Cornelis de Gijselaar: verschil tussen versies

162 bytes toegevoegd ,  2 maanden geleden
+ gegevens uit Biografisch Portaal; overbodig woordje weggelaten
(Afbeelding van betere kwaliteit)
(+ gegevens uit Biografisch Portaal; overbodig woordje weggelaten)
 
Van 26 mei 1776 tot 1779 was De Gijselaar, lid van de familie [[De Gijselaar]], tweede [[pensionaris]] van Gorinchem. Hij was van 1779 tot 11 oktober 1787 pensionaris van [[Dordrecht (Nederland)|Dordrecht]]. Samen met de pensionarissen [[Adriaan van Zeebergh|Van Zeebergh]] en [[Engelbert François van Berckel|Van Berckel]] van respectievelijk [[Haarlem]] en [[Amsterdam]] was hij op de hand van de [[Patriotten]]. In de jaren tachtig werd hij als een van de leidende figuren van de patriotse beweging gezien. Aan zijn voornaam zouden de patriotten de scheldnaam 'Kezen' hebben te danken, dientengevolge ook de [[keeshond]] als symbool van de patriotten, maar dit is omstreden.<ref>Ewoud Sanders: ''Eponiemenwoordenboek. Woorden die teruggaan op historische personen'' (Amsterdam: Nijgh & Van Ditmar 1993</ref>
Toen hij in maart 1786 als statenlid in zijn koets door de [[Stadhouderspoort (Den Haag)|stadhouderspoort]] van het [[Binnenhof (Den Haag)|Binnenhof]] reed, samen met burgemeester van Dordrecht [[Ocker Gevaerts]], werd dit door de [[Prinsgezinden]] als een provocatie opgevat.
 
Na de [[Oranjerestauratie]] van 1787 was zijn rol uitgespeeld. Hij leefde vervolgens tien jaar in [[Brussel (stad)|Brussel]]. In 1795 sloeg hij aanbiedingen om opnieuw politiek actief te worden van de hand. Na de dood van zijn vrouw, Catharina Geertruida Heerega (1751-1799), vestigde hij zich in Leiden. Kort voor zijn dood weigerde hij in 1814 in de Notabelenvergadering te verschijnen, dit omdat deze vergadering niet werkelijk beraadslagend was. De leden mochten alleen stemmen.
 
Cornelis de Gijselaar was via zijn oudste dochter de grootvader van de schrijver [[Johannes Kneppelhout]].
 
==Externe links==
33.436

bewerkingen