Hoofdmenu openen

Wijzigingen

175 bytes verwijderd, 1 jaar geleden
→‎Kenmerken: twee keer vlak na elkaar is overdreven, geen cirkelverwijzingen
De huid van een hagedis is altijd bedekt met schubben, soorten uit een aantal groepen hebben daarnaast kleine benige insluitingen die [[osteoderm]]en worden genoemd en voor extra versteviging zorgen. Veel hagedissen hebben een verbeende onderlaag, deze ontbreekt echter bij een aantal groepen zoals de gekko's.<ref name="GRZ">{{Citeer boek|achternaam = Bernhard Grzimek|titel = Het Leven Der Dieren Deel VI: Reptielen|datum = 1971|uitgever = Kindler Verlag AG|ISBN = 90 274 8626 3}}</ref> Osteodermen komen ook voor bij andere reptielen zoals de [[krokodilachtigen]], voorbeelden van hagedissen met osteodermen zijn de [[korsthagedissen]] (Helodermatidae) en de [[knobbelhagedissen]] (Xenosauridae). Hagedissen met een dergelijk pantser zijn goed beschermd, maar hebben een stijvere huid die weinig beweeglijk is. Aan de flanken is vaak een ongeschubde huidplooi aanwezig zodat de huid kan uitrekken voor de ademhaling en de zwangerschap.
 
De huid bestaat uit twee lagen; van binnen naar buiten respectievelijk de dermis of [[dermis|lederhuid]] of lederhuid en de [[epidermis]] of opperhuid, dit is het aan de oppervlakte gelegen deel van de huid. De lederhuid bestaat uit bindweefsel, eventuele osteodermen zijnliggen in de lederhuid gelegen. De opperhuid wordt verder onderverdeeld in drie zones. In de onderste laag, het ''stratum germinativum'' of [[moederlaag|kiemlaag]], worden de schubben gevormd door [[mitose]] uit kubusvormige cellen. Hierboven bevindt zich een tussenlaag, waarin de schubben als het ware 'rijpen': ze worden compacter en harder. De bovenste laag ten slotte wordt het ''stratum corneum'' of [[hoornlaag]] genoemd en bestaat uit de volledig ontwikkelde schubben die gevormd zijn uit het harde [[keratineKeratine|bèta-keratine]], een hoornachtige stof. Een schub is opgebouwd uit vele zeer dunne laagjes keratine, ook eventuele stekels en hoorns worden uit keratine opgebouwd. De schubben bieden bescherming en hebben een isolerende functie. Ze zijn bovendien waterafstotend en hebben geen poriën om te voorkomen dat de hagedis uitdroogt. Een nadeel is dat de hagedis niet kan zweten om af te koelen.
 
[[Bestand:Lacertae skin.jpg|{{largethumb}}thumb|De huid van een hagedis bestaat uit gekleurde schubben, hier een [[Echte hagedissen|echte hagedis]]]]
 
Net als andere reptielen moeten hagedissen regelmatig [[vervellingVervelling|vervellen]], dit wordt ook wel ecdysis genoemd. De vervelling is een gevolg van de [[mitose]] van de kiemlaag, waardoor de cellen naar de tussenlaag worden verplaatst. De cellen van de tussenlaag verharden en groeien uit tot een nieuwe hoornlaag, waarna de oude huid loslaat. Alleen tijdens de mitose vindt wondgenezing plaats, vandaar dat hagedissen net als andere reptielen maar langzaam herstellen van verwondingen.<ref name="RSB">{{Citeer web|url = http://www.anapsid.org/basicdermatology.html|titel = Reptile Skin Basics ''Construction, Infections, and Color''|auteur = Melissa Kaplan}}</ref>
 
De vervellingsfrequentie hangt af van onder andere het levensstadium van een hagedis, vooral als ze nog klein moeten ze vanwege de snelle groei vaak vervellen, oudere hagedissen werpen hun huid minder vaak af. In tegenstelling tot [[slangen]] die in één keer vervellen en schildpadden en krokodillen, waarvan de schubben of hoornplaten één voor een loslaten, vervellen hagedissen in flarden. De oude huid scheurt steeds verder af tot deze geheel is verloren.<ref name="TLL" /> De nieuwe huid oogt helderder van kleur, is gladder en is direct droog. Hagedissen hoeven niet na een vervelling de nieuwe huid te laten uitharden zoals bij [[geleedpotigen]] het geval is.
 
