Nieuwe Fotografie

De Nieuwe Fotografie is een stijl die omstreeks 1920 ontstond en ijverde voor een technisch en zakelijk gebruik van de fotografie in een reactie op de beginperiode van de fotografie.

7 A.M. (New Year's Morning) door László Moholy-Nagy (1930)

Aanvankelijk werd fotografie als een verlengde van de schilderkunst toegepast. De Nieuwe Fotografie werd echter als een nieuwe, onafhankelijke kunstvorm gezien waarin de fotografische techniek voorop stond. De gefotografeerde voorwerpen waren ondergeschikt aan de beeldcompositie. De stroming wordt ook wel Nieuwe Foto- en Typografie genoemd, omdat sommige kunstenaars ook grafisch ontwerper waren en zich in hun grafische werk ook van deze principes bedienden.

De Nieuwe Fotografie ontstond in de periode tussen de twee wereldoorlogen. Belangrijke fotografen waren onder meer Aleksandr Rodtsjenko, El Lissitzky, Edward Weston, Man Ray, Albert Renger-Patzsch, Walter Peterhans, László Moholy-Nagy, Germaine Krull, Marianne Breslauer en André Kertész. De tentoonstelling Film und Foto van 1929 in Stuttgart markeerde de internationale doorbraak van deze ontwikkeling.
Nederlandse pioniers waren onder anderen Piet Zwart, Paul Schuitema, Gerard Kiljan en Jan Kamman. Zij stapten af van het idee in de stijl van schilderijen te willen fotograferen. Ze richtten zich minder op onderwerp of inhoud maar bedienden zich van tot dan toe ongebruikelijke technieken, zoals de geometrische composities, een ongebruikelijke standpuntbepaling, close-ups, afsnijding, herhaling, vervorming, fotomontage, fotocollage en het fotogram. Het gebruik van flatterende retouchering werd verworpen. Er ontstond zo een nieuwe beeldcultuur. Typische onderwerpen van de Nieuwe Fotografie waren machines, stalen objecten en industriële productie.

Belangrijke publicatiesBewerken

  • Malerei Photographie Film van László Moholy-Nagy
  • foto-auge van Franz Roh en Jan Tschichold
  • es kommt der neue fotograf! van Werner Gräff
  • Métal van Germaine Krull

Zie ookBewerken

Externe linksBewerken