Hoofdmenu openen

Wijzigingen

55 bytes toegevoegd, 2 jaar geleden
In de late jaren twintig schreef Thomas Mann tal van belangrijke [[essay]]s waarin hij zijn ideologische standpunten nader bepaalde. Politiek gezien trachtte hij met name Duitsland en Frankrijk nader tot elkaar te brengen. Ook toonde hij zich rond 1930 nadrukkelijk tegenstander van het opkomende [[nationaalsocialisme]] en [[antisemitisme]], mede omdat zijn vrouw Katia half-Joods was en er duidelijk last van had. In 1930, na de verkiezingswinst van de [[Nationaal-Socialisme|nationaalsocialisten]], sprak hij in een rede uit te hopen "dat door de samenwerking van burgerdom en socialisme het fanatisme van het fascisme zal worden afgewezen".<ref>Cf. Schröter, blz. 121.</ref> In 1933 moest hij echter ervaren dat zijn humanistisch-liberale idealen tot niets hadden geleid en trok hij zich teleurgesteld weer voor jaren terug in zijn werk. Een gebeurtenis die mede aan deze reactie ten grondslag lag waren de boekverbrandingen in mei 1933, waarbij weliswaar niet zijn eigen werk, maar wel dat van Heinrich en zijn zoon Klaus op de brandstapels belandden.
 
In 1933 verliet Thomas Mann op aandringen van zijn kinderen Klaus en Erika München en woonde voornamelijk in Zwitserland, om in 1936 definitief en openlijk te kiezen voor de vrijwillige ballingschap. In 1936 is hij Tsjechoslovaakse staatsburger geworden. Hij ging wonen in [[Zürich (stad)|Zürich]], wijdde zich vooral aan het schrijven en gaf daar van 1937 tot 1940 het bekende [[emigrantenliteratuur|emigranten]][[literair tijdschrift|tijdschrift]] ''Masz und Werth'' uit.
 
Toen Mann in de loop van de jaren dertig merkte dat het nationaalsocialisme zich geleidelijk meester had gemaakt van zijn eerdere idealen, de jeugdliefde voor romantiek, Nietzsche en Wagner, greep hij eind jaren dertig steeds meer terug op de anti-romantische, klassiek-humanistische kracht van de Duitse traditie. Uiting daarvan is zijn [[Esthetica|esthetisch]] mooie, erudiete maar ook licht spottende roman ''Lotte in Weimar'' (1939), waarin hij op basis van een enorme belezenheid en feitenkennis de ontmoeting beschrijft van de oud geworden Goethe en de eveneens oud geworden Lotte uit diens ''Werther''.
Anonieme gebruiker