Into the Woods

Into the Woods is een musical met liedteksten en muziek van Stephen Sondheim en een script is van James Lapine. De musical ging in 1986 in première, in het Old Globe Theatre in San Diego in een regie van Lapine. In het daaropvolgende jaar verscheen de musical op Broadway, met in de hoofdrollen onder meer Bernadette Peters (als de heks) en Joanna Gleason (als de bakkersvrouw). Weer in een regie van Lapine. Deze eerste Broadwayproductie van de musical ontving lovende kritieken en in 1988 werd Into the Woods bekroond met verschillende Tony Awards, onder andere voor "beste libretto", "beste originele muziek" en "beste vrouwelijke hoofdrol in een musical" (Joanna Gleason). Van de musical werden sindsdien een groot aantal uitvoeringen geproduceerd, waaronder een toer door de Verenigde Staten in 1988 en producties op West End (1990), een televisieproductie (1991), een registratie van de Broadwayproductie uit 1988, met de originele Broadwaybezetting), een jubileumproductie (1997), een productie in Los Angeles (2002) en een nieuwe versie (met weer James Lapine als regisseur) op Broadway in 2002.[1]

Into the Woods
Scène uit Into the Woods
Scène uit Into the Woods
Muziek Stephen Sondheim
Teksten Stephen Sondheim (liedteksten)
James Lapine (script)
Gebaseerd op Bruno Bettelheim's The Uses of Enchantment
Productie 1987 Broadway
1988 United States National Tour
1990 West End
1998 West End revival
2002 Broadway revival
2010 London revival
2011 Province of Quebec
Prijzen Tony Award voor beste muziek en liedteksten
Tony Award voor beste libretto
Drama Desk for Best Musical
Tony Award voor beste nieuwe productie van een musical
Laurence Olivier Award voor beste nieuwe productie van een musical
Portaal  Portaalicoon   Musical

PlotBewerken

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Eerste akte:

Het verhaal wordt verteld door de verteller. We maken kennis met verschillende sprookjesfiguren: Assepoester, Jaap en de bonenstaak, Roodkapje en de bakker en zijn vrouw. Ze hebben allemaal een wens: Assepoester wenst om naar het bal te gaan, wat wordt afgekeurd door haar stiefmoeder en haar stiefzusters. Jaap wenst dat zijn koe Melkwitje melk zou geven, zodat zijn moeder Melkwitje niet zou verkopen. Roodkapje wenst voor een stuk brood en de bakker en zijn vrouw wensen om een kind. Jaaps moeder wilt dat hij Melkwitje gaat verkopen op de markt, wat Jaap niet wilt. Roodkapje gaat naar grootmoeder. De heks die naast de bakker en zijn vrouw woont gaat naar hen toe om te vertellen dat zije en vloek over de bakkers familie uit heeft gesproken waardoor hun nageslacht erg klein zou zijn. Deze vloek heeft ze uitgesproken omdat de bakkers vader groente van de heks had gestolen, inclusief zes magische bonen, die ook waren betoverd: als de heks de bonen verloor zou ze haar schoonheid verdwijnen. De heks had ook, omdat de bakkers vader van haar had gestolen, zijn dochter Raponsje meegenomen en opgesloten in een toren. De enige manier waardoor de bakker en zijn vrouw de vloek konden verbreken, was door een toverdrank te maken van vier ingrediënten: een koe zo wit als melk, een kapmantel zo rood als bloed, haar zo geel als mais en een muiltje zo puur als goud. Om deze ingrediënten te krijgen, moesten ze in het bos gaan, en hiervoor hebben ze drie nachten. Assepoester gaat ook het bos in, naar het graf van haar moeder. De bakkers vrouw vindt de zes bonen in de jas van de bakkers vader en ze geeft de jas aan de bakker. De bakker gaat het bos in, zonder zijn vrouw omdat hij het bos voor haar te gevaarlijk vond. (‘Prologue: Into The Woods’)

