IRAS (satelliet): verschil tussen versies

16 bytes toegevoegd ,  4 jaar geleden
 
== Apparatuur en waarnemingen ==
IRAS had aan boord een Ritchey-Chrétien -[[Ruimtetelescoop|telescoop]] met spiegels van [[beryllium]] omwille van de lage bedrijfstemperatuur van 4 [[Kelvin (eenheid)|K]]. De primaire spiegel had een [[diameter]] van 57 cm en een samengestelde [[brandpuntsafstand]] van 5,5 m. De lage bedrijfstemperatuur van enkele graden boven het [[absoluut nulpunt|absolute nulpunt]] (-273,15 graden C.Celsius) was noodzakelijk om de zwakke bronnen van infraroodstraling uit het [[heelal]] waar te kunnen nemen. Zou de telescoop niet tot deze lage [[temperatuur|temperaturen]] gekoeld worden, dan zou deze door zijn eigen [[warmtestraling]] verblind worden.
De koeling vond plaats door de hele telescoop, inclusief detectoren, te plaatsen in een dewar-vat dat gevuld was met 475 liter vloeibare [[helium]]. De telescoop was op meerdere wijzen afgeschermd van andere bronnen van warmte straling zoals de [[Aarde (planeet)|Aarde]] en de [[Zon]]. De kijkrichting van de telescoop stond [[loodrecht (meetkunde)|loodrecht]] op de Zon en de Aarde, waarbij de zonnepanelen van IRAS een dubbelrol vervulden als zonnescherm voor het dewar-vat. Een grote zonnekap in de vorm van een afgeschuinde [[kegel (ruimtelijk figuur)|kegel]] voorkwam dat strooilicht in de telescoop terecht kwam. Als laatste was het feitelijke ruimtevoertuig met meerdere lagen [[warmte-isolatie|isolatiemateriaal]] gescheiden van de telescoop.
Al deze maatregelen bleken zeer succesvol waardoor IRAS een gevoeligheid bereikte, die het in theorie mogelijk maakte dat de satelliet de warmtestraling van een fietslampje op 5000 [[kilometer|km]] [[afstand]] zou kunnen waarnemen.
 
De koeling vond plaats door de hele telescoop, inclusief detectoren, te plaatsen in een dewar-vat[[dewarvat]] dat gevuld was met 475 liter vloeibarevloeibaar [[helium]]. De telescoop was op meerdere wijzen afgeschermd van andere bronnen van warmte stralingwarmtestraling zoals de [[Aarde (planeet)|Aarde]] en de [[Zon]]. De kijkrichting van de telescoop stond [[loodrecht (meetkunde)|loodrecht]] op de Zon en de Aarde, waarbij de zonnepanelen van IRAS een dubbelrol vervulden als zonnescherm voor het dewar-vatdewarvat. Een grote zonnekap in de vorm van een afgeschuinde [[kegel (ruimtelijk figuur)|kegel]] voorkwam dat strooilicht in de telescoop terecht kwam. Als laatste was het feitelijke ruimtevoertuig met meerdere lagen [[warmte-isolatie|isolatiemateriaal]] gescheiden van de telescoop.
De waarnemingen vonden plaats met het hoofdinstrument, dat bestond uit 62 elementen met filters, en het Nederlandse DAX (Dutch Additional eXperiment) instrument met een [[spectrometer]] en [[lichtmeter|fotometer]]. Beide instrumenten werden gebruikt om te kunnen waarnemen in [[golflengte]]n van 12, 25, 60 en 100 [[micrometer (lengtemaat)|micrometer]]. Om vervuiling van de detector met [[stof (kleine deeltjes)|stof]] te voorkomen was het dewar-vat [[vacuüm]] getrokken en hermetisch afgesloten met een [[deksel]]. Enkele dagen na de lancering werd dit deksel afgeschoten en werd begonnen met het in dienst stellen van de satelliet voor waarnemingen.<br />Door het hoofdinstrument werden uiteindelijk ruim 350.000 individuele bronnen gedetecteerd, zoals [[ster (hemellichaam)|sterren]], [[sterrenstelsel]]s, [[Nevels en gaswolken|interstellair stof]] en enkele onbekende objecten met een nauwkeurigheid van 20 [[boogseconden]]. Bovendien werden enkele duizenden objecten aan een nadere inspectie onderworpen met behulp van het Nederlandse DAX instrument. De bedrijfstemperatuur van de detectoren lag op 2 K, ofwel 2 graden boven het absolute nulpunt. De waarnemingen genereerden ruim 100 [[Megabyte|megabyte (MB)]] informatie per dag, die tijdelijk werd opgeslagen op twee datarecorders aan boord van de satelliet. Eens in de twaalf uur passeerde IRAS over het grondstation in Groot-Brittannië en werd de opgeslagen data 'gedumpt', met een snelheid van 1 miljoen [[bit (informatica)|bits]] per seconde. Na de datadump werd het observatieprogramma voor de volgende 12 uren naar de satelliet gestuurd en opgeslagen in de [[computer|boordcomputer]]. IRAS verrichtte zijn [[observatie]]s dus volledig geautomatiseerd en zelfstandig.
 
