Maatsysteem

Het maatsysteem geeft aan hoe een gedicht, in het bijzonder de versregel, is opgebouwd.

Alternerend vers
Het aantal heffingen en dalingen is per versregel constant. Voorbeelden hiervan zijn de hexameter en de pentameter.
Heffingsvers
ook bekend als accentvers of toppenvers. Het aantal heffingen is per versregel constant. Na iedere heffing volgt een niet vast aantal dalingen.
Lettergreeptellend vers
Het aantal lettergrepen is per versregel constant. De haiku is het Japanse voorbeeld hiervan.
Woordentellend vers
Het aantal woorden is per versregel constant. Dit systeem is typisch voor Chinese poëzie. Een "Europese" vorm is het elfje.
Woordgroepentellend vers
Het aantal woordgroepen is per versregel constant. Parallellisme is een goed voorbeeld hiervan.