Hoofdmenu openen

Wijzigingen

1.866 bytes toegevoegd ,  4 jaar geleden
geen bewerkingssamenvatting
Karel sneuvelde op [[5 januari]] [[1477]] tijdens de [[Slag bij Nancy]], een poging om [[Nancy]] op de Lotharingers te veroveren. Hij vluchtte toen bleek dat zijn manschappen aan de verliezende hand waren. Zijn stoffelijk overschot werd twee dagen later pas terug gevonden, hij was van zijn paard gevallen. Hoewel hierover nog altijd onduidelijkheid bestaat, zou zijn gezicht al zijn aangevreten door wolven en waren zijn wapenrusting en kleren geroofd; identificatie van de hertog moest plaatsvinden aan de hand van de [[Litteken (lichaam)|littekens]] op zijn lichaam die bij zijn lijfarts bekend waren. Hij werd begraven in de collegiale Sint-Joriskerk (Saint Georges) te [[Nancy]].
Zijn stoffelijke resten werden inop 22 september 1550 opgegraven door [[Christina van Denemarken (1521-1590)]], regentes van Lotharingen, op vraag van [[keizer Karel V]], eende kleinzoonachterkleinzoon van KarelsKarel dochterde Maria,Stoute. vanuitVanuit FrankrijkNancy werden ze eerst naar [[Luxemburg (stad)]] overgebracht, waar ze in het Minderbroederklooster een plaats kregen. VervolgensBegin 1553 werden ze inten 1553slotte naar [[Brugge]] overgebracht. Daar werden ze eerst tijdelijk in de collegiale [[Sint-Donaaskathedraal|Sint-Donaaskerk]], die op de [[Burg (Brugge)|Burg]] stond, begraven. Op 7 juni 1553 vonden ze hun definitieve rustplaats in de [[Onze-Lieve-Vrouwekerk in Brugge|Onze-Lieve-Vrouwekerk]] te [[Brugge]], aanvankelijk in de grafkelder van zijn dochter en opvolgster [[Maria van Bourgondië (hertogin)|Maria van Bourgondië]] in het koor van de kerk en vanaf 1563 in een eigen praalgraf, vervaardigd door [[Jacob Jonghelinck]], naast dat van Maria. Tijdens de [[Franse Revolutie]] werden beide grafkelders geplunderd. Vermoedelijk gingen de stoffelijke resten van Karel de Stoute toen verloren. BijDe ligbeelden, de familiestambomen en de wapenschilden die het grafmonument versierden, waren gelukkig tijdig in veiligheid gebracht. In 1806 werden beide grafmonumenten haastig gereconstrueerd in de Lanchalskapel en pas bij de archeologische opgravingen van 1979 werden ze opnieuw in hun originele toestand heropgebouwd op hun oorspronkelijke plaats in het koor van de kerk. inBij 1979die opgravingen werd wel het skelet van Maria gevondenvan Bourgondië teruggevonden (en als het hare geïdentificeerd), maar niet dat van Karel. Zijnde grafmonument,Stoute. datWaar gelukkig welhet bewaardgebleven bleefis, is nunog dussteeds een leegraadsel.
 
=== Na Karels dood ===
'''Literatuur'''
* {{aut|Ruth Putnam}}, ''[http://www.gutenberg.org/files/14496/14496-8.txt Charles the Bold, Last duke of Burgundy]'' (1908). The Knickerbocker Press, New York.
* Maria van Bourgondië. Brugge. Een archeologisch-historisch onderzoek in de Onze-Lieve-Vrouwkerk, Brugge, 1982.
* A.C. De Schrevel, Quand et comment les restes mortels de Charles le Téméraire ont-ils été tranférés à Bruges et déposés à l'église de Notre-Dame, in: Handelingen van het Genootschap voor Geschiedenis van Brugge, LXVIII, 1925, pp. 35-76.
* Ch. de Linas, Dissertation surle tombeau de Charles le Téméraire et son emplacement dans la collégiale de Saint-Georges à Nancy, in: Bulletin de la Société d'Archéologie de Lorraine, 5, 1855, p. 46-52.
* Hubert De Witte, 'Archeologisch onderzoek in het hoogkoor van de O.-L.-Vrouwkerk te Brugge. Voorlopig bericht', in: Handelingen van het Genootschap van Brugge, CXVI, 1979, pp. 125-131.
* A.M. Roberts, The chronology and Political Significance of the Tomb of Mary of Burgundy, in: Art Quarterly, LXXI-3, 1989, pp. 376-400.
* Luc Smolderen, 'Le tombeau de Charles le Téméraire se présente-t-il aujourd'hui tel qu'il était autrefois?', in: Handelingen van het Genootschap voor Geschiedenis van Brugge, CIX, 1972, pp. 218-225.
* Luc Smolderen, 'De laatste reis van Karel de Stoute van Nancy naar Brugge', in: ''Vlaanderen'', jaargang 58, 2009, p. 120-123. (http://www.dbnl.org/tekst/_vla016200901_01/_vla016200901_01_0029.php#067)
 
'''Voetnoten'''
{{References}}
32

bewerkingen