Kenneth Dover: verschil tussen versies

1.923 bytes toegevoegd ,  11 jaar geleden
geen bewerkingssamenvatting
(februaripoets, spaties etc, met AWB)
'''Kenneth James Dover''' ([[Londen]], [[11 maart]] [[1920]] - [[7 maart]] [[2010]]) was een Engels [[classicus]] en [[historicus]]een van de belangrijkste hoogleraren Oud-Grieks van zijn tijd.
 
Dover studeerdeging aannaar de St Paul's School in Londen, waar hij zijn liefde voor het Grieks opdeed, en ging in 1938 aan Balliol College invan de [[Universiteit van Oxford]] klassieke talen studeren. Tijdens de [[Tweede Wereldoorlog]] deed hij dienst bij de artillerie in het Achtste Leger en kreegnam eendeel vermeldingaan de woestijnoorlog in eenAfrika en in 1944 aan de [[DagorderSlag (krijgsmacht)|dagorderom Monte Cassino]]. voorNa de oorlog hervatte hij zijn verdienstenstudie in ItaliëOxford, waar hij in 1948 docent werd aan Balliol College. NaHij zijntrouwde militairein dienst1947 hervattemet Audrey Latimer, met wie hij zijneen studiezoon inAlan Oxforden een dochter Catherine kreeg. Zijn vrouw zou twee maanden voor hem overlijden.
 
InVan 1955 werdtot 1976 bezette hij docentde leerstoel Grieks aan de [[Universiteit van St Andrews]] en van 1981 tot aan zijn pensionering in december 2005 stond hij aan het hoofd van deze universiteit als chancellor. InVan 19781976 werdtot hij1986 voorwas drie jaarhij voorzitter van deCorpus [[BritishChristi Academy]],College waarvanin hijOxford. alsIn sindsde 1966jaren lid1978-1981 was. Hijhij hadbovendien een [[eredoctoraat]]voorzitter van de de universiteiten van [[UniversiteitBritish van Oxford|OxfordAcademy]], Stwaarvan Andrews,hij [[Universiteital vansinds Birmingham|Birmingham]],1966 [[Universiteitlid van Bristol|Bristol]], [[Universiteit van Londen|Londen]], Durham, [[Universiteit van Liverpool|Liverpool]] en Oglethorpewas.
 
Dover publiceerde over talloze onderwerpen uit de Griekse literatuur en cultuur. Zijn commentaar op de ''Wolken'' van [[Aristophanes]] uit 1968, waarin hij gedetaileerd inging op de seksuele grappen, werd nog koel ontvangen. Maar hij ging verder op zijn weg om realistisch en niet idealiserend over de Grieken te schrijven en publiceerde in 1972 zijn ''Aristophanic Comedy'' en in 1978 zijn ''Greek Homosexuality'', dat sindsdien als een standaardwerk over dit onderwerp geldt. Over de opvattingen van de gewone Griek schreef hij ''Greek Popular Morality in the Time of Plato and Aristotle'' (1974), dat hij zelf als zijn beste werk beschouwde. Hij schreef verder o.a. commentaren op [[Thucydides]] (1965-81), op [[Theocritus]] (1971) en op [[Plato|Plato's]] ''Symposium'' (minder goed ontvangen).
 
In 1994 publiceerde hij zijn autobiografie ''Marginal Comment'', waarin hij zeer open en eerlijk over zichzelf schreef, ook over zijn seksualiteit. Hij beschreef zichzelf en als iemand met een enorme drang om het burgerlijke milieu te ontstijgen. Ook beschreef hij hoe hij tijdens zijn jaren op Corpus Christi College met het plan rondliep om de historicus Trevor Aston, die door zijn gedrag de reputatie van het College besmeurde, uit de weg te ruimen. Het leidde tot opschudding in de Britse pers.
 
Hij had een [[eredoctoraat|eredoctoraten]] van de de universiteiten van [[Universiteit van Oxford|Oxford]], St Andrews, [[Universiteit van Birmingham|Birmingham]], [[Universiteit van Bristol|Bristol]], [[Universiteit van Londen|Londen]], Durham, [[Universiteit van Liverpool|Liverpool]] en Oglethorpe.
 
== Werken (selectie) ==
* ''Greek Word Order'', 1960
* ''Aristophanic Comedy'', 1972
* ''Greek Popular Morality in the Time of Plato and Aristotle'', 1974
* ''Greek Homosexuality'', 1978
* ''The Greeks and their Legacy'', 1989
* ''Marginal Comment'', 1994 (autobiografie)
* ''The Evolution of Greek Prose Style'', 1997
 
{{DEFAULTSORT:Dover, Kenneth}}
[[Categorie:Brits historicus]]
[[Categorie:Classicus]]
 
2.323

bewerkingen