Hoofdmenu openen

Wijzigingen

2.265 bytes toegevoegd, 2 jaar geleden
geen bewerkingssamenvatting
De buurt is gelegen aan de noordoever van de [[Oude Rijn (Harmelen-Noordzee)|Oude Rijn]] en wordt verder begrensd door het water van de [[Oude Singel]] in het noorden, de [[Herengracht (Leiden)|Herengracht]] in het oosten en de gedempte [[Mare (waterloop)|Mare]] in het westen. De belangrijkste straat in de buurt is de [[Haarlemmerstraat (Leiden)|Haarlemmerstraat]], ook de belangrijkste winkelstraat van de stad. De buurt wordt vaak in één adem genoemd met de naastgelegen buurt [[De Camp]] aan de andere zijde van de Mare.
 
==Geschiedenis==
De stadswijk Maredorp was ooit een stukje Hollands weidelandschap, dat door rechte slootjes werd doorsneden. Toen Leiden alleen nog een nederzetting was aan de zuidzijde van de Oude Rijn vestigden zich ook mensen aan de overkant van de rivier dat toen nog tot [[Leiderdorp]] behoorde. Van 1348 tot 1351 zou hier een [[schout]] genaamd 'Jan de Vos' zijn geweest, die recht sprak op de [[Rode Steen (Leiden)|'Roode Steen']] op de kruising van de huidige [[Haarlemmerstraat (Leiden)|Haarlemmerstraat]] en de Donkersteeg. Naar deze schout is de Janvossensteeg genoemd. Bij de stadsvergroting van 1346/1355 ging Maredorp met de aanleg van de [[Oude Vest]] onderdeel uitmaken van de stad Leiden. Dat gebeurde vooral om veiligheidsredenen. De nieuwe vestwal lag op de plaats waar nu de percelen van de huizen van de Oude Vest liggen.
 
Pas in de 15e eeuw kwam het gebied goed tot ontwikkeling. Bij de Vollersgracht, toen nog 'Donkere Gracht', kwamen twee [[Derde orde|tertiarissenkloosters]]: het Schagen of St. Catharinaklooster op het huidige Runderplein en het Abcoude of Sint Mariaklooster aan het andere einde van de Vollersgracht. De kloosters werden na het [[Leids Ontzet]] (1574) door het stadsbestuur in eigendom verworven en gesloopt. Het terrein van Schagen werd in 1578 in gebruik genomen als Beestenmarkt. De grond van Abcoude werd in 1579 tot raamland bestemd.
 
Door de groei van de bevolking werd steeds meer grond bestemd voor woningbouw. Ook werden er veel [[Volder|vollersbedrijven]] in de wijk gevestigd. Die hielden zich bezig met het vervilten van wol, wat zorgde voor veel stank en vervuiling van het oppervlaktewater. Op last van het gemeentebestuur werden de volders verplaatst en werd getracht de waterkwaliteit te verbeteren. Bij de stadsuitbreiding van 1611 werd de vestwal aan de Oude Vest afgevlakt en kwamen hier huizen te staan. De 'volmolens' werden verplaatst naar de overkant van de Oude Vest. Vandaar de naam 'Volmolengracht'.
 
De Vollersgracht werd gedempt in 1861. Vanaf 1907 werd hier een vismarkt gehouden. Daarvoor werden stenen banken en ijzeren overkappingen gebouwd. In 1938 werden die weer verwijderd omdat er nog maar weinig gebruik van werd gemaakt en ze in de weg stonden voor het groeiende autoverkeer.
==Zie ook==
* [[Wijken en buurten in Leiden]]