Lingueem: verschil tussen versies

6 bytes verwijderd ,  2 maanden geleden
spellingscorrectie, kopje bron, opmaak literatuurverwijzing volgens wat gangbaar is in de humaniora
k
(spellingscorrectie, kopje bron, opmaak literatuurverwijzing volgens wat gangbaar is in de humaniora)
Een '''lingueem''' is een taalkundig concept dat door [[Martin Haspelmath]] geïntroduceerd werd, en dat verondersteld werd vergelijkbaar met een [[gen]] te zijn.
 
In de biologisch-[[evolutie (biologie)|evolutionaire]] opvatting van de [[taalkunde]] bestaat de nood aan een begrip dat, parallel met de genen uit de biologie, gereproduceerd en in de loop der tijden gemodificeerd wordt; op die wijze is de evolutie van taal in wezen een soort genetische [[replicatie (DNA)|replicatie]]. Net zoals diersoorten doorheen de tijdperken evolueren doordat ze zich aanpassen, zo veranderen talen, in deze opvatting, doordat sommige uitingen andere verdringen. Het lingueem is met andere woorden de taalkundige tegenhanger van het gen: genen worden voortgeplant doordat de [[organisme]]n waarvan ze deel uitmaken zich voortplanten. Parallel hiermee worden talige uitingen voortgeplant doordat hun sprekers zich voortplanten. Vergelijkbaar met een genetische replicatie treedt zodoende een ''linguemische'' replicatie op.
 
De [[darwinisme|Darwinistischedarwinistische]] benadering van de taal vereist dat de wetenschappelijke vorderingen op het gebied van de genetica hun parallelle structuren in de taal vinden; zo stelt zij taal als een geheel van uitingen voor, binnen een bepaalde populatie — deze taalpopulatie, namelijk de sprekers van een taal, bezit dan haar eigen linguemenpoel. Deze linguemen worden door de taalgebruikers, de replicatoren, voortgeplant. De [[allel|allelen]]en van de linguemen zijn dan de varianten van het lingueem, bijvoorbeeld stilistische inkleuringen; door innovatie en repetitie halen sommige linguemen uit de poel de bovenhand, en planten zich verder voort, aldus [[William Croft]], die de [[evolutietheorie]] op de taal toepast: ook in het rijk van de taal geldt min of meer de ''[[survival of the fittest]]''. Wat de precieze criteria zijn voor een lingueem met grote overlevingskansen, wordt in de theorie niet duidelijk omschreven.
 
De linguementheorie baseert zich grotendeels op het concept van het [[Meme (memetica)|meme]], ingevoerd in de antropologie door [[Richard Dawkins]] en uitgewerkt door [[Susan Blackburn]]. Een meem zou dan om het even welke sociale impuls zijn (een handgebaar, een manier van lopen, of zelfs mode), die zich eveneens volgens de regels van de selectie verspreidt.
 
Men kan zich afvragen of dit niet een brede interpretatie van de [[evolutietheorie]] voorstelt, en of men een biologisch concept als het gen wel op een sociaal fenomeen als de taal kan projecteren (er is wellicht sprake van [[hypostase]]). Het lingueem is dan ook een aanvechtbaar concept dat vooralsnog geen algemene ingang heeft gevonden.
 
{{Appendix|1=Bron|2=
* William {{aut|Croft (2000)}}, ''Explaining Languagelanguage Change.change An: Evolutionaryan Approach.evolutionary approach'' Harlow : Longman., 2000}}
 
==Zie ook==
*[[Proto-World]]
*[[Taalverandering]]
 
[[Categorie:Evolutionaire taalkunde]]
9.640

bewerkingen