Europese Commissie: verschil tussen versies

80 bytes verwijderd ,  10 maanden geleden
k
geen bewerkingssamenvatting
k
Na de [[Europese Parlementsverkiezingen]] draagt de [[Europese Raad]], waarin alle lidstaten vertegenwoordigd zijn, een kandidaat voor het [[Voorzitter van de Europese Commissie|voorzitterschap van de Commissie]] voor bij het [[Europees Parlement]]. De kandidaat-voorzitter legt een verklaring af voor het Parlement, en zet zijn beleidslijnen uiteen, waarna een debat volgt (artikel 117, eerste lid, Reglement van het Europees Parlement). De leden van het Parlement kunnen vervolgens over de voordracht stemmen. De kandidaat heeft slechts een [[gewone meerderheid]] (sinds 1 juli 2014: 376 leden) nodig om verkozen te worden. Wordt de kandidaat niet verkozen, dan moet de Europese Raad binnen een maand een nieuwe kandidaat voordragen.
 
Na zijn verkiezing stelt de verkozen voorzitter in onderlinge overeenstemming met de [[Raad van de Europese Unie|Raad]] een lijst vast van de overige personen die hij voorstelt tot lid van de Commissie te benoemen (artikel 17, zevende lid en tweede alinea, EU-Verdrag), met uitzondering van de kandidaat voor de functie van [[Hogehoge vertegenwoordiger van de Unie voor Buitenlandse Zaken en Veiligheidsbeleid|hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid]], die in overleg met de verkozen voorzitter door de Europese Raad wordt voorgedragen. Hoewel een lidstaat een persoon kan voordragen met het oog op een specifieke functie, is het aan de voorzitter van de Commissie om na de benoeming de portefeuilles te verdelen (artikel 17, zesde lid onder b, EU-Verdrag). Op uitnodiging van de [[voorzitter van het Europees Parlement]] verschijnen de kandidaten vervolgens voor een openbare hoorzitting voor de parlementscommissie van het werkgebied waarvoor hij vermoedelijk verantwoordelijk wordt. Na afloop van deze hoorzittingen evalueren de commissies de kandidaten van hun werkgebied, welke evaluaties naar de conferentie van voorzitters gestuurd worden.
 
Na voltooiing van alle hoorzittingen stelt de verkozen voorzitter zijn college van commissarissen voor aan het Europees Parlement, en licht hij het commissieprogramma toe. Dit wordt gevolgd door een debat, waarna het Parlement hoofdelijk over de goedkeuring van de kandidaat-commissie stemt. Het college kan alleen in zijn geheel worden goedgekeurd, waarvoor een meerderheid van de uitgebrachte stemmen vereist is. Op basis van deze goedkeuring wordt de Commissie met [[gekwalificeerde meerderheid]] door de Europese Raad benoemd (artikel 17, zevende lid en derde alinea, EU-Verdrag). Een dreiging van het Parlement om de kandidaat-commissie vanwege een of meer commissarissen niet goed te keuren kan ertoe leiden dat deze voor de stemmingen nog worden vervangen. Dit gebeurde bijvoorbeeld bij de [[Commissie-Barroso I|commissies Barroso I]] en [[Commissie-Barroso II|II]].<ref>F. Amtenbrink & H.H.B. Vedder, ''Recht van de Europese Unie'', 's-Gravenhage: Boom Juridische Uitgevers 2010, p. 77.</ref>
156.685

bewerkingen