Al deze maatregelen bleken zeer succesvol waardoor IRAS een gevoeligheid bereikte, die het in theorie mogelijk maakte dat de satelliet de warmtestraling van een fietslampje op 5000 [[kilometer|km]] [[afstand]] zou kunnen waarnemen.
 
De waarnemingen vonden plaats met het hoofdinstrument, dat bestond uit 62 elementen met filters, en het Nederlandse DAX-instrument (Dutch Additional eXperiment) met een [[spectrometer]] en [[lichtmeter|fotometer]]. Beide instrumenten werden gebruikt om te kunnen waarnemen op [[golflengte]]n van 12, 25, 60 en 100 [[micrometer (lengtemaat)|micrometer]]. Om vervuiling van de detector met [[stof (kleine deeltjes)|stof]] te voorkomen was het dewarvat [[vacuüm]] getrokken en hermetisch afgesloten met een deksel. Enkele dagen na de lancering werd dit deksel afgeschoten en werd begonnen met het in dienst stellen van de satelliet voor waarnemingen.
 
De waarnemingen vonden plaats met het hoofdinstrument, dat bestond uit 62 elementen met filters, en het Nederlandse DAX (Dutch Additional eXperiment) instrument met een [[spectrometer]] en [[lichtmeter|fotometer]]. Beide instrumenten werden gebruikt om te kunnen waarnemen in [[golflengte]]n van 12, 25, 60 en 100 [[micrometer (lengtemaat)|micrometer]]. Om vervuiling van de detector met [[stof (kleine deeltjes)|stof]] te voorkomen was het dewar-vat [[vacuüm]] getrokken en hermetisch afgesloten met een [[deksel]]. Enkele dagen na de lancering werd dit deksel afgeschoten en werd begonnen met het in dienst stellen van de satelliet voor waarnemingen.<br />Door het hoofdinstrument werden uiteindelijk ruim 350.000 individuele bronnen gedetecteerd, zoals [[ster (hemellichaam)|sterren]], [[sterrenstelsel]]s, [[Nevels en gaswolken|interstellair stof]] en enkele onbekende objecten, met een nauwkeurigheid van 20 [[boogseconden]]. Bovendien werden enkele duizenden objecten aan een nadere inspectie onderworpen met behulp van het Nederlandse DAX -instrument. De bedrijfstemperatuur van de detectoren lag op 2 K, ofwel 2 graden boven het absolute nulpunt. De waarnemingen genereerden ruim 100 [[Megabyte|megabyte (MB)]] informatie per dag, die tijdelijk werd opgeslagen op twee datarecorders aan boord van de satelliet. Eens in de twaalf uur passeerde IRAS over het grondstation in Groot-Brittannië en werd de opgeslagen data 'gedumpt', met een snelheid van 1 miljoen [[bit (informatica)|bits]] per seconde. Na de datadump werd het observatieprogramma voor de volgende 12 uren naar de satelliet gestuurd en opgeslagen in de [[computer|boordcomputer]]. IRAS verrichtte zijn [[observatie]]s dus volledig geautomatiseerd en zelfstandig.
 
== Baan ==
45.710

bewerkingen