Hoofdmenu openen

Lodewijk III van Anjou (25 september 1403 - Cosenza, 12 november 1434) was van 1417 tot aan zijn dood titulair koning van Napels, hertog van Anjou en graaf van Provence, Forcalquier, Piëmont en Maine en van 1426 tot aan zijn dood hertog van Calabrië. Hij behoorde tot het huis Valois-Anjou.

Lodewijk III van Anjou
1403-1434
Louis3anjou.jpg
Hertog van Anjou
Graaf van Maine
Graaf van Provence
Graaf van Piëmont
Periode 1417-1434
Voorganger Lodewijk II
Opvolger René
Vader Lodewijk II van Anjou
Moeder Yolande van Aragón

LevensloopBewerken

Lodewijk III was de oudste zoon en erfgenaam van hertog Lodewijk II van Anjou en Yolande van Aragón, dochter van koning Johan I van Aragón.

Na het overlijden van koning Martinus I van Aragón raakte de Aragonese troon vacant. Omdat zijn moeder de enige overlevende dochter van koning Johan I van Aragón, claimde Yolande het koninkrijk in Lodewijks naam. De onduidelijke erfregels in Aragón en het graafschap Barcelona bepaalden echter dat alle mannelijke verwanten voorgang hadden op vrouwelijke. Uiteindelijk duidden de Staten van Aragón na het Compromis van Caspe in 1412 infant Ferdinand van Castilië aan als de nieuwe koning van Aragón. Het huis Valois-Anjou slaagde er wel in de controle te verwerven over de Aragonese landerijen in Montpellier en Roussillon.

Yolande en Lodewijk beschouwden zichzelf als de rechtmatige erfgenamen van het koninkrijk Aragón en daarom bleven ze de titel van koningen van Aragón voeren. Verder lieten ze zich ook koning en koningin van de Vier Koninkrijken noemen. Deze koninkrijken waren Aragón, Sicilië, Majorca en Jeruzalem. Na het overlijden van zijn vader in 1417 werd Lodewijk hertog van Anjou, graaf van Provence, Forcalquier, Piëmont en Maine en eveneens titulair koning van Napels. Ook kon Lodewijk aanspraak maken op de titel van keizer van het Latijnse Keizerrijk, maar het leek erop dat hij die nooit voerde.

Op 4 december 1419 werd Lodewijk door paus Martinus V benoemd tot koning van Sicilië. Dit was tegengesteld met de wil van de kinderloze koningin Johanna II van Napels, die koning Alfons V van Aragón als haar erfgenaam had geadopteerd. In 1420 landde Lodewijk in Campania en belegerde hij Napels, maar hij diende te vluchten door de aankomst van een Aragonese vloot. In 1421 arriveerde Alfons in Napels en verloor Lodewijk de steun van de paus, die de oorlogskosten moe was. De relaties tussen Johanna en Alfons verslechterden echter toen hij Johanna's minnaar en eerste minister Gianni Caracciolo liet arresteren. Johanna verhuisde vervolgens naar Aversa, waar Lodewijk III haar bezocht. In 1426 adopteerde Johanna hem en benoemde ze hem in de plaats van Alfons tot erfopvolger van Napels, waardoor hij de titel van hertog van Calabrië kreeg. Toen Alfons terugkeerde naar Aragón, keerde de vrede in het koninkrijk terug. Lodewijk verhuisde vervolgens naar Calabrië, waar hij op 31 maart 1431 huwde met Margaretha, dochter van graaf Amadeus VIII van Savoye. Het huwelijk bleef kinderloos.

Lodewijk zou echter nooit effectief koning van Napels worden, omdat hij in november 1434 stierf aan malaria. Hij werd als hertog van Anjou opgevolgd door zijn broer René, die het jaar nadien Johanna II eveneens opvolgde als koning van Napels.