Eerste Wereldoorlog: verschil tussen versies

Geen verandering in de grootte ,  1 jaar geleden
k
waaronder => onder wie
k (waaronder => onder wie)
 
[[Bestand:Map Europe alliances 1914-nl.svg|thumb|300px|Kaart van Europa bij uitbraak van de oorlog]]
Alle [[Grote mogendheid|grootmachten]]<ref>[[Nederland]], [[Koninkrijk Spanje (1874-1931)|Spanje]] en [[Zweden]] waren neutraal.</ref> van de wereld waren bij deze [[oorlog]] betrokken en werden samengesteld in twee conflicterende allianties: de [[Geallieerden van de Eerste Wereldoorlog|geallieerden]] (gecentreerd rond de [[Triple Entente]] van het [[Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Ierland|Verenigd Koninkrijk]], [[Derde Franse Republiek|Frankrijk]] en [[Keizerrijk Rusland|Rusland]]) en de [[Centrale mogendheden|centralen]] (oorspronkelijk gecentreerd rond de [[Triple Alliantie (1882)|Triple Alliantie]] van [[Duitse Keizerrijk|Duitsland]], [[Oostenrijk-Hongarije]] en [[Koninkrijk Italië (1861-1946)|Italië]]). Deze bondgenootschappen reorganiseerden zich (Italië liep in 1915 over naar de geallieerden) en breidden zich uit naarmate er meer landen meededen met de oorlog ([[Koninkrijk Roemenië|Roemenië]] sloot zich aan bij de geallieerden en het [[Ottomaanse Rijk]] en [[Koninkrijk Bulgarije|Bulgarije]] kwamen bij de Centralen). Uiteindelijk werden er meer dan 70 miljoen militairen, waaronderonder wie 60 miljoen Europeanen, gemobiliseerd in een van de grootste oorlogen in de geschiedenis. Meer dan 9 miljoen soldaten werden gedood, vooral als gevolg van de grote technologische vooruitgang in vuurkracht (het was de eerste oorlog waarin fabrieksmatig en snel geproduceerde middelen en de techniek de overhand kregen, zoals [[Machinegeweer|machinegeweren]], [[Chemische wapens|gifgas]], kanonnen en [[prikkeldraad]], en waarin [[tank (voertuig)|tanks]] en [[vliegtuig]]en algemeen in gebruik genomen werden) zonder overeenkomstige ontwikkelingen in mobiliteit (de gebruikte [[Tactiek (krijgskunde)|tactieken]] dateerden nog uit de 19e eeuw en dat was volgens [[polemologie|polemologen]] een van de oorzaken van de enorme aantallen doden en gewonden). Een andere belangrijke factor die ook bijdroeg aan de massale opoffering van mensenlevens was de mogelijkheid enkele jaren achtereen constant opeenvolgende [[lichting]]en met duizenden jonge mannen als [[dienstplicht]]igen op te roepen, naar de [[Front (oorlog)|fronten]] te voeren en daar in te zetten. Deze inzet werd vooral berucht doordat er door de verouderde tactieken vaak slechts futiele successen konden worden gemeld, ondanks de opoffering van zeer grote aantallen militairen. Dit uitte zich in de verovering van kleine stukjes veelal kapotgeschoten [[Niemandsland (begrip)|niemandsland]], die vervolgens over en weer opnieuw moesten worden verdedigd of heroverd met even massale tegenaanvallen, de zogenoemde [[stellingenoorlog]]. Het was het op vijf na dodelijkste conflict in de [[geschiedenis van de wereld|wereldgeschiedenis,]] dat vervolgens de weg vrijmaakte voor politieke hervormingen en/of [[revolutie]]s in de betrokken landen.
 
Op 28 juli begon het conflict met de Oostenrijks-Hongaarse invasie van Servië, gevolgd door de Duitse aanval op Frankrijk via [[België (hoofdbetekenis)|België]] en [[Luxemburg (land)|Luxemburg]] en een Russische aanval op Duitsland. Nadat de Duitse opmars naar Parijs tot stilstand was gebracht, vestigde het [[Westfront (Eerste Wereldoorlog)|westfront]] zich in een statische uitputtingsslag van een [[loopgravenoorlog]] die weinig veranderde tot 1917. In het [[Oostfront (Eerste Wereldoorlog)|oosten]] vocht het Russische leger met succes tegen de Oostenrijks-Hongaarse troepen, maar werd teruggedrongen door het Duitse leger. Bijkomende fronten werden geopend nadat het Ottomaanse Rijk toetrad tot de oorlog in 1914, Italië en Bulgarije in 1915 en Roemenië in 1916. Het Russische Rijk ging ten onder in de [[Russische Revolutie (1917)|Russische Revolutie van 1917]], en Rusland stapte uit de oorlog na de [[Oktoberrevolutie]] later dat jaar. Na een Duits offensief langs het westfront in 1918, betraden [[Verenigde Staten (hoofdbetekenis)|Amerikaanse]] troepen de loopgraven en de geallieerden drongen de Duitse legers terug in een reeks van succesvolle offensieven. Duitsland, dat zijn eigen problemen had met revolutionairen op dat moment (de [[Novemberrevolutie]]), stemde in met een staakt-het-vuren op 11 november 1918, dat later bekend zou staan als [[Wapenstilstandsdag]]. De oorlog eindigde als een overwinning voor de geallieerden.
De Duitse legerleiding besloot tot dergelijke afschrikwekkende represailles nadat hun troepen, naar eigen zeggen, door burgers waren beschoten. Om afgrijselijke vergeldingsmaatregelen goed te praten werd telkens het argument van deze zogenaamde ''[[franc-tireur]]s'' aangevoerd. Voor de oorlog begon, hadden de Duitse generaals hun eigen soldaten zwaar geïndoctrineerd en opgestookt met verhalen over ''francs-tireurs'' uit de [[Frans-Duitse Oorlog]] van 1870-1871. Er werd bij hen ingedrild dat ze tijdens hun opmars de plaatselijke bevolking onder geen beding mochten vertrouwen en hard moesten optreden als ze door hen werden beschoten. De Duitse troepen waren hierdoor zo [[paranoia|paranoïde]] geworden, dat elk klein incident dat niet onmiddellijk verklaard kon worden een aanleiding tot dergelijke represailles kon geven. De publieke opinie werd eveneens opgejut door propagandaverhalen, om de legerleiding zo van onvoorwaardelijke steun voor de oorlogsinspanning te voorzien. In elk geval was er van hogerhand echter geen bevel gegeven tot georganiseerde franc-tireurdaden en ging het waarschijnlijk om geïsoleerde gevallen. De meeste represailles waren vooral ontstaan door misverstanden: in Leuven bijvoorbeeld bleken de Duitsers in de verwarring op elkaar geschoten te hebben en in Aarschot werd een Duitse kolonel (die erg gehaat was bij zijn eigen manschappen) door een van zijn eigen soldaten doodgeschoten.{{Bron?||2015|06|13}}
 
