Mandarijn (functie): verschil tussen versies

1.043 bytes toegevoegd ,  3 jaar geleden
De meeste tijd besteedde de functionaris en zijn staf aan de voorbereiding op een proces en het proces zelf. Een aantal dagen per maand ontving hij burgers van het district om bijvoorbeeld klachten aan te horen. Hij deed zelf onderzoek naar criminaliteit. De functionaris was aanwezig bij alle rechtszaken in zijn gebied, zowel op het gebied van strafrecht als burgerlijk recht. In afwezigheid van jury's en advocaten deed hij alle ondervragingen en nam ook de beslissing ten aanzien van het vonnis. In de voorbereiding diende hij de zaak onderzocht te hebben en hij was dus feitelijk zowel politieofficier, aanklager en rechter.
[[File:Punishment of the Tcha or Cangue.jpg|thumb|300px|Uitvoering van de straf met de cangue]]
Op het niveau van het district had de mandarijn slechts de bevoegdheid tot het opleggen van een aantal slagen of het gedurende een vastgestelde tijd moeten dragen van een cangue. Als hij een zwaardere straf meer passend achtte, gaf hij daartoe een advies aan zijn superieuren die dan de formele beslissing namen. Het opleggen en uitvoeren van een doodstraf vereiste meestal ratificatie van of namens de keizer.
 
Zaken op het gebied van [[burgerlijk recht]] vroegen aanzienlijk meer tijd dan die op het gebied van strafrecht. Er was niet iets als een [[Burgerlijk Wetboek (Nederland)|burgerlijk wetboek]] in China. Er was weerstand tegen dit soort codificatie, omdat beleidsmakers de vrees hadden dat dit zou leiden tot een te grote toename van het aantal processen. Dat zou ook haaks staan op de confuciaanse ideologie van de staat inzake de na te streven sociale harmonie.
 
Toch was er van midden achttiende eeuw een aanzienlijke toename van zaken op het gebied van burgerlijk recht. Die toename werd begin negentiende eeuw zo groot, dat mandarijnen op districtsniveau naar technieken begonnen te zoeken dit te beperken. Een gebruikelijke techniek was om een voorlopige uitspraak te doen, waarvan duidelijk was dat beide partijen daarmee ongelukkig zouden zijn. Vervolgens werden beide partijen dan uitgenodigd een vorm van conflictbehandeling te accepteren onder de dreiging dat een definitieve uitspraak na een volledig proces wel eens identiek of nog ongunstiger zou kunnen zijn.
 
Een van de vaak vermelde zwakheden van het systeem was de kwaliteit van de overige staf, zoals bijvoorbeeld de klerken. Die waren verantwoordelijk voor zaken als het opstellen van concept-rapporten, bijhouden van belastingaangiften en archiefwerkzaamheden. Dat waren lokale krachten die vatbaar waren voor omkoping. De magistraat was vaak van hen afhankelijk,omdat zij op de hoogte waren van lokale omstandigheden, hun bekendheid met overheidsvoorschriften en hij vaak het lokale dialect niet begreep. In de Chinese literatuur wordt deze groep steeds als corrupt beschreven.
 
Een andere groep waren de koeriers, die ook lokaal gerekruteerd werden. Zij zorgden voor de communicatie van bevelen en boodschappen van de mandarijn naar de dorpen in het district. Andere taken waren onder meer de inning van de belasting, arrestatie van verdachten, martelen om bekentenissen te verkrijgen en het uitvoeren van de opgelegde lijfstraffen. Een koerier werd meestal door de rest van de bevolking veracht. Het was niet ongebruikelijk dat familieclans personen die een functie als koerier accepteerden uitstootten. Het was met name de corruptie van koeriers en klerken die een grootmeerderheid van het ongeletterde deel van de bevolking terughoudend maakte om met de mandarijn en zijn staf in contact te komen. De meeste Chinezen probeerden procesvoering te voorkomen.
 
Mandarijnen waren verplicht de bevolking van het district te verdelen in groepen van soms tien, maar in ieder geval groepen van honderd en duizend huishoudens. Voor ieder van die eenheden werd een hoofd benoemd. Ieder huishouden had een bord aan de voordeur waarop naam, leeftijd, bezigheid van het hoofd van het huishouden vermeld was, alsmede de namen van alle andere leden. De hoofden van eenheden waren verplicht de namen van iedere verhuizing aan het kantoor van de mandarijn door te geven. Twee maal in de maand moest gerapporteerd worden of er onwettige dan wel incorrect geachte activiteiten waren voorgevallen. Het systeem werkte slecht. Als belangrijkste oorzaak wordt genoemd dat er niet voldoende menskracht was om het systeem te beheersen en de rapportages te verwerken.
9.994

bewerkingen