Hoofdmenu openen

Willem de Zwart

Nederlands kunstschilder (1862-1931)

Wilhelmus Henricus Petrus Johannes (Willem) de Zwart (Den Haag 16 mei 1862 - aldaar, 11 december 1931) was een Nederlandse schilder, tekenaar, etser, aquarellist en plateelschilder.

Willem de Zwart
Zelfportret, ca. 1910
Zelfportret, ca. 1910
Persoonsgegevens
Volledige naam Wilhelmus Henricus Petrus Johannes de Zwart
Geboren Den Haag, 16 mei 1862
Overleden Den Haag, 11 december 1931
Beroep(en) schilder, tekenaar, etser, aquarellist, plateelschilder
Oriënterende gegevens
Stijl(en) Impressionisme
RKD-profiel
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Inhoud

OpleidingBewerken

Willem de Zwart kreeg zijn eerste schilderlessen van 1876 tot 1880 aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag. Overdag ging Willem de Zwart in de leer bij de Haagse school-schilder Jacob Maris. De invloed van Maris beleef geruime tijd zichtbaar; tot circa 1885 schilderde Willem de Zwart veelal landschappen en bos-gezichten. Ook kopieerde Willem de Zwart op verzoek van zijn leermeester 17e eeuwse schilders uit het Mauritshuis.[1]

Leven en werkBewerken

In 1885 werd de Zwart lid van de Haagse kunstenaarsvereniging Pulchri Studio en de Nederlandsche Etsclub. Datzelfde jaar ondernam hij samen met zijn vriend George Hendrik Breitner een reis naar Drenthe; waar ze veel in de natuur schilderden. Vanaf 1890 worden zijn voorstellingen gedurfder en zijn schilderstoets breder. De stadsgezichten van Willem de Zwart met trampaarden en figuurstukken (waaronder kimono meisjes) uit deze periode zijn verwant aan die van Breitner en Willem Witsen [1].

Zwart woonde en werkte in Den Haag tot 1894. In 1891 verbleef hij kort in Parijs waar hij een uitgebreide serie doeken heeft geschilderd van de stad; deze zijn bijna allemaal verdwenen.[2] In 1894 verhuisde Willem de Zwart met zijn gezin naar het Gooi. Zijn inspiratie haalde hij daar, net zoals de schilders van de Larense School uit de voorhanden zijnde onderwerpen uit het boerenleven van 1900. Ook schilderde hij daar een bijzonder schilderij dat het Teylers museum heeft weten te bemachtigen: Marietje in het gras[3]. De Zwart schilderde hiervoor zijn eerste kind, geboren in 1889. Vermoedelijk was ze toen vijf jaar oud en zat ze in de tuin van het ouderlijk huis in Soest.[4]
Hij woonde van 1900 tot 1905 in Amsterdam en tot 1917 in Veur (Leidschendam). In 1917 keerde hij definitief terug naar Den Haag, waar hij in 1931 overleed.[1] Verder verbleef en werkte de Zwart ook veel in Scheveningen, Voorburg en Bloemendaal.

De tijd tussen 1880 en 1895 wordt gezien als de meest vruchtbare periode van zijn kunstenaarschap. Hij kreeg commercieel meer succes doordat hij zich verbond aan de kunsthandel Van Wisselingh. Dit contract werd in 1910 verbroken; vanaf die tijd verging het hem steeds slechter. Ook vormde zijn neerslachtigheid een belemmering in zijn carrière.[5]

Schilderen: werkwijze en stijlBewerken

Het werk van Willem de Zwart vertoont een breed scala aan onderwerpen: landschappen, stadsgezichten, portretten en stillevens, weergegeven in een naturalistisch-impressionistische stijl. Hij viel op binnen de Haagse School door zijn uitbundig kleurgebruik. Zijn schilderkunst toont verwantschap met het op mens en stad gerichte Amsterdams Impressionisme. In de keuze van zijn onderwerpen - het landschap - behoorde Willem de Zwart tot de Haagse School, in zijn stijl en kleurgebruik tot de Amsterdamse impressionisten. Hij wordt dan ook wel de 'Haagse Breitner' genoemd, ook al omdat hij volgens A. M. Hammacher in vroege werken met zijn breed geschilderde figuren dicht bij Breitner kwam.[2]Zijn landschappen, figuurstukken en stillevens schilderde hij met een vlotte, gedurfde penseelstreek. De verf bracht hij dik aan, soms direct uit de tube, met felle kleurtoetsen in uitbundige roden, gelen en blauwen, waardoor zijn schilderijen een bijzondere levendigheid kregen.[6]

EtsenBewerken

De Zwart maakte onder andere veel etsen van de landschappen die hij in en om Den Haag aantrof. Hij werd door zijn tijdgenoten als een echte impressionist beschouwd, getuige wat kunst-criticus Albert Verwey schreef in De Nieuwe Gids naar aanleiding van een bijdrage van De Zwart in de tweede portefeuille van de Nederlandse Etsclub:

'Deze ets lijkt het werk van iemand die niet verlangt te zoeken naar buitengewoonheden, die het dagelijksch leven van luchten en steden en wateren gaat zien en het mooi vindt en het meeneemt in zichzelf om het ernstig-gelukkig weer te geven, rustig doende wat hij niet laten kan.'

De Zwart werkte in tegenstelling tot Marius Bauer of Willem Witsen ook op de etsplaat als een echte schilder; Richard Bionda schrijft in zijn monografie over De Zwart:

'In de korte bondige lijnvoering waarmee hij de rondingen van de vormen nauwkeurig volgt, hanteert hij hetzelfde principe als in zijn schilderijen. Zelfs het schraapstaal gebruikt hij niet zozeer om correcties aan te brengen, maar om achteraf, als met een penseel, wat meer licht, en daarmee 'kleur' te geven.'

Sommige van de etsten zijn dan ook daadwerkelijk naar zijn eigen schilderijen gemaakt, waarbij opvalt dat De Zwart zich niet om het spiegelbeeldig effect van de ets bekommerde.[7]

De Zwart werkte als jonge schilder nog drie jaar voor de Plateelbakkerij Rozenburg, waar hij tegels beschilderde. Hij was lid van het Amsterdamse Arti et Amicitiae en ontving verschillende onderscheidingen op internationale en nationale tentoonstellingen.

Galerij van werkenBewerken

MuseaBewerken

Musea waarin zijn werk valt te bezichtigen, zijn o.a. het Gemeentemuseum Den Haag, het Dordrechts museum en het Kröller-Müller Museum in Otterlo.

LiteratuurBewerken

LinksBewerken