De huid kent verschillende aandoeningen en ziekten. Scherpe voorwerpen of klauwen en beten van concurrenten en vijanden veroorzaken langzaam genezende penetraties en rijtwonden, [[Gram-kleuringGramkleuring|gram-negatieve bacteriën]] veroorzaken [[Abces (geneeskunde)|abcessenabces]]sen. Zweren worden vaak veroorzaakt door te vochtige of vervuilde omstandigheden. Bij dieren als zoogdieren zijn kleine infecties van de huid normaal. Dit komt door de aanwezigheid van een zeer groot aantal poriën en haarzakjes die gemakkelijk ontsteken maar snel genezen. Hagedissen hebben geen poriën en haarzakjes die gemakkelijk ontsteken maar ook weer snel genezen, een infectie van de huid is daarom altijd een potentieel gevaar voor het dier.<ref name="RSB" /> Hagedissen kunnen een breed scala aan parasieten bij zich dragen die zich meestal manifesteren op de huid. Voorbeelden van dergelijke parasieten zijn [[schimmels]], [[wormen (dieren)|wormen]], [[bacteriën]], [[mijten]] en [[teken (dieren)|teken]].
 
=== Huidskleur ===
De kleur van de huid wordt veroorzaakt door [[melanine]], een organisch [[pigment]] dat geproduceerd wordt door de [[melanocyt]]en. Dit zijn cellen die gepositioneerd zijn in de onderste laag van de opperhuid. Ze transporteren de pigmenten door middel van [[Dendriet (neurologie)|dendrieten]] (tentakelachtige structuren) naar de keratocyten (de schubvormende cellen) tijdens de aanmaak van de nieuwe huid. In de bovenste laag van de lederhuid zijn de [[Chromatofoor|chromatoforen]] gelegen, dit zijn pigmenthoudende cellen die verschillende pigmenten bevatten. Xantoforen veroorzaken een gele kleur, erytroforen een rode en leukoforen en guanoforen een witte kleur.<ref name="RSB" /> Iridoforen ten slotte zijn geen kleurpigmenten maar reflecteren of [[iriseren]] het licht, wat de olieachtige glans van veel reptielen veroorzaakt. Sommige hagedissen hebben in tegenstelling tot hun soortgenoten een geheel witte kleur. Deze exemplaren worden vaak [[albinisme|albino]] genoemd maar hebben meestal, in tegenstelling tot 'echte' albino's, geen volledig gebrek aan melanine maar slechts een tekort.<ref name="RSB" />
 
Hagedissen die van kleur kunnen veranderen, zoals [[kameleons]], maar ook (hoewel in mindere mate) veel [[anolissen]], [[gekko's]] en [[echte hagedissen]], doen dit door de pigmenten in de chromatoforen te herverdelen, zodat een andere kleur ontstaat. Lange tijd werd gedacht dat de hagedissen die van kleur kunnen veranderen dit vermogen uitsluitend gebruikten om minder op te vallen in de natuurlijke omgeving en de kleuren aan te passen aan een andere omgeving. Het veranderen van kleur heeft echter voornamelijk te maken met omgevingsomstandigheden als lichtintensiteit, omgevingstemperatuur en luchtvochtigheid. Met name de soorten die een behoorlijke kleuromslag kunnen maken, zoals [[anolissen]], veranderen voornamelijk van kleur om hun expressie te tonen. Een gestreste of geïrriteerde hagedis kleurt donkerder, een hagedis die een soortgenoot van de andere sekse probeert te lokken zal heel bonte kleuren vertonen. Bekend zijn de zwangere vrouwtjes van verschillende soorten kameleons die niet alleen heel snel van kleur veranderen maar bovendien kleuren tonen die in de natuur uitzonderlijk zijn zoals roze en blauw. Zwangere vrouwtjes geven daarmee aan dat ze al bevrucht zijn en geen behoefte hebben aan avances.
 
=== Kop ===
De ogen zijn relatief klein en zijn altijd duidelijk zichtbaar en aan de zijkant van de kop gepositioneerd. De meeste hagedissen hebben beweeglijke oogleden, maar sommige groepen (zoals de [[gekko's]]) hebben deze niet. Het onderste ooglid is bij deze hagedissen over de oogbal vergroeid met het bovenste ooglid en vormt een beschermende laag, het als venster functionerende ooglid wordt regelmatig afgelikt met de tong om het schoon te houden.
 
