Rendier in Zuid-Georgia: verschil tussen versies

23 bytes toegevoegd ,  6 maanden geleden
geen bewerkingssamenvatting
k (linkfix)
Geen bewerkingssamenvatting
Het '''rendier in Zuid-Georgia''' is een voorbeeld van een diersoort die geïntroduceerd is buiten zijn oorspronkelijk woongebied. Het [[rendier]] is een [[hertachtigen|hertachtige]] dat aangepast is aan het [[arctisch klimaat|arctisch]] en het [[subarctisch klimaat]]. Het werd geïntroduceerd op het [[Subantarctis|subantarctische]] eiland [[Zuid-Georgië]] door [[Noorwegen|Noorse]] walvisjagers in de vroege 20ste eeuw. De reden voor deze introductie was bedoeld voor vrijetijdsjacht, maar ook als eten voor de vele mensen die werkten op het eiland in de walvisindustrie. Hoewel de mensen sindsdien vertrokken zijn is de rendierpopulatie gebleven. Ze leven in twee geografisch gescheiden kuddes en hun aantal is zodanig gestegen dat ze schade toebrengen aan het milieu, wat zelfs geleid heeft tot de beslissing om hen uit te roeien. In 2017 zijn de laatste rendieren geschoten.
 
==Geschiedenis==
[[Bestand:SouthGeorgiaIsland-EO.JPG|thumb|Satellietbeeld van Zuid-Georgia]]
De Barf-kudde was relatief geïsoleerd voor menselijke toegang en kon dus sneller groeien. Hierdoor werd de kudde te groot en was er te weinig voedsel waardoor het aantal terugliep. De Busen-kudde was wel toegankelijker voor de mensen waardoor er regelmatig op gejaagd werd.
Nadat de walvisindustrie stopte in de jaren zestig verlieten degenen die hiervan leefden het eiland, dat sindsdien nagenoeg onbewoond is, op een kleine militaire basis na en bezoekende wetenschappers. Er was weinig jacht op de dieren en er was ook geen controle meer. Beide kuddes, die gescheiden werden door [[gletsjers]] die stopten in de oceaan, omvatten zo’n 2600 dieren en bezetten 318 km² land, een derde van het begroeide gebied op het eiland waar grazen mogelijk was.
 
==Biologie==
 
==Ecologische impact==
De populatiedichtheid van het rendier in Zuid-Georgië iswas over het algemeen veel hoger dan in hun oorspronkelijke woongebied. In [[Spitsbergen (archipel)|Spitsbergen]] is de dichtheid ongeveer 5/km² terwijl deze in Zuid-Georgië kon variëren van 40/km² tot wel 85/km².
De gebieden die bezet wordenwerden door de rendieren zijnwaren de meeste begroeidenbegroeide en biologisch diverse van het eiland. De impact van de dieren zorgde voor overbegrazing van plaatselijke grassoorten, bodemerosie en verlies van [[biodiversiteit]] en de verspreiding van [[invasieve soort|invasieve]] [[onkruid|onkruiden]], zoals het geïntroduceerde [[straatgras]] dat beter tegen begrazing kan dan de oorspronkelijke planten.
Door deeen eventuele terugtrekking van de gletsjers als gevolg van het opwarmen van de aarde zou het leefgebied van de dieren waarschijnlijk uitgebreid worden naar andere delen van het eiland. Door de milieuschade die het rendier veroorzaakt is er in februari 2011 voorgesteld om de kuddes permanent uit te roeien. Om genetisch materiaal van de dieren te bewaren werd ineerder 2001al beslist om 59 kalveren (26 mannetjes en 33 vrouwtjes) over te brengen van de Busen-kudde naar de [[Falklandeilanden]], een andere reden was om daar verscheidenheid te brengen in de landbouw aldaar. Hun eerste nakomelingen werden in 2003 geboren.<ref> http://www.ub.uit.no/baser/septentrio/index.php/rangifer/article/viewFile/247/237 </ref>
 
==Andere introducties==
3.202

bewerkingen