Geschiedenis van het Midden-Oosten: verschil tussen versies

In [[1917]] was de [[Balfour-verklaring]] uitgegeven, die de [[Joden]] de vorming van een ''Joods Nationaal Tehuis'' in Palestina beloofde. Op 29 november 1947 stemde de [[Algemene Vergadering van de Verenigde Naties]] in met het plan voor de opdeling van het [[mandaatgebied Palestina]] in drie delen: een Joods, een Arabisch en een internationaal bestuurd deel ([[Jeruzalem]] en [[Bethlehem]]). Toen [[Israëlische onafhankelijkheidsverklaring]] werd uitgeroepen, verklaarden de Arabieren, die al decennia tegen de instroom van Joden waren, de oorlog, de [[Arabisch-Israëlische Oorlog van 1948]]. De [[Joodse vluchtelingen uit de Arabische wereld|Joodse bevolking uit Arabische landen]] vluchtten nagenoeg geheel naar Israël nadat vele pogroms zich tegen hen richtten. De oorlog was een overwinning voor Israël. Hierbij was het [[Palestijns vluchtelingenprobleem]] ontstaan; driekwart miljoen Palestijnen waren vluchteling geworden, verdreven door Israëlische troepen of gevlucht voor het geweld. In de Arabische wereld leefde dit voort als [[Al-Nakba]], "de ramp". De Arabische landen hadden Israël niet erkend. De grenzen van Israël waren "bepaald" door de wapenstilstandslijnen van 1949. Vooral de grens tussen Syrië en Israël was een bron van conflict. De [[Jarmuk (rivier)|rivier de Jarmuk]], de gezamenlijke grens tussen Syrië-Jordanië-Israël zal in 1964 leiden tot de [[wateroorlog]].
 
In [[1956]] wilden de Fransen en Britten het Suezkanaal, dat door de Egyptische president [[Nasser]] genationaliseerd was, opnieuw onder controle krijgen. Zij maakten een geheime afspraak met Israël, dat zelf de Sinaï wilde controleren om Egyptische aanvallen te kunnen weerstaan, waarna de [[Suezcrisis]] van [[1956]] een feit was. De [[Verenigde Staten]] steunden de aanval niet, waarmee de VS aan invloed wonnen. Ook deDe [[Sovjet-Unie]] mengde zich wel in de politiek van het gebied, op zoek naar invloed. De Sovjetszij steunden verschillende landen in hun [[Arabisch nationalisme|arabisch-nationalistische]] aspiraties.
 
Na de [[Zesdaagse Oorlog]] van [[1967]] werden veel Palestijnen naar Jordanië verdreven, vanwaar uit zij [[terrorisme|terroristische]] aanslagen begonnen te organiseren. Gedurende de jaren zeventig en tachtig werden, wereldwijd, vele vliegtuigkapingen, gijzelingen en ontvoeringen uitgevoerd. Daarna volgde een [[Uitputtingsoorlog (1967-1970)|uitputtingsoorlog]].
 
De daarop volgende vredesgesprekken leidden tot niets. Intussen had [[Hafiz al-Assad]], een militair, de macht overgenomen in Syrië en was [[Anwar Sadat]], [[president van Egypte]]. Op 6 oktober 1973 vielen beide Israël aan, het begin van de [[Jom Kipoeroorlog]]. Alhoewel de oorlog een overwinning was voor Israël kreeg Egypte de [[Sinaï (schiereiland)|Sinaï]] terug, dit onder druk van een [[Oliecrisis van 1973|olie-embrago]] ingesteld door de Arabische landen.
 
Daarmee was het Palestijns vluchtelingenprobleem niet mee opgelost. De combinatie van het aantal Palestijnse vluchtelingen en het voorheen relatief stabiel multireligieus land deed de balans overslaan en zal leidden tot een vijftienjarig durende [[Libanese Burgeroorlog|burgeroorlog]].
 
Nadat in [[1979]] de [[Iraanse Revolutie]] werd gehouden, waarbij de pro[[Westerse wereld|westerse]] [[sjah]] werd afgezet ten gunste van de fundamentalistische [[ayatollah]] [[Ruhollah Khomeini|Khomeini]], viel buurland Irak onder [[Saddam Hoessein]] Iran binnen. De bloedige [[Irak-Iranoorlog]] duurde zeven jaar en kostte waarschijnlijk aan meer dan één miljoen mensen het leven. Het [[christendom in het Midden-Oosten]] dat aan het begin van de 20e eeuw circa 10% van de bevolking uitmaakte kende een grote terugval. In [[Turkije]], [[Irak]] en de Palestijnse gebieden is het christendom bijna verdwenen, terwijl het aantal christenen in [[Libanon]] en [[Jordanië]] is gehalveerd.
5.436

bewerkingen