Vliegveld Ypenburg

vliegveld in Rijswijk, Nederland

Vliegveld Ypenburg was een Nederlands vliegveld in de gemeente Rijswijk. Het was in bedrijf van 1936 tot 1991, aanvankelijk als civiel vliegveld en later als militair vliegveld. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was het bekend als Flugplatz Den Haag.

Vliegveld Ypenburg
Voorzijde Stationsgebouw van voormalig vliegveld Ypenburg - 's-Gravenhage - 20528204 - RCE.jpg
IATA: ICAO: EHYB
Algemene informatie
Opgericht 1936
Plaats Rijswijk, Vlag van Nederland Nederland
Coördinaten 52° 2′ NB, 4° 21′ OL
Locatie in Nederland
Vliegveld Ypenburg (Nederland (hoofdbetekenis))
Vliegveld Ypenburg
Lijst van luchthavens
Portaal  Portaalicoon   Luchtvaart
Nationale Luchtvaartschool met een Koolhoven F.K. 46, omstreeks 1939
Bombardement vliegveld Ypenburg door de R.A.F.
Een Avro Lancaster trekt weer op, nadat boven Ypenburg voedsel is gedropt
Toren van het stationsgebouw Ypenburg uit 1936 (foto gemaakt 2014)

NaamgevingBewerken

Het voormalige vliegveld dankte zijn naam aan de 17e-eeuwse buitenplaats Ypenburg, die aan de Steenweg (nu Delftweg) van Den Haag naar Rotterdam lag.

LiggingBewerken

Het vliegveld lag in de gemeente Rijswijk, en na uitbreidingen ook deels op het grondgebied van de gemeenten Nootdorp, Leidschendam en Den Haag. Het werd begrensd door Rijksweg 13, Rijksweg 12, Rijksweg 4 (na het gereedkomen hiervan) en de Brasserskade.

GeschiedenisBewerken

AanvangBewerken

Op 22 februari 1936 stak de Rijswijkse burgemeester Jacques van Hellenberg Hubar de eerste spade in de grond voor de aanleg van het vliegveld Ypenburg. Het werd een werkverschaffingsproject. Hiertoe werden percelen grond in de Oude Broekpolder aangekocht door Grondmij Ypenburg, een samenwerkingsverband tussen de Haagsche Aeroclub, de bank Heldring & Pierson, de Rotterdamsche Aero Club en particulieren. Op 29 augustus 1936 verrichtte minister van Waterstaat, jhr. O.C.A. van Lith de Jeude, de officiële opening van het eerste sportvliegveld van Nederland, maar hij benadrukte ook dat het eventueel als uitwijkhaven of noodlandingsterrein, zelfs voor militaire doeleinden, gebruikt zou kunnen worden.

Naast een hangar voor stalling en onderhoud van de vliegtuigen was er een stationsgebouw in functionalistische stijl[1] naar ontwerp van de architecten Brinkman en Van der Vlugt, waarin onder meer een restaurant was ondergebracht. Vanaf het dakterras en een tribune hadden dagjesmensen een goed uitzicht op de activiteiten op het vliegveld, dat gebruikt werd door de Nationale Luchtvaart School (NLS). Ook vanaf de parkeerstrook langs de Rijksweg 13 konden bij de ingang tot het vliegveld de verrichtingen aanschouwd worden.

VliegfeestenBewerken

Bioscoopjournaal uit 1949. Op het vliegveld Ypenburg worden wedstrijden gehouden met modelvliegtuigen, georganiseerd door de Haagse Luchtvaartclub.

Reeds vanaf de opening vonden er vliegfeesten plaats; het eerste vond tot twee dagen na de dag van de opening plaats, een maand later gevolgd door een jeugdvliegfeest. Hierbij namen behalve militaire toestellen van de Luchtvaartafdeeling ook ruim veertig burgertoestellen uit binnen- en buitenland deel, waar duizenden bezoekers uit de Haagse regio op af kwamen. De KLM verzorgde rondvluchten boven Den Haag.
In 1937 werd door de Bond van Nederlandsche Zweefvliegclubs een nationale zweefvliegdag op tweede Pinksterdag georganiseerd.
Ter gelegenheid van het veertigjarig regeringsjubileum van koningin Wilhelmina vond in 1938 weer een druk bezocht vliegfeest plaats met veel vliegdemonstraties.
Ten gevolge van oorlogsdreiging en politieke onrust werden er daarna geen vliegfeesten meer georganiseerd.