Bij dat graf weent Assepoester, en krijgt een jurk voor het bal. (‘Cinderella At The Grave’) Jaap komt op zijn weg naar de markt een mysterieuze man tegen, de man vraagt wat Jaap voor de koe wilt en Jaap antwoordt met vijf pond, want dat is wat zijn moeder zei. De man zegt dat de koe maximaal een zak bonen waard is, voor beduidend voor wat er gaat gebeuren. Roodkapje komt op haar weg naar grootmoeder langs een ongewoon deel van het bos, daar ontmoet ze de wolf. Hij verleidt haar om van het pad te gaan, omdat ze alle mooie bloemen mist als ze op het pad blijft. (‘Hello, Little Girl’) In eerste instantie blijft ze trouw aan de belofte die ze had gemaakt om niet van het pad te gaan, maar later gaat ze toch bloemen plukken en vertraagt ze, waardoor de wolf eerder bij grootmoeder kan komen. De bakker ziet Roodkapje met haar rode kapmantel. Dan schrikt hij van de heks die hem beveelt om de kapmantel te grijpen, waardoor de bakker vraagt waarom ze dit zelf niet doet. Voordat de heks antwoord kan geven wordt ze verstoord door het gezang van Raponsje, waarop ze verdwijnt. De bakker zegt dat dit hele gedoe wanhopig en tevergeefs is, dan ziet hij zijn vrouw weer, die hem achtervolgd heeft. Samen komen ze Jaap tegen met zijn koe zo wit als melk. De vrouw van de bakker verleidt Jaap ertoe om zijn koe te ruilen voor vijf magische bonen, dit doe hij ook, waardoor de bakker en zijn vrouw nog maar drie dingen moeten bemachtigen. De bakker, die geen reden zag om te geloven dat het daadwerkelijk magische bonen waren, werd boos dat zijn vrouw door leugens de koe had bemachtigd. Waarop zijn vrouw zegt dat dat niet uitmaakt. (‘I Guess This Is Goodbye/Maybe They’re Magic’) De bakker beveelt zijn vrouw om met de koe naar huis te gaan.

De heks is bij Raponsje in de toren. Maar door het prachtige gezang van Raponsje is er een prins die naar de toren ging. Daar hoort hij dat haar naam Raponsje is en ziet hij haar voor het eerst, tevreden gaat hij weg. Na een ontmoeting met de bakker gaat Roodkapje naar het huisje van haar grootmoeder, tot haar verbazing ziet zij er anders uit dan ze dacht. Dan slikt de wolf verkleed als grootmoeder haar in één keer door. De bakker hoort het gegil van het meisje en gaat het huisje binnen, na enkele aarzeling snijdt hij de buik van de wolf open en komen Roodkapje en haar grootmoeder eruit. Roodkapje nu, zegt spijt te hebben dat ze niet had geluisterd (‘I Know Things Now’) en geeft de bakker haar kapmantel omdat hij hen had gered. Jaaps moeder is erg kwaad als ze hoort dat hij de oude koe heeft geruild voor vijf bonen en gooit ze woest op de grond. De bakkersvrouw is op weg naar huis als ze de vluchtende Assepoester tegen komt. Achtervolgd door de prins (een andere dan bij Raponsje) en zijn knecht. Assepoester verstopt zich en de knecht vraagt aan de bakkersvrouw waar Assepoester is, voordat ze antwoord had gegeven zegt de knecht dat hij haar in de verte ziet en gaat daarheen. De bakkersvrouw zegt tegen Assepoester dat zij, als een prins haar zou achtervolgen, zeker niet zou vluchten. Ze vraagt ook hoe de prins is, Assepoester antwoordt, maar is niet zo enthousiast als de bakkersvrouw, want voor haar is het allemaal nieuw en onbekend. (’A Very Nice Prince’) Dan klinken de eerste klokslagen, de bakkersvrouw ziet dat de muiltjes van Assepoester zo puur als goud zijn, maar Assepoester is al weg voordat ze ze kan bemachtigen. Melkwitje vlucht van de bakkersvrouw. De dag eindigt met alle figuren om de beurt hun moraal vertellen. (’One Midnight Gone’)

De volgende dag is er uit de bonen een enorme bonenstaak gegroeid. Jaap beklimt deze, en zegt daarna dat hij reuzen heeft ontmoet en goud van hen heeft gestolen. Hij komt de bakker tegen en heeft hem vijf goudstukken. Jaap wilt Melkwitje terugkopen. De bakker zegt dat Melkwitje bij zijn vrouw thuis is en dat hij nooit gedacht had dat Jaap het over zou kunnen kopen. Jaap vat dit op alsof hij nog meer goudstukken moet halen en is al weg. De bakker, erg blij met zijn goudstukken, ontmoet nu de mysterieuze man. De man zegt dat hij nooit een kind zou kunnen kopen en dat het geld onbelangrijk is, hij steelt de goudstukken van de bakker. De bakker wilt hem achtervolgen maar komt dan zijn vrouw terug, zonder Melkwitje. Hij wordt erg boos op haar dat ze de koe kwijt is geraakt en ze raken in een discussie, onderbroken door de heks. De heks zegt dat ze de koe terug moeten vinden, want anders krijgen ze nooit hun kind. De bakker beveelt zijn vrouw dat ze echt naar huis moet gaan en dat hij de koe zal vinden.

