Gillis Dorleijn

Nederlands hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde

Gillis Jan Dorleijn (1951) is een hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde aan de Rijksuniversiteit Groningen.

BiografieBewerken

Dorleijn was de kleinzoon van de Zeeuw Gillis Dorleijn (1890-1974), commies, later hoofdassistent bij de belastingen, en Alida Helena Margaretha Blom (1899-1989), en een zoon van Gillis Johannes Dorleijn (1923), drie jaar later net als Marga Minco geboren in Ginneken, en M.H.A. Schonewille. Hij promoveerde in 1984 cum laude op Schuilgelegen uitzicht. Uitgave van en editie-technische en genetisch-interpretatieve beschouwingen bij enkele gedichten uit de nalatenschap van J.H. Leopold aan de Universiteit Utrecht, de basis voor twee banden uit de zevendelige serie Verzamelde verzen. Al eerder had hij zich met de editietechniek beziggehouden en dat zou hij later ook nog doen. Hij hield zich voorts bezig met J.C. Bloem, J.H. Leopold en Martinus Nijhoff van welke laatste hij, samen met collega Wiljan van den Akker, een wetenschappelijke en kritische leeseditie verzorgde en over wie hij op 18 oktober 1988 zijn inaugurele rede hield. Hij is sinds 1985 hoogleraar Moderne Nederlandse letterkunde aan de Rijksuniversiteit Groningen. In de loop der jaren bezorgde hij (al dan niet met anderen) verzamelde werken of brieven van verscheidene auteurs.

Dorleijn heeft/had zitting in verscheidene jury's voor literaire prijzen, waaronder de P.C. Hooft-prijs en de Prijs der Nederlandse Letteren. In 2014 werd hij benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw.

Tijdens de procedure voor de uitreiking van de P.C. Hooft-prijs (2019) aan Marga Minco bleek dat Dorleijns grootouders tijdens de nazibezetting betrokken waren bij het bewaren van een gedeelte van de inboedel van het gezin Minco. Marga Minco heeft dit beschreven in Het adres.[1] In overleg werd besloten dat iemand anders Minco zou vertellen dat de prijs aan haar was toegekend. Dorleijn bood Minco later excuses aan voor het gedrag van zijn grootouders.[2]

BibliografieBewerken

Eigen werkBewerken

  • Schuilgelegen uitzicht. Uitgave van en editie-technische en genetisch-interpretatieve beschouwingen bij enkele gedichten uit de nalatenschap van J.H. Leopold. Amsterdam, 1984 (proefschrift).
  • J.H. Leopold, Gedichten uit de nalatenschap. Uitgegeven en van editie-technisch en genetisch-interpretatief commentaar voorzien door G.J. Dorleijn. 2 delen. Amsterdam/Oxford/New York, 1984.
  • Terug naar de auteur. Over de dichter M. Nijhoff. Baarn, 1989 (bewerking van zijn inaugurele rede).
  • [met C.J. van Rees] De impact van literatuuropvattingen in het literaire veld. Aandachtsgebied literatuuropvattingen van de Stichting Literatuurwetenschap. 's-Gravenhage, 1993.
  • [met Wiljan van den Akker] Dameskoor 'Het zingend vedertje', of de geschiedschrijving van de moderne Nederlandse poëzie. Utrecht, 1997.
  • [met Erica van Boven] Literair mechaniek. Inleiding tot de analyse van verhalen en gedichten. Bussum, 1999.
  • [met Wiljan van den Akker] De muze: een vrouw met den blik van een man. Utrecht, 2003.

VerzorgingenBewerken

  • [met Wiljan van den Akker] M. Nijhoff, Gedichten. 3 delen. Assen [etc.], 1993.
  • [met Wiljan van den Akker] M. Nijhoff, De pen op papier. Verhalend en beschouwend proza, dramatische poëzie. Amsterdam, 1994.
  • [met F. Bulhof] E. du Perron, Het land van herkomst. Amsterdam, 1996.
  • [met Mirjam van Hengel] A. Alberts, Verzameld werk. 3 delen. Amsterdam, 2005.

BloemlezingenBewerken

  • De 100 beste gedichten van 2002. Amsterdam [etc.], 2003 [Keuze uit de inzendingen voor de VSB-poëzieprijs 2002].