Hoofdmenu openen

Stanislaus Szczepanowski

Pools priester (1030-1079)

Stanislaus Szczepanowski (Szczepanów, 26 juli 103011 april 1079, Krakau) was de zesde bisschop van Krakau. Stanislaus werd in 1079 door Boleslaw II van Polen vermoord, waarna hij tot de heilige Sint-Stanislaus de Martelaar is verklaard.

Sint-Stanislaus de Martelaar
Sanctus Stanislaus.JPG
Geboren 26 juli 1030 te Szczepanów, Koninkrijk Polen
Gestorven 11 april 1079 te Krakau, Koninkrijk Polen
Verering Rooms-Katholieke Kerk
Heiligverklaring 8 september, 1253 te Assisi door Paus Innocentius IV
Schrijn Wawelkathedraal, Michaël-en-Stanislauskerk
Naamdag 11 april
Lijst van christelijke heiligen
Portaal  Portaalicoon   Christendom
Stanislaus Szczepanowski
het wapen van Stanislaus
het wapen van Stanislaus
Bisschop van de Rooms-Katholieke Kerk
Wapen van een bisschop
Wijdingen
Bisschop 1072
Kerkelijke loopbaan
1072-1079 Bisschop van Krakau
Voorganger Lambert II Suła van Krakau
Opvolger Lambert III van Krakau
Portaal  Portaalicoon   Christendom

Kerkelijke loopbaanBewerken

Stanislaus werd in een adellijke familie (clan Prus I) geboren en genoot een opleiding in Parijs, waarna hij priester werd.[1] Stanislaus kwam in dienst als kanunnik van de Wawelkathedraal onder Lambert II Suła van Krakau.[2] Hij accepteerde het bisschopsambt in 1072 en werd zo een van de eerste inheemse Poolse bisschoppen.[1] Als bisschop werd hij de adviseur van hertog Boleslaw, die koning wilde worden. Stanislaus hielp hem hierbij door pauselijke delegaties in Polen onder Paus Gregorius VII te kiezen. Boleslaw werd in 1076 gekroond.[1]

Stanislaus vroeg de nieuwe koning om steun voor een serie Benedictijnse kloosters in Polen. De goede band tussen de twee verslechterde door een geschil over land aan de Wisla en bereikte een dieptepunt door beschuldigen van de bisschop aan het adres van de koning voor buitenechtelijke relaties die de koning er op na zou houden. De koning werd door de bisschop geëxcommuniceerd, waarop de koning hem bestempelde als verrader. De koning gaf het bevel aan zijn soldaten om de bisschop te executeren, waarop die naar verluidt weigerde. Volgens de overleveringen zou de koning de bisschop persoonlijk hebben omgebracht in de Skałka-kerk. Andere bronnen zeggen een nabijgelegen kasteel. Het lichaam van de bisschop werd in stukken gehakt en in een poel gesmeten. De publieke reactie op deze moord dwong de koning om naar het Koninkrijk Hongarije te vluchten en vond zijn toevlucht in een Benedictijnse klooster.[1]

HeiligverklaringBewerken

De relieken van de bisschop werden in opdracht van Lambert III van Krakau in 1425 naar de Wawelkathedraal overgebracht.[3] Acht jaar later werd hij door Paus Innocentius IV heiligverklaard. Zijn naamdag was oorspronkelijk vastgesteld op 7 mei, maar tegenwoordig opgeschoven naar 11 april. Elk jaar leidt op 8 mei de bisschop van Krakau een processie van de Wawel naar de Michaël-en-Stanislauskerk.[1]

Sint-Stanislaus in de kunstBewerken

Zie ookBewerken