Kernspinresonantie: verschil tussen versies

4 bytes toegevoegd ,  2 jaar geleden
k
→‎Geschiedenis: incorrecte samentrekking hersteld
k (→‎Vaste stoffen: Schrijffout)
k (→‎Geschiedenis: incorrecte samentrekking hersteld)
Kernspinresonatie of magnetische resonantie van atomen werd voor het eerst wetenschappelijk beschreven en gemeten in moleculaire bundels door [[Isidor Isaac Rabi]] in 1938. Hierbij maakte hij gebruik van de techniek van het Stern-Gerlach-experiment, een proef in 1922 uitgevoerd door [[Otto Stern]] en [[Walther Gerlach]]. In dit experiment namen Stern en Gerlach waar dat een moleculaire bundel die een magnetisch veld passeert in twee delen wordt opgesplitst. Dit fenomeen kon in 1925 worden verklaard door de ontdekking van [[elektron]]enspin door [[George Uhlenbeck|Uhlenbeck]] en [[Samuel Goudsmit|Goudsmit]]. In 1933 had Stern met zijn moleculaire bundelmethode ook het magnetisch moment (of spin) van het proton bepaald.
 
Rabi, een voormalig postdoc-student van Stern, breidde en verbeterde Sterns moleculaire bundelmethode en breidde die uit door het magnetisch moment van een (ongeladen) molecuul te meten. Belangrijkste innovatie van Rabi was het toevoegen van een extern [[radiogolf]]veld loodrecht op het magneetveld. Hij slaagde erin atoomkernen op bepaalde overgangen in resonantie brengen en daarbij de spin van de kern om te draaien. Hiermee kon hij de magnetische eigenschappen van atoomkernen vastleggen.
 
Een volgende belangrijke doorbraak van kernspinresonantie kwam in 1946 toen twee onderzoeksteam, onafhankelijk van elkaar, erin slaagden om magnetische resonantie te detecteren in vloei- en vaste stoffen. Aan het Massachussetts Institute of Technology slaagden [[Edward Mills Purcell]], Henry Torrey en [[Robert Pound]] erin kernspinresonantie waar te nemen en te meten in een kilogram blok [[paraffine]]. Tegelijkertijd wisten [[Felix Bloch]], William Hanson en Martin Packard van de Stanford-universiteit kernspinresonantie op te wekken in een vat gevuld met twee kubieke centimeter water. In 1952 ontvingen Purcell en Bloch gezamenlijk de [[Nobelprijs]] voor deze ontdekkingen.
67.664

bewerkingen