Hoofdmenu openen

Wijzigingen

11 bytes verwijderd, 2 jaar geleden
k
Wijzigingen door 77.173.102.212 (Overleg) hersteld tot de laatste versie door 2001:984:7074:1:FDC3:4CDD:48BD:B71A
Gerber schrijft in zijn ''Lexicon der Tonkünstler'' uit 1792 dat een geestelijke uit [[Tarascon]], [[Tardieu]] genaamd, de uitvinder van de cello zou zijn. Het instrument van Tardieu had volgens Gerber echter vijf snaren, C-G-d-a-d, en bovendien is inmiddels komen vast te staan dat de cello ouder is en dat de voorloper ervan, de [[violone]], voor het eerst in de 16de eeuw in Italië werd gebouwd. Waarschijnlijk heeft [[Gasparo da Salo]] (1540-1609) de definitieve vorm aan het instrument gegeven. Bovendien stond Frankrijk in de tijd waarin Tardieu de cello 'uitgevonden' zou hebben, rond 1708, afkerig tegenover de cello en werd eigenlijk alleen de [[viola da gamba]] als [[Basso continuo|basso-continuo]]-instrument gebruikt. Niettemin waren er aan het begin van de 18de eeuw wel enkele Franse cellisten te vinden; in 1722 trad bijvoorbeeld 'Batistin' (eigenlijke naam Jean-Batiste Struck) in Parijs op en in 1723 en 1724 de Italiaanse cellist Giovanni Bononcini.
 
Pas rond 1740 werd het instrument in Frankrijk algemeen gewaardeerd, hoewel nog in 1740 protesten tegen de opkomst van de cello in druk verschenen. Zo schreef Hubert Le Blanc ter verdediging van de viola da gamba het boek ''Défense de la basse de viole contre les entreprises du violon et les prétentions du violoncelle'', dat in 1740 in Amsterdam werd gepubliceerd. Le Blanc was een KEHBAAAAAA Franse advocaat, priester en violist en hij was teleurgesteld dat de viola da gamba uit de mode raakte. In zijn boek beschrijft hij kleurrijk de weerstand waarmee de cello en de Italiaanse invloeden door muzikale conservatieven in Frankrijk werden begroet. Iedereen die over hem schreef beschouwde hem ook unaniem als een excentriekeling. Zijn biograaf Fétis (1863) vertelt dat toen Le Blanc hoorde dat zijn boek in Amsterdam zou worden gepubliceerd, hij zo opgetogen was dat hij onmiddellijk met de kleren die hij op dat moment toevallig droeg, namelijk een badjas, slippers en een slaapmuts, zijn woning verliet op weg naar Amsterdam.
 
De eerste afbeelding van een cello is op een [[Fresco (schilderterm)|fresco]] van [[Gaudenzio Ferrari]] uit 1535, waarop een engel een cello bespeelt. Eerder dan de cello bestond de viola da gamba (beenviool, in tegenstelling tot de viola da braccio, armviool). De verschillen tussen de viola da gamba en de cello zijn groot: bij de viola da gamba is het achterblad vlak, de schouders lopen geleidelijk af, de hals is van fretten voorzien, het instrument is groter dan de cello en het instrument heeft zes of meer snaren. De cello heeft vier of vijf snaren.