Na de Tweede Wereldoorlog vonden vanaf 1945 weer vliegfeesten plaats, vanaf 1949 gevolgd door de ILSY-vliegfeesten die door de KNVvL werden georganiseerd.

Duitse bezettingBewerken

Ypenburg was in 1936 begonnen als een eenvoudig vliegveld voor sport- en zakenvliegtuigen.[2] Toen de Duitse politieke en militaire agressiviteit toenam, kreeg het in 1939 een militaire status, vanwege de mobilisatie. De Luchtvaartafdeeling nam er zijn intrek. Op 10 mei 1940 werden het vliegveld en de omliggende gebouwen onder vuur genomen door vliegtuigen van de Duitse Luftwaffe en vonden er luchtlandingen plaats van Duitse troepentransportvliegtuigen en parachutisten. Tijdens de Slag om Den Haag woedde op en rond het vliegveld vier dagen lang een felle strijd, waarbij Ypenburg beurtelings in Duitse en in Nederlandse handen viel.[3] Uiteindelijk kwam het vliegveld ten gevolge van de capitulatie van Nederland in Duitse handen en werd de naam omgedoopt tot Flugplatz Den Haag.

De Luftwaffe breidde het uit tot 115 hectare. Als fundering werd puin van gebombardeerde Rotterdamse huizen gebruikt.[bron?] Er werden bunkers en houten barakken gebouwd, en een uitgebreide verwarming werd aangelegd.[bron?] De klei- en veenlagen werden uitgegraven, waarna 500.000m3 werd zand gestort. Het vliegveld werd echter veelvuldig door vliegtuigen van de R.A.F. onder vuur genomen en gesaboteerd[bron?], waardoor de drainage onklaar raakte en het onbruikbaar werd. Om eventuele landingen van geallieerden onmogelijk te maken, werd het gehele veld doorgraven met sloten.[bron?]

Pas in 1944 kwam er weer activiteit op het vliegveld. Er werd toen een lanceerbaan voor V-1s geplaatst.[4] Het vliegveld kreeg de benaming Stellung 538. De eerste lancering vond plaats in maart 1945. De Britten wisten deze stelling te traceren en door bombardementen onschadelijk te maken.

Ten gevolge van het op 30 april 1945 gesloten en op 1 mei 1945 getekende Akkoord van Achterveld fungeerde het terrein als een van de elf afwerpterreinen voor voedseldroppings door de R.A.F.

HerrijzenisBewerken

Na de bevrijding van Nederland werd in samenwerking met de Nederlandse Heidemaatschappij door de N.V. Grondmaatschappij Ypenburg de schade aan het vliegveld en de bebouwing hersteld. Daarna keerde de NLS (later ook de Rijksluchtvaartschool tussen 1946-1954) weer terug. Tussen 1 juni 1945 en eind 1946 was het Opkomstdepot Luchtstrijdkrachten (afkomstig uit Eindhoven) hier gevestigd. Het had tot doel de keuring van oorlogsvrijwilligers voor de strijd tegen Japan en daarna voor de uitzending naar Nederlands-Indië.

