Hoofdmenu openen
Dit artikel is in bewerking voor de Schrijfwedstrijd. Crystal wp.png
Wil je een grotere wijziging in dit artikel doorvoeren, dan is het misschien beter deze eerst op de overlegpagina voor te stellen. Voor uitleg hierover zie hier.

The Waves, in het Nederlands vertaald als De Golven, is een roman van Virginia Woolf uit 1931. Velen beschouwen het als haar meest experimentele werk.[1] Het bestaat uit monologen van de zes personages: Bernard, Susan, Rhoda, Neville, Jinny en Louis.

The Waves
Auteur(s) Virginia Woolf
Kaftontwerper Vanessa Bell
Land Verenigd Koninkrijk
Taal Engels
Genre roman
Uitgever Hogarth Press
Uitgegeven 1931
Pagina's 324
Vorige boek Orlando: A Biography
Volgende boek Flush
Portaal  Portaalicoon   Literatuur

In dit boek beschrijft Woolf de levens van een groep vrienden, vanaf hun jeugd tot de middelbare leeftijd, in hun eigen woorden en gedachten. Tussen de gedachten van de verschillende karakters staan poëtische, sfeerbepalende passages, waarin een zeegezicht beschreven wordt met de opkomende en ondergaande zon, de kust en de brekende golven.

InhoudBewerken

De roman beschrijft zes verschillende maar gelijktijdige levens. Virginia Woolf volgt hen in negen parallelle episoden van hun kindertijd tot op middelbare leeftijd.[2] Deze perioden worden afgewiiseld door cursief gedrukte, korte 'tussenspelen'. Elk van de zes personages kan herkend worden aan toon en onderwerp van hun woorden, maar het poëtische ritme van hun uitingen is gelijk. Ook delen ze bepaalde voorstellingen en emoties. Dat vormt een aanwijzing voor een gedeeld element in of patroon van hun bestaan, een typisch romantische gedachte.[noten 1] In het middelpunt staan fragmenten uit het leven van drie vrouwen en drie mannen vanaf hun gemeenschappelijke kindertijd tot op hogere leeftijd. De aan hun gewijde episoden worden tienmaal afgewisseld met cursief gedrukte, onpersoonlijke 'tussenspelen'. Deze beschrijven de impressies van een dag aan de kust, van een zomerse zonsopkomst tot een herfst- of winteravond. De korte tussenspelen waren volgens Woolf nodig 'als brug tussen de monologen, maar ook als achtergrond: de zee, de zielloze natuur, ik weet het niet'.[3]

De overgang van de altijd weer zon, strand, tuin en huis beschrijvende 'tussenspelen' naar de 'episoden' van de personages levert een ritme van herhaling en verandering op. Dat ritme vervult de dag aan de kust, de seizoenswisselingen en het leven van de zes hoofdpersonen. Deze continuïteit wordt afgezet tegen de 'vergankelijke levensuren' van de personages.[4] De 'episoden' uit het leven van de drie mannelijke (Bernard, Neville en Louis) en de drie vrouwelijke (Jinny, Rhoda en Susan) personages worden in de vorm van monologen verteld. De personages reageren niet echt op elkaar, maar praten langs elkaar heen.

PlotBewerken

Het plot speelt een ondergeschikte rol in de roman. De handeling, gewoonlijk beschouwd als het centrale element van een roman, wordt emotieloos verteld, vaak in een zinsdeel in het midden van een alinea, zonder enige nadruk of commentaar. Dat maakt de roman lastig leesbaar.[5]

AchtergrondBewerken

In de jaren twintig groeide het succes van Virginia Woolf gestaag. De in 1927 gepubliceerde roman To the Lighthouse (Naar de Vuurtoren) werd zeer goed ontvangen en was ook een commercieel succes.[6] In 1928 verscheen Orlando. Hoewel Woolf inmiddels een reputatie had opgebouwd als iemand die je gelezen behoorde te hebben, wilde je je op enige wijze als intellectueel profileren, werd ze nog steeds als een lastige auteur beschouwd, die op een vreemde manier schreef. Orlando was een opluchting: deze high-brow auteur schreef eindelijk iets eenvoudigs, rechtlijnig en amusant verteld.[7] In de eerste zes maanden werden 8104 exemplaren verkocht, zodat het echtpaar Woolf van alle financiële zorgen was verlost.[8]