Flora Purim: verschil tussen versies

3.718 bytes toegevoegd ,  1 jaar geleden
geen bewerkingssamenvatting
{{wiu2}}
{{Infobox artiest
| naam = Flora Purim
 
== Biografie ==
Flora Purim is afkomstig uit een muzikale familie. Haar moeder was een Braziliaanse pianiste, die haar liefde voor jazzmuziek doorgaf aan haar dochter en haar in [[Roemenië]] geboren [[Joden|Joodse]] vader was violist en lette op een opvoeding in klassieke muziek. Op 4-jarige leeftijd begon ze klassieke piano te leren en op 12-jarige leeftijd akoestische gitaar. Begunstigd met een uit zes octaven omvattende stem trad ze echter ook op als zangeres. In Rio de Janeiro was ze lid van het Quartetto Novo naast [[Airto Moreira]] en [[Hermeto Pascoal]] en had ze zelfs een eigen tv-programma. Ze is getrouwd met Moreira, bij wie ze percussie-onderricht had. Ze ging met hem in 1967 in de [[Verenigde Staten]] naar [[New York (stad)|New York]]. Ze speelde met [[Stan Getz]] (1969) en toerde later met het orkest van [[Gil Evans]], waar ze met drumklanken experimenteerde. Ze speelde ook met [[Cannonball Adderley]] (''The Happy People'', 1970, ''Lovers'', 1975).
 
Tijdens de jaren 1970 werkte ze met Moreira mee in [[Chick Corea]]s band Return to Forever, waardoor ze internationaal bekend werd. In 1973 verlieten ze Corea, die zich volgens hen teveel richting elektronische muziek bewoog. Bovendien gebruikte Corea haar stem overwegend instrumentaal, in een door uitvoerige repetities vastgelegde manier. In hetzelfde jaar verscheen haar eerste soloalbum ''Butterfly Dreams'', waarop naast haar echtgenoot ook [[Stanley Clarke]] en [[Joe Henderson]] meespeelden. In 1974 formeerde ze samen met Moreira een eigen band, waarin o.a. [[Kei Akagi]] speelde.
 
In 1974/75 zat ze wegens drugsverwijten 18 maanden in de cel. In 1971 werd tijdens een razzia cocaïne gevonden in de woning van een Braziliaanse vriend, waarbij ze woonde. Drie jaar later volgde de aanklacht en de veroordeling (ze kon net nog het album ''Stories to Tell'' afmaken). Weliswaar bekende ze tijdens een interview dat ze vanaf 1969 tot 1974 drugsverslaafd was geweest, echter niet met harddrugs. Ten gevolge van de veroordeling had ze twaalf jaar voorwaardelijk en kon ze vanaf 1985 weer onbelemmerd in de Verenigde Staten in- en uitreizen. De tijd in de cel in Terminal Island in [[Californië]] gebruikte ze om muziek te schrijven. In maart 1975 gaf ze daar een concert met o.a. Cannonball Adderley, dat werd uitgezonden door meerdere radiozenders. Tijdens haar gevangenisstraf bekommerde haar echtgenoot zich om de beide kinderen.
 
Na haar vrijlating bracht ze in 1976 het album ''Open Your Eyes You Can Fly'' uit met Moreira, Pascoal, [[Egberto Gismonti]], [[Ron Carter]] en [[George Duke]]. Tijdens de jaren 1980 ondernam ze uitstapjes in verschillende muziekstijlen. Twee albums waarop ze meespeelt, kregen een [[Grammy Award]]: ''Live at the Royal Festival Hall'' van [[Dizzy Gillespie]] and the United Nation Orchestra en ''Planet Drum'' van [[Mickey Hart]]. Tijdens de jaren 1990 speelde ze in de [[latin jazz]]band Fourth World met Moreira, [[José Neto]] en [[Gary Meek]]. Bovendien werkte ze meermaals samen met muzikanten van het [[Verenigd Koninkrijk|Britse]] remix-circuit.
 
Door haar samenwerking en vriendschap met Dizzy Gillespie ontdekte ze het [[Bahai]]-geloof, waartoe ze zich later bekeerde.
 
Ze heeft veel connecties in het jazzcircuit (in een interview vertelde ze o.a. dat [[Horace Silver]] in haar woning in Rio zijn ''Song For my Father'' componeerde). Ze wordt vooral geadoreerd in haar geboorteland Brazilië.
 
== Privéleven ==
Haar dochter Diana Moreira-Booker is ook jazzmuzikante. Purim wijdde de titel ''Diana'' op [[Wayne Shorter]]s ''Native Dancer'' aan haar. Reeds als klein kind was ze bij jazzopnamen van haar moeder erbij.
 
==Onderscheidingen ==
In 2002 kreeg ze de Braziliaanse orde van verdienste Ordem de Rio Branco.
 
== Discografie ==
138.867

bewerkingen