In totaal zijn tijdens de inval van België 500 gemeenten getroffen door wreedheden; zeker 5.000 burgers werden vermoord, waaronderonder wie vrouwen en kinderen (in Noord-Frankrijk bedroeg dit aantal ongeveer 1500). Het is dan ook te begrijpen dat de Duitse wreedheid die met het begin van de inval gepaard ging, voor de geallieerde propaganda een makkelijk middel was. Langs beide kanten werden misdaden begaan door de tegenpartij door de propaganda verzonnen of overdreven en eigen misdaden ontkend of geminimaliseerd. De Duitsers werden door de geallieerde propaganda voorgesteld als "Hunnen met pinhelmen", barbaren uit het oosten; de Belgen werden door de Duitse propaganda dan weer voorgesteld als onderkruipers die de Duitse troepen verraderlijk in hinderlagen lokten.
 
Het [[Britse Rijk]] had bij het [[Verdrag van Londen (1839)|Verdrag van Londen]] de neutraliteit en veiligheid van België gegarandeerd. Met een nipte meerderheid in het kabinet verklaarde het Duitsland de oorlog. De Duitse gruweldaden zorgden voor een massale rekrutering op vrijwillige basis in het Britse Rijk.
=== Chemische en biologische oorlogvoering ===
[[Bestand:Australian infantry small box respirators Ypres 1917.jpg|thumb|Australische infanteristen bij [[Ieper]] dragen gasmaskers, 1917.]]
In de eerste maand van de oorlog, augustus 1914, vuurden Franse soldaten [[traangas]] (xylylbromide) af naar de Duitsers en waren daarmee de eersten die gifgas gebruikten. Het Duitse leger was echter het eerste dat intensief onderzoek deed naar gifgas, onder leiding van de eminente Duitse chemicus en Nobelprijswinnaar [[Fritz Haber]], en was het eerste dat het in 1915 op grote schaal gebruikte. Maar ook de Fransen, waaronderonder wie chemicus en eveneens Nobelprijswinnaar [[Victor Grignard]], waren hier intensief mee bezig.
 
Aan het Russische front werd in de [[Slag van Warschau (1915)|Slag bij Warschau]] door de Duitsers voor de eerste keer xylylbromide ingezet, maar het gas condenseerde door de lage temperatuur en bevroor zelfs. Later werden voor het eerst op kleine schaal aan het oostfront [[dichloor|chloorgascilinders]] ingezet. De verbaasde officieren zagen hun soldaten in groene wolken verdwijnen en neervallen. Een aantal rende terug, schreeuwend dat de Duitsers hen met een "groene mist" vergiftigden.
Er was wel een garnizoen achtergebleven bij de Italiaanse grens en ook was de grens door de jaren heen meerdere malen versterkt. Dit omdat de Oostenrijkers de Italianen altijd al gewantrouwd hadden.
 
Na de oorlogsverklaring werden de hier gestationeerde troepen aangevuld met reservisten; in allerijl opgetrommelde mensen uit de streek. Jongemannen die training ontbeerden, laat staan gevechtservaring hadden, boeren en oudere mannen. De oudere mannen (waaronderonder wie veteranen), onder wie vijftigers geen uitzondering waren, konden vanwege hun leeftijd niet meer worden opgeroepen voor militaire dienst. Omdat er echter sprake was van acute dreiging, werden deze mensen toch ingezet om het land te verdedigen.
 
Ondanks de samenstelling van het leger waren deze Oostenrijkers goed gemotiveerd en vastberaden de Italianen buiten de landsgrenzen te houden. Bovendien kenden zij het gebied op hun duimpje. De Italianen hadden als enige voordeel hun grote numerieke overwicht. Het grootste deel van het Italiaanse leger was niet gemotiveerd en ook het terrein werkte in het nadeel van de Italianen. Ze moesten namelijk versterkte berghellingen innemen aan de Oostenrijkse kant van de grens. Bovendien leed het Italiaanse leger onder de incompetentie en koppigheid van Cadorna.
5.426

bewerkingen