De twee prinsen hebben het over hun onbereikbare liefdes. (‘Agony’) De bakkersvrouw luistert mee met de prinsen en hoort dat Raponsje haar zo geel als mais heeft. Ze gaat naar Raponsje toe. De bakker vindt Melkwitje en neemt hem mee. De heks betrapt de mysterieuze man dat hij bespioneerd en zegt dat hij buiten deze zoektocht moet blijven. De bakkersvrouw vind Raponsje en neemt het haar. Dan ontmoet ze Assepoester weer en ze praten weer over het bal. De bakkersvrouw komt de bakker weer tegen en hij bekent dat het de bakker én zijn vrouw nodig heeft om de vloek te verbreken. (‘It Takes Two’) Dan ontmoeten ze Jaap weer en dan heeft hij een haan dat gouden eieren legt. De bakkersvrouw komt erachter dat de bakker geld aannam in plaats van zijn kind. Dit eindigt in een discussie. Melkwitje overlijdt, waardoor Jaap erg verdrietig is. De avond eindigt weer met de personages die hun moralen vertellen.

De bakker en zijn vrouw zijn erg aangebrand door alle omstandigheden en de bakker gaat een nieuwe koe regelen. De heks is erg boos op Raponsje dat ze samen met de prins was en zegt dat de buitenwereld woest en eng is. (‘Stay With Me’) Ze stopt Raponsje ook in een moeras, waar ze nooit iemand zal zien. Verder heeft ze Raponsjes prins geblindeerd. De bakker komt de mysterieuze man weer tegen en Roodkapje ontmoet Jaap. Jaap zegt dat hij de hen van de reuzen in de lucht heeft, Roodkapje gelooft dit niet. Jaap haalt, om het te bewijzen, een gouden harp. De derde avond van het bal is aangebroken en Assepoester vlucht weer, maar ze is gestopt op de trappen van het paleis, er ligt pit op de trap waardoor ze niet verder kan rennen. Ze besluit, na enkele overpeinzingen, één van haar muiltjes op de trap te houden en dan te kijken wat de prins doet. (‘On The Steps Of The Palace’) Ze vlucht weer naar het bos, daar ontmoet ze de bakkersvrouw weer voor de derde keer. De bakkersvrouw zegt dat ze het muiltje wilt, in ruil voor een magische boon, Assepoester gelooft niet dat het een magische boon is en gooit deze achter haar. Dan ruilt de bakkersvrouw haar schoenen met het muiltje van Assepoester, want dan kan ze sneller rennen.

De derde nacht is aangebroken. De bakker, zijn vrouw, de heks en de mysterieuze man zijn bij elkaar. De bakker heeft nog een koe kunnen regelen, maar heeft hem bedekt met bloem omdat hij geen echte witte koe kon vinden. Ze legden alles uit, waarop de heks Melkwitje weer tot leven wekt, tot groot genot van Jaap. Ze voedden alle objecten aan de koe, maar het werkt niet. Ze gaan alles na, en dan ontdekken ze de fout: de heks had het haar van Raponsje aangeraakt, want dat was de enige manier om boven in de toren te komen. De heks mocht de ingrediënten niet aangeraakt hebben. Dan komt de mysterieuze man en zegt dat ze het haar van de maïskolf moeten gebruiken. Dan ontdekt de bakker dat de mysterieuze man zijn vader is. De mysterieuze man overlijdt. Het haar van de maiskolf werkte, de heks dronk het drankje en heeft haar oude schoonheid weer terug.

