Hoofdmenu openen

René Lagrou

advocaat uit Argentinië (1904-1969)

LevensloopBewerken

Na geaarzeld te hebben of hij zou intreden in de orde van de dominicanen, studeerde Lagrou in Leuven en in Gent en vestigde zich als advocaat in Antwerpen. Hij sloot zich in deze stad aan bij de 'Kristene Vlaamsche Volkspartij', die onder zijn impuls evolueerde naar een extreem-rechtse en nationalistische partij. In 1932 nam hij stelling tegen de Frontpartij van Herman Vos en sloot met de KVV aan bij het VNV van Ward Hermans. In het tijdschrift Roeland van de KVV publiceerde hij vanaf 1933 nationaalsocialistische en antisemitische artikels. Hij trok regelmatig naar Duitsland waar hij goede contacten onderhield in nazimiddens. Hij had ook contacten met het Verdinaso.

Ook al was hij in 1933 niet betrokken bij de oprichting van het VNV door Staf Declercq, stond hij in 1936 op de tweede plaats, achter Ward Hermans, op de lijst van het 'Vlaamsch Nationaal Blok'.

Tijdens de Tweede WereldoorlogBewerken

In mei 1940 behoorde Lagrou tot diegenen die, verdacht van staatsgevaarlijke activiteiten, naar Frankrijk werden weggevoerd door de Belgische Staatsveiligheid. Op 10 juli 1940 was hij weer in Antwerpen.

Hij bleef nog een korte tijd aan de Antwerpse Balie, meer bepaald als ondervoorzitter van de Vlaamse Conferentie van de Balie. Hij stichtte ook een vereniging van de weggevoerden van mei 1940, werd secretaris van de Bormscommissie en ontplooide activiteiten in de 'Volksbeweging' van het VNV. Weldra trad hij volop in de actieve en militaire collaboratie.

In september 1940 werd hij de eerste leider van de Algemene-SS Vlaanderen. Hij startte onmiddellijk een werfcampagne voor de Waffen-SS en voerde ook acties tegen de Joodse gemeenschap in Antwerpen. In februari 1941 meldde hij zich zelf voor de Waffen-SS aan en werd er 'Kriegsberichter' of oorlogscorrespondent. In de Vlaamse Waffen-SS Divisie Langemarck verwierf hij de graad van Sturmbannführer en behoorde tot de divisiestaf.

In september 1944 vluchtte hij naar Duitsland en trad er toe tot de Vlaamsche Landsleiding een marionetregering onder leiding van Jef Van de Wiele. Hij werd er belast met 'binnenlandse zaken'. Op het einde van de oorlog moest hij zorgen voor de evacuering van Cyriel Verschaeve.

Na de oorlogBewerken

Lagrou werd in mei 1945 opgepakt en in een Frans gevangenenkamp opgesloten. Hij kon er ontsnappen en trok naar Spanje, waar hij twee jaar gevangen zat in het kamp van Miranda. Zonder zich verder om vrouw en kinderen te bekommeren, die hij in België had achtergelaten, week hij met zijn vriendin uit naar Argentinië. Hij was er actief in de kringen van uitgeweken incivieke Vlamingen. In 1969 kwam hij naar Spanje terug. Hij had er een stormachtige ontmoeting met zijn ondertussen volwassen geworden zonen. Hij stierf nog datzelfde jaar aan kanker.

Professor Leo Lagrou en stedenbouwkundige Evert Lagrou zijn zijn zoons. Professor Pieter Lagrou is een zoon van Leo Lagrou.

PublicatieBewerken

  • Wij, verdachten, Brussel, Steenlandt, 1941.

LiteratuurBewerken

  • W.C.M. MEYERS, De Vlaamse landsleiding. Een emigrantenregering in Duitsland na september 1944, in: Bijdragen tot de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog, 1972.
  • Luc VANDEWEYER, René Lagrou en het katholieke Vlaams-nationalisme in Antwerpen, in: Wetenschappelijke Tijdingen, 1993.
  • Bart CROMBEZ, De Algemeene SS-Vlaanderen, Bijdragen. Navorsings- en Studiecentrum voor de Geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog, No. 17, 1995, 165 - 202.
  • Bruno DE WEVER, René Lagrou, in: Nieuwe encyclopedie van de Vlaamse Beweging, Tielt, 1998.
  • Pieter LAGROU, Mémoires patriotiques et Occupation nazie, Paris-Bruxelles, 2003.
  • Lieven SAERENS, De Jodenjagers van de Vlaamse SS. Gewone Vlamingen?, Tielt, 2006.
  • Frank SEBERECHTS, De weggevoerden van mei 1940, Antwerpen, De Bezige Bij, 2014.