Binnenlandse Veiligheidsdienst: verschil tussen versies

1.493 bytes toegevoegd ,  1 maand geleden
Ook kreeg de BVD opdracht interneringsplannen voor te bereiden. Wanneer de alom gevreesde [[Derde Wereldoorlog]] zou uitbreken en Russische troepen voet op Nederlandse bodem zouden zetten, viel niet uit te sluiten dat de communisten in eigen land de zijde van de bezetter kozen, zo redeneerde het kabinet. In 1949 had CPN-leider [[Paul de Groot]] nog gewaarschuwd dat de CPN bij een invasie de zijde van de Russen zou kiezen. Onder de codenaam ''Operatie Diepvries'' begon de BVD daarom in 1952 een lijst van staatsgevaarlijke personen aan te leggen, waarop hoofdzakelijk communisten stonden. In geval van oorlog, bezetting of grote internationale dreiging dienden deze subversieve elementen onverwijld in de kraag te worden gevat, om vervolgens in kampen geïnterneerd te worden.
 
In 1956 begon de BVD de meningsverschillen die na de dood van Stalin binnen de CPN waren onstaan actief aan te wakkeren, wat er toe leidde dat een reeks CPN-kopstukken de partij verliet en verder ging als de [[Socialistische Werkers Partij]] (SWP), die feitelijk door de BVD gerund werd. Volgens BVD-historicus Dick Engelen beschikte de veiligheidsdienst begin jaren zestig over ruim 280 agenten in de CPN en aanverwante organisaties.<ref>Chris Vos e.da., De geheime dienst - verhalen over de BVD, Uitgeverij Boom Amsterdam 2005, p. 29-34.</ref>
 
De BVD was ook betrokken bij de eerste Russische uitgave van de roman [[Dokter Zjivago]] van de Russische schrijver [[Boris Pasternak]]. Hiervoor kreeg de dienst financiële ondersteuning van de [[Central Intelligence Agency|CIA]], die er waarschijnlijk op uit was om de Sovjet-leiders hiermee een loer te draaien, aangezien Pasternak nu dankzij de Russische publicatie in aanmerking zou komen voor de [[Nobelprijs voor Literatuur]]. Deze opzet slaagde en de roman verscheen in 1958 in Den Haag, waarna Pasternak in datzelfde jaar de Nobelprijs kreeg.<ref>Chris Vos e.da., De geheime dienst - verhalen over de BVD, Uitgeverij Boom Amsterdam 2005, p. 57-60.</ref>
 
In 1981 gaf de nieuw aangetreden minister van Binnenlandse Zaken [[Ed van Thijn]] de opdracht om het uitgebreid volgen van de CPN te staken. De partij was volgens hem allang niet meer staatsgevaarlijk, maar de BVD had grote moeite er mee te stoppen, mede omdat er decennialang was geïnvesteerd in het "opbouwen" van de vele informanten en agenten in de partij.<ref>Chris Vos e.da., De geheime dienst - verhalen over de BVD, Uitgeverij Boom Amsterdam 2005, p. 36-38.</ref>
 
==== Operatie Mongool ====
Onder de naam ''Operatie Mongool'' wist Boevé (onder de schuilnaam Chris Petersen) via het heimelijk door de BVD opgezette blad ''Kameraden'' (later ''De Kommunist'') het vertrouwen van de Chinese ambassade te winnen. Vervolgens richtte hij in [[1970]] de [[Marxistisch-Leninistische Partij Nederland]] (MLPN) op, een pseudomaoïstische partij waarvan de leiding geheel bestond uit BVD'ers. De bedoeling hiervan was de aanhang van de maoïsten in Nederland te peilen en de financiële steun van China voor de Europese maoïstische partijen af te romen. Vanaf 1966 was Boevé ook een graag geziene gast in het [[Albanië]] van dictator Enver Hoxha, dat als enige Europese land op de hand van China was.
 
In 1968 reisde Peter Boevé opnieuw naar China, waar hij de hand van [[Mao Zedong]] schudde en contact aanknoopte met premier [[Zhou Enlai]], aan wie hij liet blijken dat de Verenigde Staten wel interesse hadden in een betere verhouding met China (waarbij de Chinesen geen idee hadden dat Boevé een agent van de BVD was). Mogelijk droeg dit bij aan het bezoek dat president Nixon in 1972 aan China bracht, maar in elk geval leverde de informatie van Boevé de BVD veel aanzien op bij buitenlandse partners. In 1988 werd operatie Mongool beëindigd en werd Boevé voor het eerst ontvangen op het hoofdkantoor van de BVD, vanwaaruit hij al die jaren was aangestuurd.<ref>Chris Vos e.da., De geheime dienst - verhalen over de BVD, Uitgeverij Boom Amsterdam 2005, p.102-125.</ref>
 
==== De vredesbeweging ====
Omdat de Nederlandse [[vredesbeweging]] als geheel geen bedreiging voor de nationale veiligheid vormde, mocht de BVD daar geen onderzoek naar doen. Wel deed de dienst, op basis van wat zij noemde de "aspecten-hteorie", onderzoek naar onderdelen van de vredesbeweging die wel en zodoende gaf in februari 1981 VVD-minister van Binnenlandse Zaken [[Hans Wiegel]] opdracht om een rapport op te stellen over buitenlandse beïnvloeding van de Nederlandse vredesbeweging. Al in 1977 had de BVD interesse gekregen voor de vredesbeweging, toen de Sovjet-Unie via de [[Wereldvredesraad]] een internationale campagne tegen de [[neutronenbom]] initieerde.
 
De strijd tegen de neutronenbom werd met name gevoerd door het [[Interkerkelijk Vredesberaad]] (IKV) en het actiecomité [[Stop de Neutronenbom]], dat door de CPN gedomineerd werd. Eveneens hierbij betrokken was de vereniging [[Christenen voor het Socialisme]] (CVS) dat nauwe banden onderhield met de DDR. Op instigatie van Moskou werd op 18 maart 1978 een internationaal forum in de RAI gehouden, gevolgd door een demonstratie waarin zo'n 50.000 mensen meeliepen. Niet lang daarna zag de Amerikaanse president Carter af van de neutronenbom.
 
De BVD heeft nooit concreet bewijs gevonden dat het comité Stop de Neutronenbom ook financiële steun uit de Sovjet-Unie kreeg, wel dat via bepaalde standpunten de Nederlandse publieke opinie vanuit het Oostblok gemanipuleerd werd. Het zeer geheime rapport dat de BVD in 1981 hierover schreef, getiteld ''Een verhulde factor in de kernwapendiscussie'', lekte echter al snel uit en werd in november 1982 op de Duitse en de Nederlandse televisie getoond en geciteerd. <ref>Vos e.a., De geheime dienst, p. 157-170.</ref>
 
=== Nieuwe aandachtsgebieden ===
10.062

bewerkingen