Assepoesters prins gaat opzoek naar het meisje en komt dan bij het huis van Assepoester. De stiefzusters gaan erg ver, ze snijden zelfs stukken van hun voeten af, om in het muiltje te passen. De prins ontdekt dit echter. Dan vraagt de prins aan de stiefmoeder of meer dochters had, waarop de stiefmoeder antwoordt dat er alleen een hulp is. Dan probeert de prins het muiltje bij Assepoester en hij past. De vogels, die Assepoester altijd hielpen, blindden nu de stiefzusters voor hun slechte daden. Raponsje heeft twee kinderen gebaard in haar moeras. Raponsjes prins hoorde haar gezang en en vindt haar. Hij is echter geblindeerd door de heks. Raponsje weent en twee tranen raken zijn ogen waardoor hij weer kan zien. De heks komt hierachter en zoekt hen op. Ze wilt ze vervloeken maar het lukt niet en ze komt erachter dat, in ruil voor schoonheid, ze haar magie kwijt is geraakt.

Iedereen is uitgenodigd voor de bruiloft van Assepoester en haar prins. en iedereen is gelukkig, behalve de stiefzusters en de heks. (‘Ever After’)

Tweede akte:

De tweede akte begint met dezelfde catchphrase als de eerste akte: “I wish.” Assepoester, Jaap, de bakker en zijn vrouw hebben alweer iets wensen. Assepoester wilt graag dat er weer een bal komt, Jaap wilt terug naar het koninkrijk van de reuzen en de bakker en zijn vrouw willen een groter huis want na de geboorte van hun zoontje, is het huis te klein geworden. Ondanks een paar ongemakken zijn ze best blij. Totdat alles opeens rammelde en beefde. De heks komt weer naar de bakker en zijn vrouw. De bakker en zijn vrouw verdenken eerst haar van de aardbeving, maar haar eigen tuin is ook helemaal verwoest. Ze komen ze erachter dat het een reus was die alle schade had aangericht. De bakker en de bakkersvrouw besluiten om het te vertellen aan de koninklijke familie. Maar eerst gaan ze langs Jaap om het te vertellen. Jaap zou graag meehelpen, omdat hij een reus’ voetsporen makkelijk zou herkennen en hij de reus misschien wel zou kunnen stoppen. Maar Jaaps moeder wil dit omdat het gevaarlijk is voor Jaap. Daarna gaat de bakker naar de koninklijke familie. Hij wordt echter door niemand echt serieus genomen, behalve door Assepoester. Jaaps moeder zegt tegen Jaap dat hij binnen moet blijven, maar alsnog gaat hij naar buiten om de reus te verslaan. Roodkapje gaat naar de bakker, om wat brood op te halen voor grootmoeder, maar door het ongeluk, is het hele huis in slechte staat. De bakker en zijn vrouw willen de meid niet bang maken en gaan haar dus helpen om naar grootmoeder te komen, Roodkapje denkt namelijk dat het een grote wind is die haar dorp heeft doen instorten. Assepoester wordt ook op de hoogte gebracht door haar vogels, die zeggen dat er iets met het graf van haar moeder is. Zo gaat iedereen weer het bos in. (‘Prologue: So Happy’)

De erg bange Raponsje ontmoet de heks weer en Raponsje confronteert dat ze nooit gelukkig zou worden door alles wat de heks haar heeft aangedaan. Raponsje vlucht weer. De twee prinsen komen weer bijeen en hebben het weer over hun twee geliefdes, dit keer echter niet over Assepoester en Raponsje maar over Sneeuwwitje en Doornroosje en dat hun liefde weer onbereikbaar is. (‘Agony Reprise’). In dit lied kwam de ware aard van de prinsen naar boven.

Door de hele beving is het hele pad naar grootmoeder veranderd en zijn Roodkapje, de bakker en zijn vrouw verdwaald in het bos. Ze komen de koninklijke familie en de knecht tegen, allemaal vluchten ze van de reus. Dan komt de heks, het hele dorp waar zij in woonde is vernietigd door de reus. Intussen kwam de reus en ze confronteert de groep. Het enige wat ze wil is de jongen die haar man heeft vermoord: Jaap. De menigte mensen proberen de reus ervan te overtuigen dat de jongen niet bij hen is. De reuzin, die slechtziend was, geloofde dit echter niet. De menigte wist niet wat ze moesten doen. Dan proberen ze de verteller aan de reus te geven. Maar de reuzin ziet dat het Jaap niet is, en gooit de verteller weg. Dan komt Jaaps moeder. Ze probeert Jaap te beschermen, wat zowel tot ergernis van de menigte als van de reus lijdt. De knecht van de koninklijke familie slaat haar en ze bloedt erg hevig. Terwijl dit gebeurt, staat de reuzin op Raponsje waardoor ze ook overlijdt. Jaaps moeder laat de bakker beloven dat er niks met Jaap gebeurt en daarna overlijdt ze ook. Iedereen rouwt om de doden die er net zijn gevallen. Onder deze gespannen sfeer rouwt ook de heks, zeggende dat kinderen niet zullen luisteren. (‘Lament’) De koninklijke familie vlucht weer weg van de reuzin. De overgebleven mensen proberen een oplossing te bedenken zodat ze Jaap niet hoeven te geven aan de reuzin. Behalve de heks, die het niet uitmaakt of hij dood gaat. Dan besluiten ze om allemaal te gaan zoeken naar Jaap.

