Katherine Mansfield: verschil tussen versies

Geen verandering in de grootte ,  4 jaar geleden
k
geen bewerkingssamenvatting
(img)
k
De relatie met Murry verdiepte zich snel, maar was voor Mansfield nooit echt bevredigend vanwege een gebrek aan warmte en liefde. Ze bleef zich bovendien ontworteld voelen in Europa. Na de dood van haar broer in [[1915]] keerden haar gedachten terug naar haar jeugd en haar vaderland en schreef ze een serie korte verhalen met Nieuw-Zeeland als achtergrond, die tot haar beste werk horen: ''Prelude'' ([[1917]]), ''Gelukzalig en andere verhalen'' ([[1920]]) en ''Het tuinfeest en andere verhalen'' ([[1922]]).
 
Mansfield leed een belangrijk deel van haar leven aan gezondheidsklachten. Vanaf [[1911]] had ze ernstige gewrichtsklachten vanwege een te laat ontdekte [[gonorroe]]. In [[1917]] manifesteerde zich de [[Tuberculose|TBCtbc]] waaraan ze vijf jaar later, op haar 34e, overleed. In haar laatste jaren verbleef ze vanwege gezondheidsredenen veel in [[Frankrijk]]. Vanaf haar ziekbed schreef ze aan John Murry: “Je hebt niet veel fantasie nodig om [[Anton Tsjechov|Tsjechov]] op zijn sterfbed te zien liggen, terwijl hij denkt: ik heb nooit echt een kans gehad. Ergens moet iets fout zijn gelopen”. Er is niet veel fantasie nodig om in te zien dat ze het over zichzelf had. Uit de biografie die Anthony Alpers over haar schreef komt Mansfield naar voren als een grillige, ambitieuze, dappere en onconventionele vrouw. Het lot wilde dat haar grote roem pas na haar dood een feit werd. Ze geldt heden ten dage als een van de belangrijkste Engelstalige schrijvers van korte verhalen uit de eerste helft van de vorige eeuw.
 
Katherine Mansfield ligt begraven op het kerkhof van [[Avon (Seine-et-Marne)|Avon]], nabij Fontainbleau.
471

bewerkingen