Hoofdmenu openen

Imre Schlosser

Hongaars voetballer (1889-1959)

Imre Schlosser (Boedapest, 11 oktober 1889 - aldaar, 19 juli 1959) was een Hongaarse voetballer en voetbaltrainer van Donau-Zwabische afkomst. Hij werd zeven keer topschutter van de Hongaarse competitie en is ook recordtopschutter aller tijden. Hij scoorde ook 59 keer voor het nationale elftal en was tot 1953 topschutter van de Magyaren.

Imre Schlosser
Imre Schlosser-Lakatos.jpg
Persoonlijke informatie
Geboortedatum 11 oktober 1889
Geboorteplaats Boedapest, Oostenrijk-Hongarije
Overlijdensplaats Boedapest, Volksrepubliek Hongarije
Positie Aanvaller
Senioren
Seizoen Club w 0(g)
1905–1916
1916-1922
1925-1926
1926-1927
1927-1928
Vlag van Hongarije (1867-1918) Ferencváros
Vlag van Hongarije (1920-1946) MTK Boedapest
Vlag van Oostenrijk Wiener AC
Vlag van Hongarije (1920-1946) Ferencváros
Vlag van Hongarije (1920-1946) Budai 33
155 (258)
125 (141)
17 (6)
14 (11)
9 (1)
Interlands
1906-1927 Vlag van Hongarije (1920-1946) Hongarije 68 (59)
Getrainde clubs
1922–1923
1923–1924
1924–1925
1925–1926
1925–1926
Vlag van Hongarije (1920-1946) VAC Boedapest
Vlag van Zweden IFK Norrköping
Vlag van Polen Wisła Krakau
Vlag van Oostenrijk Wiener AC (jeugd)
Vlag van Oostenrijk Brigittenauer AC
Portaal  Portaalicoon   Voetbal

BiografieBewerken

Schlosser ging op 15-jarige leeftijd voor Ferencváros spelen, waarmee hij in 1907 de landstitel won. Toen hij in 1916 verkaste naar rivaal MTK had hij zes titels en een beker gewonnen met de club. Van 1911 tot 1914 was hij tevens de topschutter van alle Europese competities samen. Met de komst van Schlosser werd MTK nu de dominerende ploeg van het land en ze werden met hem zes keer op rij kampioen en in 1922 bekerwinnaar. In 1918 scoorde hij maar liefst 41 maal, maar dat jaar werd hij net geklopt door Alfréd Schaffer, die 42 keer de netten liet trillen. In 1922 beëindigde hij op 33 jarige leeftijd zijn spelerscarrière en werd trainer bij VAC Boedapest. Hij ging zelfs naar het buitenland om IFK Norrköping en Wisła Krakau te trainen. In 1925 ging hij naar Oostenrijk, waar hij speler-trainer werd bij Wiener AC. In 1926 ging hij opnieuw voor Ferencváros spelen en won er dat jaar voor de zevende keer de landstitel mee en ook voor de tweede keer de beker.

Hij maakte op 7 oktober 1906 zijn debuut voor het nationale elftal in een wedstrijd tegen Bohemen dat op een 4-4 gelijkspel eindigde. Bij zijn tweede wedstrijd op 4 november van dat jaar tegen Oostenrijk kon hij voor het eerst scoren. Op 29 oktober 1911 scoorde hij maar liefst zes keer in één wedstrijd, tegen Zwitserland. Op Olympische Spelen van 1912 scoorde hij drie keer tegen Duitsland. In totaal scoorde hij 59 keer voor het nationaal elftal, een record dat pas in 1953 door Ferenc Puskás verbroken werd.