Hoofdmenu openen

Wijzigingen

8 bytes toegevoegd ,  2 jaar geleden
geen bewerkingssamenvatting
 
In Hoofdstuk 37 vanaf vers 123 staat het volgende:
 
<P>
''123: En Elias was mede eén dergenen, die door ons werden gezonden. ''<Pbr>
<i>
''124: Toen hij tot zijn volk zeide: Vreest gij God niet? ''<Pbr>
123: En Elias was mede eén dergenen, die door ons werden gezonden. <P>
''125: Roept gij Baal aan, en verzaakt gij den uitmuntendsten schepper? ''<Pbr>
124: Toen hij tot zijn volk zeide: Vreest gij God niet? <P>
''126: God is uw Heer en de Heer uwer voorvaderen. ''<Pbr>
125: Roept gij Baal aan, en verzaakt gij den uitmuntendsten schepper? <P>
''127: Maar zij beschuldigden hem van bedrog. ''<Pbr>
126: God is uw Heer en de Heer uwer voorvaderen. <P>
127: Maar zij beschuldigden hem van bedrog. <P>
</i>
 
==Mensenoffers==