Hoofdmenu openen

Wijzigingen

37 bytes verwijderd ,  1 maand geleden
k
|{{Largethumb}}| is redundant, gebruik voortaan |thumb|
 
=== Lage Landen ===
[[Bestand:800nc ex leg.jpg|{{largethumb}}thumb|Nederland rond 800 n.Chr., met het centraal gelegen [[Almere (meer)|Aelmere]], in deze afbeelding een echt binnenmeer. Uit het geïsoleerd gelegen Aelmere ontstond na een paar grote overstromingen en door het droogleggen, [[inklinken]] en afgraven van het omringende veen, enkele eeuwen later de [[Zuiderzee]].]]
Omdat het [[zeeniveau]] sinds het begin van onze jaartelling met zo'n 2 meter is gestegen, en omdat de [[bodemdaling]] over dezelfde periode door [[Inklinken|inklinking]] en [[Ontginning (cultuur)|ontginning]] toenam, zijn de contouren van de [[Lage Landen]] de afgelopen 2.000 jaar sterk veranderd. Naar verwachting zullen deze contouren de komende honderden jaren blijven veranderen.
 
In de twaalfde eeuw werd ook duidelijk dat dijkenbouw gevolgen had voor het landschap. Zo begon [[Zwin (zeearm)|het Zwin]] dicht te slibben door de bedijking. In 1250 was de [[Westfriese Omringdijk]] aangelegd die ten noorden van [[Alkmaar]] een groot gebied moest beschermen tegen het opdringende water van de [[Zuiderzee]]. In 1277 was het landschap dusdanig veranderd door menselijke invloeden dat de duinen niet meer voldoende bescherming boden, wat tot het ontstaan van een nieuw type dijk leidde: de zeedijk.<ref name="Slabbinck" /> In dat jaar brak de dijk bij [[Jansum]] en [[Wilgum]] door waardoor de [[Dollard]] ontstond. In dezelfde periode werden in de zuidelijke en noordelijke Nederlanden steeds meer rivieren bedijkt om ervoor te zorgen dat de stroom niet meer ver buiten zijn oevers zou treden.
 
[[Bestand:Master of the St Elizabeth Panels 001.jpg|{{largethumb}}thumb|''[[Sint-Elisabethsvloed (1421)|Sint–Elizabethsvloed in 1421]]'', ~1490-1495, Meester van de Heilige Elisabeth-Panelen.<br />De [[strijd tegen het water]] was een moeizaam en taai gevecht, mede omdat de effecten van de ingrepen niet altijd ingeschat konden worden. Bedijking van [[kwelder]]- en kustveengebieden zorgde ervoor dat tijdens stormen het zeewater niet meer over de kwelders kon uitstromen. Hierdoor steeg de [[stormvloedhoogte]], waardoor de kans op [[Dijkdoorbraak|dijkdoorbraken]] toenam. Deze vonden dan ook veelvuldig plaats.]]
In het jaar 1404 waren er [[Dijkdoorbraak|dijkdoorbraken]] die Zeeland en Vlaanderen troffen en in West-Vlaanderen en Zeeuws-Vlaanderen zorgden voor een landverlies van 3000 hectare. De graaf van Vlaanderen gaf opdracht tot aanleg van de [[Graaf Jansdijk]] die nog steeds bestaat. Om het werk aan de dijken en [[Sluis (waterbouwkunde)|sluizen]] te coördineren, werden in Vlaanderen [[watering (bestuur)|watering]]en opgericht die als voorbeeld dienden voor de [[waterschap (Nederland)|waterschap]]pen en hoogheemraadschappen in Holland en Friesland. Door dit alles veranderde de sociale en economische structuur en daarmee heeft het grote invloed gehad op de geschiedenis, onder meer door de [[Dilemma van de collectieve actie|collectiviteit]] die noodzakelijk was bij de bescherming van het in gebruik genomen land tegen het water. Dit heeft voor een mentaliteit en bestuursvorm gezorgd die, met de geografisch gunstige ligging aan zee en waterwegen, heeft bijgedragen aan het latere succes van de Nederlandse handel. In 1440 begon men in Noord-Holland met het stutten van dijken met houten planken ter versteviging. Een dijk bleef zo beter op zijn plaats en brak minder snel door. Deze dijken werden in de [[Kop van Noord-Holland]] ''Holzungen'' genoemd.
 
 
==== Dijkperioden na 1800 ====
[[Bestand:Zinkstuk voor de Hollandse IJssel bij de nieuwe Julianasluis in Gouda (01).JPG|{{largethumb}}thumb| Zinkstuk van gevlochten rijshout en geotextiel]]
Na de [[Franse Revolutie]] en onder invloed van de [[Verlichting (stroming)|Verlichting]], maakte de waterbouwkunde na de achttiende eeuw een steeds snellere ontwikkeling door.
 
Van de [[Zuiderzeewerken]] werden na de Afsluitdijk het eerst de IJsselmeerpolders de [[Wieringermeer]] en de [[Noordoostpolder]] ingepolderd, resp. in 1930 en 1942.
 
[[Bestand:Walcheren2.gif|{{largethumb}}thumb|De situatie op Walcheren op 31 oktober 1944]]
In de [[Tweede Wereldoorlog]] werden tijdens de [[slag om de Schelde]] begin oktober 1944 door de [[Geallieerden (Tweede Wereldoorlog)|geallieerden]] een aantal zeedijken op het Zeeuwse eiland [[Walcheren]] doorgestoken. De [[strijd om Walcheren]] begon op 3 oktober 1944 met het eerste zware bombardement op [[Westkapelle (Nederland)|Westkapelle]] en de [[Westkappelse Zeedijk]]. Daarna volgde een reeks bombardementen op 7, 11, 17 en 29 oktober op Westkapelle, op [[Veere (stad)|Veere]] en op de [[Nolledijk]] bij [[Vlissingen]], de bunkercomplexen van de Duitse [[Atlantikwall]] rond [[Fort Rammekens]] en op [[Ritthem]] in het [[Vlissingen-Oost|Sloegebied]]. De [[inundatie van Walcheren]] moest voorafgaand aan de grootscheepse [[Amfibische oorlogvoering|amfibische]] [[Landing (militair)|landingsoperatie]] op Walcheren uitgevoerd worden.