Toen het vliegveld werd vrijgegeven voor de burgerluchtvaart kocht Frits Diepen het van de eerdere eigenaren, de gebroeders Kok, en vestigde er in 1946 zijn bedrijf Avio-Diepen. Het vliegveld werd ondergebracht in de N.V. Vliegveld Ypenburg, met als aandeelhouders de gemeenten Rijswijk en Den Haag. Om het vliegveld lonend en zonder subsidies te kunnen exploiteren werd het idee geopperd de luchthaven uit te breiden tot een luchthaven met een zogenaamde E-klasse. Dit ging niet door vanwege de uitbreiding van het 10 kilometer zuidelijker liggende vliegveld Zestienhoven. Om toch tot verantwoorde exploitatie te komen werd met het ministerie van Oorlog onderhandeld over de aanleg van een verharde start- en landingsbaan van 2400 meter en een overname van het vliegveld. Hiermee werd het een vliegbasis met het vliegtuigonderhoudsbedrijf Avio-Diepen als civiel medegebruiker. De startbaan werd in 1955 in gebruik genomen. De NLS week uit naar Zestienhoven. Van 1970 tot 1980 en was de Luchtmacht Stafschool (L.S.S.) in het hoofdgebouw gevestigd.

Het vliegveld werd gebruikt door de squadrons 298, 299 en 300 van de Groep Lichte Vliegtuigen (GPLV), en het 298 squadron ingezet als Search And Rescue/Tactical Air Rescue-detachement. Verder vond ook het 334 Transport Squadron er onderdak. Ook vonden regelmatig test- en calibratievluchten plaats van toestellen die bij Avio-Diepen in onderhoud waren, en tot en met 1957 werd periodiek de ILSY (Internationale Luchtvaart Show Ypenburg) georganiseerd.

Na verplaatsing van het GPLV-detachement verminderden ten gevolge van bezuinigingen en toenemende geluidsoverlast[bron?] de activiteiten, en vanaf 1968 was Ypenburg een slapende basis die werd gebruikt voor ceremonieel bij landingen van het Nederlands regeringstoestel en van buitenlandse staatshoofden, ministers en andere autoriteiten bij een bezoek aan Nederland. Wel werd er met sport- en zweefvliegtuigen gevlogen en vonden vliegtuigmodelbouwclubs er hun onderkomen. Bij de oude hoofdpoort van de basis waren onder meer de politieverbindingsdienst (PVD) met een meldkamer en technische dienst, en de uitvalsbasis van de toenmalige Porschegroep district West van de Algemene Verkeersdienst (AVD) van het Korps Rijkspolitie gevestigd.

In 1990 werd het besluit genomen het vliegveld te sluiten en te handhaven als slapende basis, en in 1991 was Ypenburg het eerste vliegveld dat als gevolg van defensiebezuinigingen en het einde van de Koude Oorlog definitief werd gesloten.

 
Directeurswoning vliegveld Ypenburg

De daadwerkelijke sluiting van Vliegbasis Ypenburg vond plaats op 1 maart 1992. Het terrein kwam onder verantwoordelijkheid van de Dienst Gebouwen, Werken en Terreinen van het ministerie van Defensie. Deze dienst had als taak de sloop van alle vliegveldinstallaties, waarbij het stationsgebouw vanwege de geschiedkundige waarde ter nagedachtenis aan de Slag om Den Haag in 1940 en de voedseldroppings in 1945, en de verkeerstoren gehandhaafd dienden te blijven.
Het stationsgebouw, de verkeerstoren, en een Tobrukbunker vallen onder de Rijksmonumenten, evenals de extern gelegen directeurswoning, die door M. Zwanenburg in de stijl van de nieuwe zakelijkheid werd ontworpen, en die later in gebruik was als portierswoning.

Na de sluitingBewerken

 
Ypenburg, de Singel/Ypenburgse Bosbaan, een vroegere taxibaan voor vliegtuigen.

Na sluiting van de basis werd het oude B-kamp bij de voormalige zuidpoort aan de Brasserskade, omgebouwd tot het Instituut Defensie Leergangen (IDL). Dit instituut werd na samengaan met KMA en KIM verplaatst naar Breda, en in 2013 kwam Stichting Historische Verzameling Instituut Defensie Leergangen (kunstobjecten) ervoor in de plaats.

De historische hangar uit 1936 - een rijksmonument - werd gedemonteerd en weer opgebouwd bij vliegveld Hoogeveen, waar hij nu historische vliegtuigen huisvest.