Sommige hagedissen, zoals de [[slangooghagedisslangenooghagedis]] (''Ophisops elegans''), hebben beweeglijke oogleden die doorzichtig zijn. Door het venster, dat als een bril fungeert, kunnen ze met gesloten oogleden toch goed zien. Het oog wordt bij de soorten met beweeglijke oogleden beschermd door een [[knipvlies]], dat zich sluit in een reflex, dit zogenaamde 'derde ooglid' komt ook voor bij andere reptielen. Het ontbreekt echter bij de meeste gekko's, die hierdoor op geen enkele manier hun ogen kunnen sluiten. De pupil van hagedissen kan rond, ovaal of spleetvormig zijn, dagactieve soorten hebben een ronde pupil, nachtactieve hagedissen hebben vaak een spleetvormige, verticale pupil. De iris kan bij hagedissen verschillende kleuren hebben, variërend van groen, bruin, grijs, oranje, rood of geel.
 
Veel hagedissen, zoals [[leguanen]] en [[agamen]] hebben een [[pariëtaaloog|derde oog]], dat gelegen is op het midden van de bovenzijde van de kop een [[derde oog]].<ref name="TLL">{{Citeer web|url = http://www.the-lizard-lounge.com/content/library.asp|titel = The Lizards Library|auteur = The Lizard Lounge}}</ref> Dit 'oog' is zeer primitief en anatomisch niet te vergelijken met de andere ogen, het bestaat uit lichtgevoelige cellen onder de huid, die in directe verbinding staan met de [[Pijnappelklier|Epifyse]] of pijnappelklier. Het derde oog speelt onder andere een rol bij het bepalen van het dag- en nachtritme van de hagedis. Ook kunnen van boven aanstormende vijanden worden opgemerkt zoals [[roofvogels]], omdat deze een verandering van het invallende licht veroorzaken die door het derde oog kan worden opgemerkt. Bij sommige reptielen, zoals de [[brughagedissen]], is het derde oog veel beter ontwikkeld.
 
De bek van hagedissen bevat tanden die niet in tandholten geplaatst zijn zoals bij de zoogdieren ([[thecodont]]). De tanden zijn gehecht aan de binnenkant van het [[Kaak (anatomie)|kaakbeen]] ([[pleurodont]]) of zijn boven op de kaakbeenrand gepositioneerd ([[acrodont]]). Niet alleen de boven- en onderkaak dragen tanden maar ook in het verhemelte kunnen tanden aanwezig zijn: de vomerine tanden.
 
=== Ledematen ===
[[Bestand:Chalcides chalcides.jpg|{{largethumb}}thumb|Een [[hazelskink]] heeft kleine pootjes]]
 
De meeste hagedissen hebben vier poten met elk vijf relatief lange tenen die nagels dragen. De poten en met name de klauwen verschillen afhankelijk van de functie in vorm, grootte en kracht, dit hangt vaak samen met de groep waartoe de hagedis behoort. Soorten die in bomen leven hebben grote poten met kromme klauwen en vaak lange, kromme nagels.<ref name="TLL" /> Een voorbeeld zijn de kameleons, die klauwen hebben die aan wanten doen denken, de vingers en tenen zijn gepaard en staan tegenover elkaar. Hierdoor kunnen ze zich goed vasthouden aan een tak maar over takken rennen of snel over de bodem lopen is niet mogelijk en veel kameleons verplaatsen zich hier langzaam en zijn zeer kwetsbaar. Andere voorbeelden zijn de franjeteenhagedissen uit het geslacht ''[[franjeteenhagedissen|Acanthodactylus]]'', die in woestijnen leven en over het hete zand rennen. Om de poten te beschermen tegen verbranding hebben ze een soort 'sneeuwschoenen' onder hun tenen bestaande uit geschubde flapjes.
 
Gekko's en anolissen hebben ''[[lamellae]]'', kleine gleufjes met een relatief groot aantal kleine haartjes die elk weer veel uitlopers hebben. Hierdoor wordt het absolute contactoppervlak zeer groot waardoor ze overal tegen blijven plakken, zelfs ondersteboven tegen gladde oppervlakken zoals [[glas (hoofdbetekenis)|glas]].
 