De bakkersvrouw ontmoet Assepoesters prins. De prins vraagt waarom ze alleen is en hij verleidt haar. Eerst blijft de bakkersvrouw standvastig. Maar uiteindelijk valt ze toch voor de verleiding van de prins. (‘Any Moment’) De bakker komt in zijn honderd stappen bij het graf van Assepoesters moeder. Assepoester is daar ook, ze weent. De bakker vraagt haar of ze mee wil komen met hem zodat ze veilig is. Als de prins en de bakkersvrouw klaar zijn gaat hij weg. Ze vraagt of ze elkaar nog een keer zullen zien. En hij zegt dat dit een moment is, en dat ze het moment ook moet verlaten. De bakkersvrouw kan het allemaal even niet bevatten en weet dat ze terug moet naar het dagelijkse leven. Ze ontdekt dat er goede momenten zijn, en slechte momenten waar je van leert. En ze weet hierdoor dat ze wel bij de bakker moet blijven. (‘Moments In The Woods’) Hierna komt de reuzin dichtbij en valt de bakkersvrouw van een klif.

De bakker wilt zijn vrouw gaan zoeken en net voordat hij dit doet, komen Jaap en de heks naar hen toe. Assepoester en Roodkapje beschermen Jaap tegen de heks, die wilt dat hij naar de reuzin gaat. Dan herkent de bakker de sjaal die Jaap aan heeft, want die was van zijn vrouw. Jaap zegt waar hij haar vond. De bakker kan het niet geloven, en net als de heks, begint hij Jaap ervan te beschuldigen. Uiteindelijk beschuldigd iedereen elkaar weer, wat uiteindelijk leidt tot dat iedereen de heks beschuldigd, omdat zij de bonen had verzorgd. (‘Your Fault’) Dan komt de heks daarop terug, ze zegt dat ze altijd wel iemand willen om te beschuldigen. En dat de bakker, Assepoester en Roodkapje wel ethisch de juiste keuze maken, maar praktisch niet. Met dit gezongen te hebben verdwijnt ze voor goed (‘Last Midnight’)

Assepoester, Roodkapje en Jaap zien in dat ze fout zaten. De bakker geeft zijn zoon aan Assepoester en vlucht van de situatie. Dan komt hij de mysterieuze man tegen. Die blijkt nog te leven. Hij zegt dat de bakker nu, net als hij ook deed, weg rent van de situatie. De bakker ziet in dat hij terug moet. (‘No More’)

De bakker gaat terug, en met z’n alle gaan ze een plan maken om de reuzin te doden. Ze gaan pit halen en een maken een soort katapult voor Jaap. Assepoester maakt ook dingen klaar en vraagt aan de vogels of ze meehelpen. De vogels verraden wat de prins heeft gedaan. Assepoester komt dan de prins weer tegen. Ze confronteert hem met dat hij haar had bedrogen, en dat hij een verschrikkelijke koning zou zijn. Hij zij dat hij opgegroeid is om knap te zijn, niet oprecht. Daarna gaat hij weg. Roodkapje gaat bij Assepoester zitten, een beetje bezorgd. Want is het doden van een reuzin niet verkeerd? Moeten ze haar niet vergeven? Assepoester helpt haar en zegt dat zij alleen de keuze kan maken, maar dat ze niet alleen is. Want niemand is alleen.

