Brahmanisme: verschil tussen versies

440 bytes toegevoegd ,  1 maand geleden
geen bewerkingssamenvatting
 
De vedische lijn ontwikkelde zich zo tot de ''[[nyaya]]''-, ''[[vaisheshika]]''-, ''[[samkhya]]''-, ''[[yoga]]''-, ''[[mimamsa]]'' en ''[[vedanta]]''-scholen, waarbij ook geput werd uit de rijke vedische canon van [[symbolisme]], [[filosofie]], [[theologie]] en [[kosmologie]], inclusief het behoud van de proto-vedische goden, maar ook met toevoeging van niet-vedische goden, zoals [[Shiva]].
 
De ''mimamsa''-school staat, zij het hervormd, nog het dichtste bij het vroege brahmanisme, met behoud van het puriteinse vedische ritueel en een vedisch filosofisch systeem. Zo kent deze school nog altijd de praktijk van het ''[[Homå (parochie)|homå]]'' (vuur), en ritueel. enDaarentegen dewordt aanbiddinggesteld vandat het [[godsbewijs]] ontbreekt, zodat de oude vedische goden zoalsals [[Indra (mythologie)|Indra]], [[Agni]] en [[Varuna (god)|Varuna]] volgens [[Shabara]] slechts van betekenis zijn omdat ze genoemd worden in de [[Mantra|mantra's]]. De goden zijn in deze [[Non-theïstische religiositeit|non-theïstische religie]] dan ook ondergeschikt aan het ritueel.<ref>{{aut|Ved Prakash Varma|Varma, V.P.}} (2005): ''Philosophical Reflections. Essays on Socio-Ethical Philosophy and Philosophy of Religion'', Allied Publishers, p. 190</ref>
 
Sommige geleerden, zoals Romila Thapar, bepleiten het bestaan van een discontinuïteit tussen het brahmanisme en het latere hindoeïsme. Het behoud van de ''Veda's'' en de ''Upanishads'' als spirituele bronnen, de continuïteit van vele proto-vedische gewoonten en geloven en de acceptatie van de vedische autoriteit door latere hindoes getuigen echter van een erfenis van meer dan vierduizend jaar.
43.993

bewerkingen