Hoofdmenu openen

Wijzigingen

1 byte verwijderd ,  6 maanden geleden
Door de open verbinding met de Noordzee was er in de Zuiderzee [[Getijde (waterbeweging)|getijdenwerking]], al werd die sterk getemperd doordat het water vanuit de Noordzee eerst tussen de [[Waddeneilanden]] door moest stromen; in de Kom was het verschil tussen [[eb]] en [[vloed]] daardoor nauwelijks twintig centimeter. Het waterniveau werd aanzienlijk meer beïnvloed door [[opwaaiing|op-]] en [[afwaaiing]]en, waardoor soms hele stukken van de Zuiderzee droogvielen.
 
Er was ook toen een duidelijkeduidelijk scheidingverschil mettussen hetde aquatische gebiedboezem van de WaddenzeeZuiderzee en het mondingsgebied, maar het is onduidelijk waar men de grens tussen de twee gebieden laglegde; dit kan reeds ter hoogte van de vernauwing tussen Enkhuizen en Stavoren zijn geweest, maar ook noordelijker. De aquatische milieus van beide wateren verschilden hoe dan ook duidelijk; zo had de ZuiderzeeZuiderzeeboezem bijvoorbeeld helemaal geen [[geul (sleuf)|geulen]] of droogvallende [[zandbank|platen]]. Vanwege de geringe diepte en de geïsoleerde positie waren in de Zuiderzee bovendien de temperatuurverschillen tussen zomer en winter vrij groot; in de zomer kon het water 25°C worden, in de winter was het rond het vriespunt. Doordat er vanuit het noorden [[zout water]] werd aangevoerd terwijl onder andere de [[Utrechtse Vecht|Vecht]], [[Eem]], [[IJssel]] en [[Zwarte Water (rivier)|Zwartewater]] juist [[zoet water]] aanvoerden, was de Zuiderzee een overgangsgebied tussen zout en zoet water, al werd ze gaandeweg wel steeds zouter. Bij hoge rivierstanden werd er veel zoet water aangevoerd, bij een sterke westen- of noordwestenwind werd het water zout.<ref>van der Heide, G., p. 8-9</ref><ref name="Bossaers">Bossaers, p. 15-16</ref>
 
===Eerste bedijkingen===
14.641

bewerkingen