Knie (anatomie): verschil tussen versies

1 byte toegevoegd ,  3 jaar geleden
geen bewerkingssamenvatting
Tevens wordt vaak met de knie het gebied van het been bedoeld dat deze verbinding insluit en steunt, dus ook het omliggend [[weefsel (biologie)|weefsel]]. De bewegingen van de knie verlopen soepel door middel van [[kraakbeen]]. Het dunne elastische weefsel, kraakbeen, beschermt het bot en zorgt dat de gewrichtsvlakken gemakkelijk over elkaar kunnen glijden. Men kan twee soorten gewrichtskraakbeen onderscheiden in de knie, namelijk fibreus kraakbeen ([[meniscus (anatomie)|meniscus]]) en hyalien kraakbeen.
De voor-achterwaartse stabiliteit in het kniegewricht wordt vooral bereikt door kruislingse banden (de kruisbanden/ligamenta cruciformia) die boven- en onderbeen verbinden. De zijwaartse stabiliteit wordt gewaarborgd door de ligamenta collateralia. Een soepel scharnieren van bovenbeen ten opzichte van het onderbeen wordt bereikt doordat de knie omvat is in een kapsel en door de aanwezigheid van kraakbeenschijven tussen de scharnierende botdelen (de [[meniscus (anatomie)|menisci]]). Stabiliteit (passief) wordt bereikt door de kniebanden en kruisbanden en (actief) door de bovenbeenspieren.
Het kraakbeen slijt met de jaren, maar ook door belasting. Kraakbeen heeft vermogen zichzelf te herstellen, maar dit kost tijd omdat er in dit weefsel geen bloedvaten aanwezig zijn die voor de stofwisseling zorgen. Een groot deel van het herstelweefsel zal uit fibreus kraakbeen ontstaan. FibreusHet kraakbeenchondrine isin vanfibreus mindere(vezelig) kwaliteitkraakbeen danis hetdoortrokken hyalienemet kraakbeen.dicht Hierdooropeengepakte zullencollageenvezels. naIs verlooptrekvast vanen tijd opnieuw scheurtjesdrukbestendig en barstengeeft ineen het kraakbeensoepele ontstaanbotverbinding.
 
Bij [[gewervelden|gewervelde dieren]] wordt met de knie een analoge verbinding of deel van het been bedoeld.
Anonieme gebruiker