Wildeman

heraldisch figuur
Icoontje doorverwijspagina Zie Wildeman (doorverwijspagina) voor andere betekenissen van Wildeman.

In de heraldiek worden wildemannen, vrijwel naakte, met eikenloof omgorde woestelingen als schildhouders of figuur in het wapen gebruikt. Meestal dragen de wildemannen een houten knots. Het wildeman-motief kwam voor van Scandinavië en de Britse Eilanden tot aan de grenzen van het Heilige Roomse Rijk.

Afbeelding uit vijftiende eeuw
Wapen van het koninklijk huis van Griekenland
Grafmonument met familiewapen van Maria Edmunda von Kolb, abdis van het klooster Wald, overleden in 1772

AchtergrondBewerken

De wilde man symboliseert de ongetemde krachten van de natuur, bosgerelateerde beroepen en fysieke kracht. Deze figuur wordt ook gebruikt als de heraldische voorstelling van een reus .

Vroeger werden wildemannen in beschrijvingen ook wel Hercules genoemd.[1][2] De wildemannen komen veel in wapens voor. De Hohenzollerns laten hun wapen door twee wildemannen vasthouden en ook in de wapens van steden als Antwerpen, Bergen op Zoom, 's-Hertogenbosch, Kortrijk en Sneek komen wildemannen voor als schildhouders.

De kleine Duitse gemeente Wildemann heeft een sprekend wapen met een wildeman en een Saksenros. Ook de twee wildemannen van Johann Tscherte (zie afbeelding) zijn sprekend, want zijn naam is Tsjechisch voor wildeman. De onderste van de twee loopt op bokkenpoten.

Bij de blazoenering van een wildeman horen alle bijzonderheden beschreven te worden; zoals het dragen van oorringen, kettingen, arm- of voetbanden. Als zij geheel naakt zijn worden de dekkleden om hun heupen en dijen geslagen.[3]

Buiten de heraldiekBewerken

De wildeman komt ook voor in sprookjes zoals IJzeren Hans, Simeliberg van de gebroeders Grimm en in De wildeman uit Overijssel.

 
Wapen van Johann Tscherte, houtsnede van Albrecht Dürer

AchternaamBewerken

Wildeman is ook een achternaam, onder anderen:

Zie ookBewerken

  Zie de categorie Wild man in heraldry van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.