Maurits Dekker: verschil tussen versies

1 byte verwijderd ,  2 jaar geleden
k
k (-/- spaties voor ref (verzoek op WP:VPB))
Dekker betoonde zich een fel antinazi. In [[1938]] liet hij een [[pamflet]] uitkomen met de titel ''Hitler. Een poging tot verklaring.'' Hij maakte zich ernstige zorgen en had geprobeerd zich in [[Adolf Hitler|Hitler]] te verdiepen.
{{cquote|Hitler is voor mij — ik heb het in mijn boekje duidelijk gezegd — een der belangrijkste vertegenwoordigers van een politieke richting en — als men het dezen naam geven mag — van een wereld beschouwing, die ik voor het voortbestaan der Europese cultuur en voor het behoud van den zoo bedreigden wereldvrede, niet alleen in hoge mate gevaarlijk acht maar wier strijdmethoden ook van dien aard zijn, dat zij mij met afschuw vervullen.}}
Het boekje leidde tot vervolging wegens [[Belediging#Situatie in Nederland|belediging van een bevriend staatshoofd]]. Hij had Hitler in zijn boekje onder andere een clown genoemd, en een leugenaar, en een ''drückeberger''. Volgens de [[officier van justitie]] ademt het hele boekje een geest van haat en minachting. "Aan dergelijke boekjes hebben wij geen behoefte." Het leverde Dekker een veroordeling op, en een boete van 100 gulden.<ref name=autogenerated2>[http://hart.amsterdammuseum.nl/44013/nl/maurits-dekker-de-strafzaak Frits Slicht, ‘Maurits Dekker, de strafzaak!’] op de website van het [[Amsterdam Museum]] ]</ref>
 
Eind december 1941 werden zijn boeken verboden, maar Dekker bleef schrijven. Tijdens de eerste jaren van de oorlog leidde hij met enkele vrienden een fabriekje, 'De Mercuur', waar zeep- en andere surrogaten werden vervaardigd. Daardoor hield hij het hoofd boven water; in vergelijking met de voorafgaande periode ging het hem zelfs tamelijk goed. Maar ten slotte moest ook hij onderduiken voor de vijand, die het al lang op hem, jood én revolutionair agitator, gemunt had. Vindingrijk was hij eveneens, en geholpen door zijn kordate vrouw slaagde hij erin de bezetters te verschalken. Hij legde bovendien de hand op extra voedselkaarten die onder de behoeftigsten werden verdeeld, regelde vervalste persoonsbewijzen en zorgde voor een schuilplaats voor verscheidene joodse onderduikers.