Arthur Holmes: verschil tussen versies

Geen verandering in de grootte ,  5 maanden geleden
k
(1 (onbereikbare) link(s) aangepast en 0 gemarkeerd als onbereikbaar #IABot (v2.0beta14))
Holmes' interesse voor geologie en [[natuurkunde]] werd gewekt op de [[middelbare school]], waar hij boeken las van [[Eduard Suess]] en [[Lord Kelvin]]. In 1907 ging hij geologie studeren aan het [[Imperial College|Royal College of Science]] te Londen. In die tijd was door onderzoek van onder andere [[Ernest Rutherford]] naar [[radioactiviteit]] het idee ontstaan dat gesteenten gedateerd konden worden. De [[scheikunde|scheikundige]] [[Bertram Boltwood]] had in 1907 geprobeerd met [[radiometrische datering]] van een aantal stenen de ouderdom te bepalen, maar zag uiteindelijk weinig hoop in de techniek. Holmes zag er wel iets in en begon zich ermee bezig te houden. Met [[uranium-lood methode|uranium-lood datering]] vond hij voor een [[Devoon|Devonische]] steen een ouderdom van 370 [[Ma (tijd)|Ma]]. In tegenstelling tot Boltwood beet hij zich vast in de problemen en probeerde de methode te verbeteren en verfijnen, wat hem uiteindelijk zou lukken. Voor Holmes' dateringen hadden geologen geen idee hoe oud de tijdperken waren waarmee ze werkten. De [[geologische tijdschaal]] was geboren.
 
In 1910 behaalde Holmes zijn graad. Om aan geld te komen trad hij in dienst van een [[exploratie]]bedrijf in [[Mozambique]], waarvoor hij [[mineraal|mineralen]] ging zoeken. In zijn afwezigheid werden de resultaten van de datering aan de leden van de [[Royal Society]] voorgelezen. Helaas kreeg Holmes [[malaria]], hij was zo ziek dat zijn overlijdensbericht al verstuurd was, toen hij tegen de verwachting in herstelde. Eenmaal terug in Londen begon hij serieus werk te maken van het opstellen van de geologische tijsschaaltijdschaal. In 1913 (hij was toen 23) [[wetenschappelijke publicatie|publiceerde]] hij zijn boek ''The Age of the Earth'', waardoor hij bekend werd als de autoriteit op het gebied van geochronologie. In het boek schat Holmes de ouderdom van de Aarde op 1600 [[Ma (tijd)|Ma]], wat een groot verschil was met de tot dan toe aanvaarde ouderdomsschatting van Kelvin, namelijk 100 Ma. Aanvankelijk werden zijn ideeën dan ook niet aanvaard.
 
Geldgebrek zorgde ervoor dat Holmes zijn onderzoek moest staken en tussen 1920 en 1924 werkte hij eerst in de oliewinning in [[Myanmar|Birma]] en daarna als winkelier. Het debat over de ouderdom van de Aarde sloeg uiteindelijk om in zijn voordeel en in 1924 kon hij aan de slag als onderzoeker/[[hoogleraar]] aan de [[Universiteit van Durham]]. Holmes richtte zich nu op het volgende grote probleem in de geologie: het debat om de [[continentendrift]], het idee van [[Alfred Wegener]] dat de continenten over het Aardoppervlak bewegen. Hoewel er veel argumenten voor Wegeners hypothese waren, was er geen mechanisme bekend dat voor de enorme [[kracht]]en kon zorgen die nodig zijn om continenten te verplaatsen. Holmes was een groot voorstander van continentale drift, en in 1927 stelde hij dat langzame [[convectie]]stroming in de [[aardmantel|mantel]], aangedreven door een [[temperatuur|hittestroom]] die wordt veroorzaakt door [[radioactief verval]] in de Aarde, het mechanisme achter continentale drift moest zijn. Omdat Holmes geen enkel bewijs had was het idee pure speculatie, en weer nam vrijwel niemand hem serieus.
13.079

bewerkingen