Volksunie: verschil tussen versies

1 byte verwijderd ,  6 jaar geleden
k
Invulling parameters sjabloon
k (Invulling parameters sjabloon)
| exnaam =
| actief in = {{BE-vlag|Vlaanderen}}<br />{{BE-vlag|Brussel}}
| hoofdkantoor = Barricadenplein 12<br />1000 [[Brussel (stad)|Brussel]]<br />{{BE}}
| krant = [[De Volksunie]]<br />[[Wij, Vlaams-nationaal]]<br />[[Wij (Belgisch tijdschrift)|Wij]]
| richting =
In 1981 werd [[Hugo Schiltz]] vicepremier van de eerste, nog niet rechtstreeks verkozen proportionele, [[Regering-Geens I|Vlaamse regering van Gaston Geens]]. Hoewel de federale staat vorm begon te krijgen, verloor de partij alweer flink in de verkiezingen in 1985 en [[Jaak Gabriëls]] werd voorzitter. Ondanks nog maar eens een slecht verkiezingsresultaat in 1987 stapte de partij in de nationale en Vlaamse regeringen. Hugo Schiltz werd vicepremier in de regering Martens.
 
In 1989 probeerde Gabriëls de partij ideologisch te herpositioneren richting het [[liberalisme]] door de partijnaam te wijzigen in [[Volksunie-Vlaamse Vrije Democraten]] (VU-VVD). Gabriëls' geflirt met de liberalen resulteerde in 1991 tot nogmaals een breuk in de partij. Kort na de verkiezing van [[Bert Anciaux]] in juni 1992 tot voorzitter stapten Gabriëls en een heleboel getrouwen over naar de inmiddels vernieuwde liberale partij, via de tussenstap van het [[Centrum voor Politieke Vernieuwing]] (CPV) naar de verbrede [[Open Vlaamse Liberalen en Democraten|Vlaamse Liberalen en Democraten]] (VLD). Dit waren onder meer Jaak Gabriëls, [[André Geens]], [[Bart Somers]], [[Hugo Coveliers]] en [[Jef Valkeniers]]. Als tegenreactie lanceerde de VU een brede campagne "'''Wij blijven'''" om de blijvende levenskracht van de partij te verdedigen.
 
In [[1980-1989|de jaren tachtig]] kwam de partij voor een derde keer in de Belgische regering, en werkte ze mee aan de derde fase in de staatshervorming, de [[Staatshervorming (België)#1993: De vierde staatshervorming (Sint-Michielsakkoord)|Sint-Michielsakkoorden]]. De partij verliet vroegtijdig deze regering omwille van onethisch bevonden wapenleveringen en onderging een electorale nederlaag. Ook was de partij meermaals betrokken in de Vlaamse en Brussels Hoofdstedelijke regeringen.
Uit onvrede scheurden enkele partijleden zich af, en richtten [[SoLiDe (België)|SoLiDe]] op in 1995.
 
In 1995 nam de partij met Bert Anciaux deel aan de verkiezingen, met het doel terug 300.000 stemmen te krijgen en zodoende te bewijzen dat de partij nog electoraal relevant was, en het voortbestaan van de partij niet langer in vraag werd gesteld, hetgeen lukte.
 
Anciaux ging verder met de steevast staatshervormend-gerichte, maar vooral steeds meer uitgebouwde progressieve koers, en nam in 1997 als voorzitter een [[sabbatical|sabbatsperiode]]. Geestesgenoot [[Patrik Vankrunkelsven]] nam het voorzitterschap waar. Anciaux kwam tevoorschijn met de verruimings- en vernieuwingsbeweging [[ID21]] met links-liberale wortels, die nieuwe mensen kon motiveren. Hij werd [[alliantie]]voorzitter. Met het oog op de verkiezingen in 1999 gingen VU en ID21 in 1998 een electorale [[alliantie]] aan.
Uit de interne verschillen ontstond het Vlaams Blok als compromisloze en rechtse Vlaams-nationale partij. Individuele dissidentie is er steeds geweest, maar een collectieve overstap richting het rechts-liberalisme vond plaats onder Jaak Gabriëls en het CPV, met onder anderen [[Bart Somers]].
 
De ontwikkeling van een links-liberale pijler in de verruimingsbeweging ID21 diende als versteviging van de in het partij-apparaat machtige progressieve VU-flank. Bij het uiteenvallen van de VU ging het grootste deel van de basis over in N-VA{{Bron?||2015|11|202}}, dat door een interne stemming geen 50% haalde, waardoor de naam VU niet langer gebruikt mocht worden. Het andere deel van de VU dat een nieuwe partij wilde vormen, de Toekomstgroep, werd Spirit, waar later de alliantievorming met sp.a (onder Bert Anciaux) toch weer een brug te ver bleek voor verscheidene parlementsleden (onder anderen Patrik Vankrunkelsven en Annemie Vande Casteele), die overstapten naar de VLD (of in mindere mate het toenmalige Agalev).
 
Steeds bleef er een grote aanwezigheid van Vlaams-nationalisten in de Volksunie die bereid waren tot het aangaan van compromissen, in functie van stappen vooruit naar meer Vlaamse zelfstandigheid.