Beleg van 's-Hertogenbosch (1794): verschil tussen versies

k
 
== Achtergrond ==
Al sinds het [[Beleg van 's-Hertogenbosch (1629)|beleg van 1629]] was er een [[Staatse leger|Staats garnizoen]] in Den Bosch gelegerd. Dit garnizoen was ingekwartierd bij de lokale bevolking en was niet bepaald populair. Dit kwam mede door grootschalige plunderingen in de stad in 1787 nadat de [[patriotten]] voor korte tijde het stadsbestuur hadden overgenomen. Daarnaast werden de belangrijke ambten in Den Bosch en Brabant veelal toegekend aan Hollanders in plaats aan Brabanders. Ook de katholieken in de stad werden onderdrukt, zij werden uitgesloten van openbare ambten en waren gedwongen in [[schuilkerk]]en hun geloof te belijden. Dit alles maakte dat de Bosschenaren de patriotten welgezind waren. In 's-Hertogenbosch keek men uit naar de terugkeer van de patriotten uit Frankrijk.
 
Na de onthoofding van koning [[Lodewijk XVI van Frankrijk]] verklaarde de [[Eerste Franse Republiek|Franse Republiek]] de oorlog aan onder andere Engeland en de [[Nederlandse Republiek]], waarmee de [[Eerste Coalitieoorlog]] uitbrak. De oorlog die daarop volgde werd met name gevoerd in de [[Oostenrijkse Nederlanden]]. De Franse opmars werd tijdelijk een halt toegeroepen door de overwinning van de coalitie bij de [[Slag bij Neerwinden (1793)|slag bij Neerwinden]]. Het jaar daarop kreeg [[Jean-Charles Pichegru]] het commando over het leger dat de strijd moest aanbinden met de Oostenrijkers en de Republiek. De Fransen wisten een grote overwinning te behalen op de coalitie in de [[Slag bij Fleurus (1794)|slag bij Fleurus]].
56.295

bewerkingen