Gebruiker:Ezrahiet/Kladblok: verschil tussen versies

2.324 bytes toegevoegd ,  10 maanden geleden
geen bewerkingssamenvatting
== Biografie ==
Caspar Sibelius werd geboren in Elberfeld als zoon van Peter Sibel en Catharina Loh. In zijn jeugd ontving hij een strenge opvoeding, wat in zijn verdere leven is blijven doorwerken.
 
=== Studie ===
Hij studeerde eerst in [[Herborn (Hessen)|Herborn]] en [[Siegen]], waar het Herbornse Gymnasium tijdelijk was gevestigd wegens een epedimie daar. In 1608 ging hij naar [[Universiteit Leiden|Leiden]], waar hij les kreeg van onder andere [[Franciscus Gomarus]] en [[Jacobus Arminius]] in [[theologie]] en [[Willem van der Codde|Willem Coddaeus]] in [[Hebreeuws]]. Hij hechtte zich aan de leer van Gomarus en verdedigde die in zijn werk ''Theses de Praedestinatione''. De opvattingen van Arminius beschouwde hij als blinde dwalingen.
 
=== Predikant ===
Vlak na zijn studie werd hij door [[Petrus Curtenius]] opgeroepen om in [[Verenigde hertogdommen Gulik-Kleef-Berg|het land van Gulik en Kleef]] mee te helpen aan de opbouw van de kerk. Op [[25 december]] [[1609]] werd hij predikant van [[Randerath]], waar hij trouwde met de dochter van de burgemeester. In [[1611]] werd hij beroepen naar [[Jülich|Gulik]]. Zijn eerste [[catechismus]]preek in Gulik hield hij pas in 1615, omdat hij daarvoor telkens 's middags in een andere gemeente voorging. Sindsdien vervolgde hij de catechismuspreek regelmatig.
 
Voor zijn werk in Gulik genoot Sibelius een subsidie van de [[Staten-Generaal van de Nederlanden|Staten-Generaal]]. In verband daarmee bezocht hij in [[1617]] [[Den Haag]].
De president van de Staten-Generaal hem naar [[Johan van Oldenbarnevelt|Oldenbarnevelt]] en [[Johannes Uyttenbogaert|Uyttenbogaert]], wat Sibelius onmiddelijk beoordeelde als een poging om hem in de Arminiaanse fuik te lokken. Tijdens zijn reis naar Holland werd hij geheel onverwacht beroepen door [[Deventer]], wat voor hem een uitkomst was, omdat zijn verlangen uitging naar een veiliger streek dan het land van Gulik.
 
Op [[22 oktober]] [[1617]] hield Sibelius zijn intrededienst in de [[Grote of Lebuïnuskerk|Grote Kerk]] van Deventer in het Duits. Enige dagen later, in de [[Sint-Nicolaas- of Bergkerk|Bergkerk]], gebruikte hij het Nederlands en zo bleef het voortaan. Naar eigen zeggen viel hem dat niet moeilijk. Hij moet een goede kanselredenaar zijn geweest; hij werd ook wel de [[Johannes Chrysostomus|Chrisostomus]] van zijn tijd genoemd. Zijn preken schreef hij gewoonlijk geheel uit in het Latijn, waarnaa hij ze op de preekstoel voor de vuist weg vertaalde. Dat blijkt uit de door hem gepubliceerde prekenbundels.
1.120

bewerkingen