramer wil wel de kleren van Tom Poes en Heer Bommel kopen.

Heer Bommel is het nu zat en hij gooit het koffertje in het vuur. Doordat het koffertje nu in dit tijdperk is vernietigd, kan het er niet meer zijn in alle latere tijdperken. Daardoor is het hele avontuur in één klap ongedaan gemaakt. Heer Bommel en Tom Poes zijn hierdoor dus weer terug in hun eigen tijd. Ze gaan naar Bommelstein, waar de bediende Joost vertelt dat ze maar heel even zijn weggeweest.