In de boom zegt de bakker tegen Jaap dat zijn moeder overleden is. Jaap zegt dat hij de knecht zal straffen. Maar de bakker zegt dat dit niet goed is, en ook dat hij niet alleen is. (‘No One Is Alone’) voordat ze het weten komt de reuzin en verslaan ze haar. Daarna biedt de bakker aan dat Assepoester, Roodkapje en Jaap bij hem gaan wonen. En de musical eindigt met alle karakters zingend. (‘Finale: Children Will Listen’)

Nederlandstalige versiesBewerken

In 2003 werd Into the Woods gespeeld in openluchttheater Birkhoven in Amersfoort.[2] De vertaling was van Petra van Eerden, de regie van Julia Bless, muzikale leiding door Robert Jan Kamer. De voorstelling was daar gedurende een aantal weken te zien.

In 2007 werd voor het M-Lab een nieuwe Nederlandse versie van de musical geproduceerd, op basis van een vertaling/bewerking door Koen van Dijk, die ook de regie verzorgde. In zijn bewerking schrapte Van Dijk een aantal personages om het stuk met een kleinere bezetting te kunnen spelen. Van 9 september 2010 t/m 4 oktober 2010 was de M-Lab versie van Into the Woods opnieuw te zien in 13 theaters in Nederland.

In 2017 wordt de musical opnieuw gespeeld door PIT Producties, in een nieuwe vertaling van Jeremy Baker, onder regie van Gijs de Lange. De originele orkestbezetting wordt aangehouden.

Rol Vertolker 2003[3][4] Vertolker 2007[5][6] Vertolker 2010[7] Vertolker 2017[8]
Heks Kirsten Cools Vera Mann Lone van Roosendaal Esther Maas
Bakker Ger Otte Dick Cohen Jasper Kerkhof Wart Kamps
Bakkersvrouw Frédérique Sluyterman van Loo Wieneke Remmers Wieneke Remmers Lone van Roosendaal
Assepoester Ann Van den Broeck Maike Boerdam Annick Boer Brigitte Heitzer
Assepoesters Prins/Wolf Rolf Koster René van Kooten Remko Vrijdag Paul Groot
Assepoesters moeder Esther Maas Lieke van den Broek Hanneke Vos Esther Maas
Roodkapje Wieneke Remmers Marit Slinger Marit Slinger Elise Schaap
Jack (Sjaak) Barend van Zon Freek Bartels Rick Sessink Guido Spek
Sjaaks Moeder Aafke van der Mey Marika Lansen Marika Lansen Jeremy Baker
Raponsel Annemieke van der Ploeg Suzanne Brüning Michelle van de Ven Esther Floor
Raponsels Prins Willem Alink Sander Volders Sander Volders René van Kooten
Verteller Bob van Tol Filip Bolluyt Filip Bolluyt Laus Steenbeeke
Assepoesters stiefmoeder Martine Kennis - - Mirjam de Rooij
Florinda, stiefzus van Assepoester Saskia Schafer - - Ester Floor
Lucinda, stiefzus van Assepoester Roosmarijn van Bohemen - - Roosmarijn van Bohemen
Reuzin ? Lieke van den Broek Hanneke Vos ?
Grootmoeder Esther Maas - - Jeremy Baker
Assepoesters vader Jorge Verkroost - - Paul Groot
Hofmaarschalk Jorge Verkroost - - René van Kooten

In 2001 werd Into the Woods ook gespeeld op De Theaterschool (Amsterdam) in een vertaling van Florus van Rooijen, Bart Jan te Boekhorst regisseerde en de decors en kostuums waren van Jan Aarntzen. De cast bestond uit Jeroen van Koningsbrugge, Wende Snijders, Martijn Hillenius, Florus van Rooijen, Nynke Laverman, Kim van Zeben, Dorien Haan, Vanessa Werkhoven, Sophie van Hoijtema, Joy Wielkens, Maartje Teussink, Javier Guzman, Jurre Bussemaker, Jacqueline Boot, Thijs Maas, Steef Hupkes en Daniël Arends.[9]

VerfilmingBewerken

Zie Into The Woods

In 2014 werd de musical verfilmd door Walt Disney Pictures.

TriviaBewerken

-Door het grimmige verhaal van Into the Woods, spelen sommige middelbare scholen in plaats van de gehele musical, alleen de eerste akte, genoemd Into the Woods Jr.

-De drie biggetjes worden in sommige uitvoeringen wel gespeeld, en in sommige niet.

-Omdat Raponsje en de heks samen niet veel te doen hebben, spelen sommige uitvoeringen ook het lied ‘Our Little World’.

Externe linksBewerken