Hagedissen die op de bodem leven hebben eveneens vaak grote, krachtige poten en lange klauwen en tenen om zich snel uit de voeten te kunnen maken. Veel bodembewoners zijn erg bedreven in het graven van holen om snel weg te kruipen bij gevaar en te schuilen bij slechte omstandigheden. Sommige soorten kunnen zelfs op de achterpoten wegrennen, zoals de [[basilisk (dier)|basilisken]]. Deze hagedis kan tot acht meter over het water rennen dankzij een speciale looptechniek. Hagedissen die veel zwemmen hebben korte maar krachtige poten, de tenen zijn vaak voorzien van vliezen om efficiënter te kunnen zwemmen. Dergelijke soorten zijn veelal boombewoners, die bij gevaar in het water springen om te ontkomen. Slechts enkele soorten, zoals de [[zeeleguaan]], zoeken actief naar voedsel onder water. Een aantal hagedissen heeft gereduceerde ledematen of helemaal geen poten, voorbeelden zijn [[skinken]] en [[hazelwormen]]. Bij een aantal soorten ontbreken de voorpoten volledig en zijn de achterpoten sterk [[degeneratieDegeneratie|gedegenereerd]]. Ze worden niet meer gebruikt om te lopen maar spelen nog wel een rol bij de [[parenParen|paring]].
 
=== Staart ===
[[Bestand:Long-Tailed Grass Lizard.jpg|{{largethumb}}thumb|De [[langstaarthagedis]] heeft een uitzonderlijk lange staart]]
 
Alle hagedissen hebben een staart die in veel gevallen net zo lang is als het lichaam. Waar het lichaam eindigt en de staart begint, is van boven vaak moeilijk te zien, zeker bij de pootloze soorten. Aan de onderzijde echter is de grens duidelijk zichtbaar: de staart is dat deel van het lichaam dat zich achter de [[cloacaCloaca (anatomie)|cloaca]] bevindt.
 
De staart wordt bij het rennen als balans gebruikt, veel klimmende soorten hebben een meer beweeglijke staart die dient als extra grijporgaan. De kameleons zijn de bekendste groep van hagedissen met een grijpstaart, maar ook sommige andere soorten zoals enkele gekko's, de [[smaragdvaraan]] en verschillende soorten die tussen grashalmen leven kunnen zich met hun staart verankeren, zoals de [[Zesstreeplangstaarthagedis|langstaarthagedis]] (''Takydromus sexlineatus''). Bij het zwemmen wordt de staart voor de voortstuwing gebruikt door deze snel heen en weer te bewegen. Bij veel in het water levende soorten, zoals de [[Chinese wateragame]] (''Physignathus cocincinus''), is de staart zijdelings afgeplat zodat de voortstuwende werking wordt vergroot.
 
De staart kan bij veel hagedissen worden afgeworpen als deze wordt vastgepakt door een vijand. Dit wordt [[autotomie]] genoemd en komt voor bij onder andere de [[gekko's]] en de [[echte hagedissen]], maar niet bij onder andere de [[kameleons]], de [[agamen]] en de [[varanen]].<ref name="GRZ" /> Als de staart wordt afgeworpen, gebeurt dit altijd bij een speciaal gevormde, zwakkere staartwervel. Het afwerpen van de staart kan door de hagedis worden gestuurd door spiercontracties in de staart die de wervel doen breken. De spieren in de staart knijpen vervolgens samen om al te veel bloedverlies door de aderen in de staart te voorkomen. Na te zijn afgeworpen blijft de staart kronkelen doordat de lichaamsonafhankelijke zenuwen en spieren na de breuk nog enige tijd actief blijven.<ref name="TLL" /> Hierdoor zal een vijand sterk aangetrokken worden door de spastisch bewegende staart zodat de hagedis kan ontsnappen. De vijand wordt zo afgeleid en heeft zelfs nog wat te eten doordat de hagedis zijn staart als vetopslag gebruikt. De staart groeit na verloop van tijd weer aan maar heeft een afwijkende, donkere kleur en blijft kleiner doordat de staartwervels niet meer aangroeien. De opslagcapaciteit van lichaamsvet is hierdoor kleiner.
 
Sommige hagedissen gebruiken afwijkende vormen om verwarring tussen kop en staart te veroorzaken. Bij enkele [[gekko's]] en [[skinken]] lijkt de kop sprekend op de staart zodat een vijand wordt misleid en de verkeerde kant aanvalt. Een voorbeeld is de [[pijnappelskink]] (''Tiliqua rugosa'') uit [[Australië (continent)|Australië]] die een korte staart heeft met een sterk verdikte staartpunt die lijkt op de kop. De staart laat bij deze soort echter niet los. Met name de grotere soorten gebruiken hun staart als slagwapen door deze in een [[reflex (biologie)|reflex]] zijwaarts te bewegen.<!--==Stekels en kammen==
{| class="wikitable collapsible collapsed" style="width:17em; margin: 00px 10px 0em 0em; float:right;"
! colspan="1" style="background-color:#FFFFE0;"|[[Bestand:Gnome-dev-camera.svg|left|25px]]<center>Afbeeldingen</center>