Guignardia aesculi: verschil tussen versies

45 bytes toegevoegd ,  3 jaar geleden
k
k (enigzins > enigszins)
| taxon = [[Soort]]
| w-naam = ''Guignardia aesculi''
| auteur= ([[ Charles Horton Peck|Peck]]) [[Vern Bonham Stewart|V.B. Stewart]]
| datum= 1916
}}
'''''Guignardia aesculi''''' is een schimmel die behoort tot de familie [[Botryosphaeriaceae]] van de [[ascomyceten]]. De schimmel veroorzaakt de bladvlekkenziekte, bladverbruining en bladnecrose, bij bomen van [[paardenkastanje]]. De schimmel komt voor in Europa en Noord-Amerika. Ascosporen van de afgevallen bladeren infecteren de jonge bladeren in het voorjaar. De secundaire aantasting later in het jaar vindt plaats door conidia.
 
Op de aangetaste bladeren ontstaan roodbruine, onregelmatig gevormde vlekken met een donker centrum en vaak een gele ring. De [[conidium|conidiën]] worden gevormd in een halfrond, 80-165 [[Micrometer (eenheid)|µm]] groot [[pycnidium]], dat verzonken in het [[Stroma (schimmel)|stroma]] ligt. De wand van het pycnidium is pseudoparenchymatisch en bestaat uit 2-3 cellagen. De buitenste cellaag is kastanjebruin en de binnenste cellaag is kleurloos. De ronde, 15-20  µm grote [[ostiole]] is omgeven door opvallende, donkerbruine cellen. De cilindervormige, 5-10 x 2-4  µm grote, holoblastische conidiogene cellen zijn kleurloos en staan op de binnenste cellaag. De aan de voet vertakte [[conidiofoor|conidioforen]] zijn gesepteerd met aan de top [[fialide]]n. De eivormige tot ronde, 10-18 x 6-10  µm grote [[conidium|conidiën]] zijn kleurloos en hebben een kleurloos, 5-8  µm groot aanhangsel. In verse toestand zijn ze omgeven door een slijmlaagje. In de condiospore zitten oliedruppeltjes. De 3-9 x 0,5-1,0  µm grote microconidia zijn kleurloos
 
Op de afgevallen bladeren worden donkerbruine, 90-160  µm grote [[perithecium|peritheciën]] gevormd. Ze liggen verzonken in het stroma. De pseudoparenchymatische wand van het perithecium bestaat uit 2-4 cellagen. De buitenste, donkerbruine cellagen hebben dikke celwanden. De binnenste cellagen zijn geleidelijk minder gepigmenteerd. De 50-70 x 14-18  µm grote, bitunicate [[ascussporenzakje|asci]] zijn min of meer knuppelvormig en bevatten acht [[ascospore]]n. De rechte of licht gebogen, enigszins spoelvormige, 12-18 x 7-9  µm grote ascosporen zijn kleurloos met in het midden de grootste breedte.
 
== Externe links ==
138.933

bewerkingen