Reinout Vreijling

Nederlands dichter (1926-2007)

Reinout Vreijling, pseudoniem van Jacob Gerhard (Jaap) van Rossum du Chattel (Schiedam, 7 januari 1926 - Bergen, 25 mei 2007) was een Nederlands dichter.

Vreijling doorliep het Murmellius Gymnasium in Alkmaar en studeerde Nederlands Recht in Leiden. Na afloop van zijn studie vervulde hij zijn militaire dienstplicht en werd hij reserveofficier van het Nederlandse leger. Daarna trad hij voor enig jaren in dienst van handelsondernemingen. De langste tijd van zijn leven bracht hij door als ambtenaar, respectievelijk bij het Grondbedrijf van de gemeente Arnhem en bij de gemeente Utrecht, eerst bij Culturele Zaken, later bij Stadsontwikkeling en Milieu. Daar inspireerden lijvige beleidsnota’s hem tot het schrijven van verhalen, schetsen en vertalingen van proza en poëzie.

Vreijling bezat een diepgaande kennis van de Nederlandse en Europese geschiedenis en literatuur. Die kennis is terug te vinden in zijn gedichten, die vaak een historisch of literair thema hebben.
Hij behoorde tot de vriendenkring[1] rond de in 1939 naar Nederland uitgeweken Duitse humanist en dichter Wolfgang Frommel[2].

Vreijling was gehuwd met aquarelliste Keeske Bendien (Naarden 30 mei 1929 - Bergen (NH) 3 januari 2014), en vader van schrijver, journalist en radiopresentator Marc van Rossum du Chattel en Eveline Haisma-van Rossum du Chattel.

BibliografieBewerken

  • Stenen Vogels, Gedichten, eigen uitgave 1963
  • Hecate, Gedichten, uitgeverij Desclée De Brouwer, Brugge en Utrecht 1967
  • Verboden Toegang, Gedichten, uitgeverij De Schuttingpers, Hilversum 1977
  • Uithoek, Gedichten, uitgeverij De Schuttingpers, Hilversum 1981
  • Een Ruiterverhaal en andere vertellingen, Hugo von Hofmannsthal, vertaling samen met Frank Ligtvoet, uitgeverij Veen. 1986
  • Immensee, Noortje en Late rozen, Theodor Storm, vertaling samen met Frank Ligtvoet, uitgeverij Kwadraat, Utrecht 1987
  • Beelden in Utrecht, Uitgeverij Matrijs, Utrecht 1989
  • Brieven uit Vuttersland, Schetsen, in: personeelsblad De Spuikoker”
  • Herinneringen aan een jeugd op het land, Ilse gravin von Bredow, vertaling, uitgeverij Contact, Amsterdam 1991
  • Strauss, Walter Deppich, vertaling, uitgeverij Contact, Amsterdam 1991
  • Sjostakovitsj, Detlef Gojowy, vertaling, uitgeverij Contact, Amsterdam 1992
  • Sappho, Marion Giebel, vertaling uitgeverij Kwadraat Utrecht 1993
  • Kerstmis zal ik eenzaam vieren, Dagboekbladen en brieven samen met Keeske Bendien, uitgeverij Kwadraat, Utrecht 1993
  • Zo ver zo vreemd, Gedichten, uitgeverij De Beuk, Amsterdam 1998
  • Toen, Gedichten, uitgeverij Stichting Memoriaal, Oud Zuilen 2001
  • Door de jaren, Schetsen, uitgeverij Stichting Memoriaal, Oud Zuilen 2006
  • F.J. du Chattel (1856-1917), de ‘ontdekker’ van de Vecht, Monografie over het leven van deze schilder uit de Haagse School, Van Spijk Art Projects, Belfeld 2006
  • Nimfen en Legioenen, gedichten, Uitgeverij Stichting Memoriaal, Tonden 2008
  • Het gedicht Gallo-Romeins Glas (1967) is onderdeel van de permanente collectie van het Stedelijk Museum van Lokeren (België)
  • Meerdere vertalingen uit het Duits van poëzie en literatuur, zowel onder de naam Reinout Vreijling en mr J.G. van Rossum du Chattel, zijn opgenomen in het literaire tijdschrift Castrum Peregrini.
  • Diverse bijdrages aan andere periodieken, waaronder ‘Sfinx’.

Externe linkBewerken