Samenstelling Eerste Kamer 1902-1904

Wikimedia-lijst

De samenstelling van de Eerste Kamer der Staten-Generaal 1902-1904 biedt een overzicht van de Eerste Kamerleden in de periode tussen de verkiezingen van 1902 en de verkiezingen van 1904. De zittingsperiode ging in op 17 september 1902 en liep af op 22 juli 1904.

Er waren toen 50 Eerste Kamerleden, verkozen door de Provinciale Staten van de 11 provincies die Nederland toen telde. Eerste Kamerleden werden verkozen voor een termijn van negen jaar, om de drie jaar werd een derde van de Eerste Kamer hernieuwd.

Samenstelling na de Eerste Kamerverkiezingen van 1902Bewerken

Liberalen (18 zetels)Bewerken

Katholieken (14 zetels)Bewerken

Vrije liberalen (9 zetels)Bewerken

Antirevolutionairen (5 zetels)Bewerken

Vrij-antirevolutionairen (3 zetels)Bewerken

Conservatieven (1 zetel)Bewerken

BijzonderhedenBewerken

  • Bij de Eerste Kamerverkiezingen van 1902 werden 17 Eerste Kamerleden verkozen.

Tussentijdse mutatiesBewerken

1902Bewerken

1903Bewerken

1904Bewerken