Hoofdmenu openen
Pijpleidingen in Oost-Europa

Het Baltisch Pijpleidingsysteem (Russisch: Балтийская трубопроводная система; Baltiejskaja troebopovodnaja sistema) of BPS-1 is een Russisch oliepijpleidingsysteem van het staatsbedrijf Transneft. Over het Baltisch Pijpleidingsysteem wordt olie getransporteerd vanuit het aardolieveld Timan-Petsjora (Nenetsië), West-Siberië (vooral Chanto-Mansië) en de regio Wolga-Oeral (vooral Tatarije) naar het havenstadje Primorsk aan de oostzijde van de Finse Golf. De belangrijkste elementen worden gevormd door:

  • een pijpleiding van Jaroslavl naar Kirisji;
  • een oliepompstation van Kirisji;
  • een pijpleiding van Kirisji naar Primorsk;
  • een olieterminal in Primorsk.

Het project werd opgestart in 1997 en de constructie werd voltooid in 2001. In november 2006 bereikte het systeem zijn volle geplande capaciteit met 1,480 miljoen vaten per dag, ofwel 74 miljoen ton olie per jaar. De totale investering in de pijplijn bedroeg circa 2,5 miljard dollar. Met deze pijplijn werd de exportroute via de Baltische staten minder belangrijk.

Tijdens de plannings- en constructiefasen werd het project bekritiseerd door natuurbeschermers. Dit was met name vanwege de kwetsbaarheid van de Oostzeeregio en de nabijheid van de haven van Primorsk bij het natuurreservaat Berjozovye ostrova (Berkeneilanden), een belangrijk vogelreservaat, dat is beschermd door de Conventie van Ramsar.

Tussen 2009 en 2012 werd het Baltisch Pijpleidingsysteem-II (BPS-2) aangelegd en in werking gesteld. Deze tak loopt vanaf de de Droezjba-pijpleiding bij Oenetsja nabij de Russisch-Wit-Russische grens naar de terminal bij Oest-Loega aan de Finse Golf met een 172-kilometer lange aftakking naar de olieraffinaderij van Kinef bij Kirisji.

Externe linksBewerken