Biretta

Zie artikel Dit artikel gaat over een hoofddeksel. Voor het wapen, zie Beretta

De biretta, het hoofddeksel van mannelijke, niet in een klooster levende geestelijken in de Rooms-Katholieke Kerk, wordt in het Nederlands meestal bonnet genoemd, onder invloed van het Spaanse woord bonete. Tot aan het Tweede Vaticaans Concilie werd hij verplicht bij de toog gedragen, maar niet tijdens de eredienst. Hij is vierkant en gemaakt van stof met ingevoerde kartonnen stroken. In de meeste landen heeft hij drie of vier hoorns of boogvormige „handvatten“, in Spanje heeft hij dergelijke hulpstukken niet. In de meeste gevallen heeft hij een pompon, een bolvormige kwast zonder koord, bovenop in het midden.

Zwarte biretta met pompon
Angelo Scola met biretta

De bonnet is bekend sinds rond de 13e eeuw. De kleur van de bonnet geeft de rang van de drager aan. Priesters en diakens dragen een zwarte bonnet met een zwarte pompon. Pauselijke ereprelaten dragen een zwarte bonnet met een violette pompon en in veel bisdommen ook de dekens. Monniken dragen geen bonnet. Alleen bisschoppen, seculiere kanunniken van bijzondere kapittels (verenigingen van kanunniken) en apostolische protonotarissen dragen een paarse bonnet met een paarse pompon. De biretta van kardinalen is scharlaken-rood en heeft geen pompon. De plant kardinaalsmuts is dan ook naar dit hoofddeksel genoemd, omdat de vrucht van deze plant qua kleur (rood) en vorm (min of meer vierkant) op dit hoofddeksel lijkt. Naast een biretta draagt een kardinaal ook wel een kardinaalshoed. De paus draagt geen bonnet.

Zie ookBewerken

  Zie de categorie Birettas van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.