Bebouwing van het terreinBewerken

Ondertussen was in 1991 onder de Vierde Nota Ruimtelijke Ordening Extra (VINEX) een samenwerkingsverband tot stand gekomen tussen de gemeenten Rijswijk, Nootdorp en Den Haag, met het oog op bebouwing van het terrein met bedrijven en ruim 10.000 woningen voor bewoners uit de regio als het vliegveld zou worden opgeheven. Door onderlinge conflicten, grondruil en grenscorrecties (annexaties) duurde het uiteindelijk tot 1995 voordat alle partijen akkoord waren om tot bebouwing over te gaan, nadat het terrein door het Ministerie van Defensie was afgestoten.

Archeologische vondstenBewerken

Tijdens het bouwrijp maken van het terrein werden door de stadsarcheoloog van Rijswijk en zijn team belangrijke vondsten gedaan, zoals een grafveld met 42 individuen uit de nieuwe steentijd op een oude landinwaartse duinenrij, waarvan het bestaan niet bekend was.[bron?]

Monument stationsgebouwBewerken

 
Het oorlogsmonument op het Ilsy-plantsoen

Het stationsgebouw is een rijksmonument. Het heeft van 1994 tot 2010 dienstgedaan als projectbureau en informatiecentrum voor nieuwe bewoners van de Vinexwijk Ypenburg, die op het terrein van de voormalige vliegbasis werd gebouwd.
In 2011 werd met de restauratie begonnen, gedeeltelijk gefinancierd door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en de gemeente Den Haag, en in 2013 was deze voltooid. De toren, die alleen met een buitentrap te bereiken was, heeft weer een binnentrap gekregen.[bron?] Het luchthavencomplex was tijdens de Open Monumentendagen van 2012, 2014 , 2016 en 2017 te bezichtigen.

Voor het stationsgebouw is op het Ilsy-plantsoen een oorlogsmonument geplaatst ter nagedachtenis van de gevallenen bij de verdediging van het vliegveld.

LiteratuurBewerken

  • Abbing, van Haaster, Labordus, van Mil; Ypenburg. Veroverd op de zee - van vliegveld tot woonwijk, uitgeverij: Projectbureau Ypenburg, 2005; ISBN: 9799080664271.
  • Bolt, Jacqui; Ypenburg in de Steentijd. Een historische kinderroman, uitgeverij: Dienst Stadsbeheer, Gemeente Den Haag, Den Haag, 2010; ISBN: 9789460670282.
  • Brongers, A.H. Luitenant-Kolonel b.d.; De slag om Ypenburg mei 1940, uitgeverij: GAR Gemeentearchief Rijswijk, 2000; ISBN: 9072520165
  • Helm, E.J.A.M. van der; Boeren op Ypenburg – Ontstaan en vergaan van de hofstede Ypenburg; uitgeverij: Kirjaboek, 2013; ISBN: 9789460081750
  • Kamphuis, G.H.; Halve eeuw Ypenburg, Uitgeverij: Sijthoff Handelsdrukkerij Zoetermeer, 1986; ISBN: 9070682109
  • Koot, Hans; Have, B. van der; De Steentijdmensen van Ypenburg - Graven In Rijswijk, uitgeverij: Stichting Rijswijkse Historische Projecten, Rijswijk, 2001; ISBN: 9789080679313
  • Kuiper, H.; Ypenburg, Onze strijd tegen de parachutisten, uitgeverij: Brandenburgh & Co, Sneek, 1946.
  • Roggeband, P.J.; Verstegen, T; Vuijsje, Herman; Heden Vinex Ypenburg, uitgeverij: Veenman Publishers, 2007; ISBN: 9789086901470.
  • Venema, Hans; Buitenplaats Ypenburg - Een bevlogen bouwlocatie, uitgeverij: Thoth, Bussum, 2000; ISBN: 9789068682205
  • Vries, L.S. de; Luilekkerland aan de kust; De faunaresten van de neolithische nederzetting bij Rijswijk-Ypenburg (Rapportage Archeologische Monumentenzorg 106, pdf), uitgeverij: R.O.B., Amersfoort 2004; ISBN: 9057990539

Externe linksBewerken